Banken Nederland passeren stresstest

Nederlandse banken hebben geen extra kapitaal nodig, ook niet als de eisen aan hun financiële gezondheid worden verhoogd. Dat blijkt uit de voorlopige berekeningen die de nieuwe Europese banktoezichthouder gisteravond heeft bekendgemaakt.

Volgens de Europese Bankautoriteit (EBA) hebben banken in de eurozone in totaal ruim 106 miljard euro extra kapitaal nodig om beter bestand te zijn tegen schokken op de financiële markten. Daarvoor geldt dat banken in de toekomst over minimaal 9 procent kernkapitaal moeten beschikken. Bij de berekening van deze buffers zijn de staatsleningen van landen als Griekenland, Spanje, Portugal en Italië tegen actuele koersen gewaardeerd.

Ook bankverzekeraar SNS Reaal, die geldt als een van de zwakkere financiële instellingen in Nederland, blijkt nu al ruim voldoende gekapitaliseerd om aan de nieuwe eisen te voldoen. Banken krijgen van de EBA tot eind juni 2012 de tijd om hun balans op orde te krijgen.

Met name Spaanse banken hebben onvoldoende incasseringsvermogen. Die zouden ruim 26 miljard extra geld nodig hebben. Niet onverwacht is dat het Griekse bankwezen nog meer geld nodig heeft: 30 miljard euro. Italiaanse banken hebben bijna 15 miljard extra kapitaal nodig, Franse banken een kleine 9 miljard, Portugese banken 8 miljard en Duitse banken 5 miljard euro. Het kapitaal dat Duitse banken nodig hebben, heeft vooral betrekking op de Volksbank, die momenteel ingrijpend wordt geherstructureerd.

Britse, Finse en Luxemburgse banken voldoen net als de Nederlandse financiële instellingen nu al aan de strengere kapitaalseisen die Brussel nu oplegt.

Banken die hun gezondheid moeten verbeteren, mogen dat van de EBA niet alleen maar doen door onderdelen af te stoten, meldt de toezichthouder. Zij zullen vóór eind dit jaar bij hun lokale toezichthouders plannen moeten inleveren hoe zij hun balans denken te versterken.

De EBA verwacht dat banken dit vooral kunnen bereiken door minder winst uit te keren en de verstrekking van bonussen te matigen. De EBA waarschuwt dat versterking van het eigen vermogen alleen wordt geaccepteerd door de uitgifte van hoogwaardige effecten, zoals aandelen. Leningen met een ‘aandelenkarakter’ vallen daar niet onder.