Weigerkok

Het was zo mooi begonnen, maar op een goede dag had Henk ontdekt dat hij anders was dan anderen. Eindelijk begreep hij zichzelf. Het zat diep in hem geworteld. Nooit had hij begrepen waar de gevoelens vandaan kwamen als er vlees op tafel kwam. Met lange tanden had hij het verorberd. Als de kans zich voordeed, had hij het afgeslagen.

Nu wist hij wie hij was: een vegetariër in hart en nieren.

Allang had Henk gemijmerd over een werkend bestaan als kok. Zijn gedachten gingen uit naar prachtige en feestelijke gerechten met oude en nieuwe groenten, pasta’s en rijst – vegetarisch kok. Elke dag zou hij het goede bereiden dat de aarde levert. Het zou een mooi bestaan zijn.

Vijf jaar geleden was het zover. In de plaatselijke krant was zijn oog gevallen op een advertentie waarbij het water hem in de mond liep. De gemeente Radijshoven had besloten alleen nog vegetarische gerechten te serveren in het gemeentelijk restaurant.

Meteen had hij gesolliciteerd. De commissie was snel overtuigd van zijn enthousiasme en gedrevenheid. Hij was een vakman in hart en nieren en kon direct aan de slag.

Korte tijd later hield de gemeente Radijshoven verkiezingen. De uitslag was geen verrassing, maar had grote gevolgen. Een andere meerderheid diende zich aan. Ouderwetse politiek keerde terug. Men wilde hamburgers, kroketten en ballen in de soep. Henk respecteerde dit, maar vroeg zich wel af wat het voor hem zou betekenen. Zou hij worden gedwongen ook kalfskroketten klaar te maken, ballen te draaien en hamburgers te serveren? Vegetarisch kok wilde hij zijn, en verder niets anders. Hij moest er niet aan denken weer vleesgerechten te moeten klaarmaken.

Henk voelde zich in zijn geweten bezwaard. Dit was te veel gevraagd…

De volgende dag stapte hij naar zijn collega’s. Die kenden hem en hadden begrip voor Henk. Ze hadden hem leren waarderen als een vakman. Hierover bestond geen twijfel.

Een praktische oplossing was snel gevonden. Henk zou zich specialiseren in de gerechten die hij graag wilde. Dit kwam ook de klanten ten goede. Hier lag immers zijn kennis, zijn hart en z’n enthousiasme. Welke gast zat te wachten op iemand die met tegenzin aan het koken was? Hieruit kon toch weinig goeds voortkomen? Henks collega’s zouden de gehaktballen draaien en de kroketten bereiden. Dit was typisch Nederlands – geen problemen maken als ze niet hoeven te ontstaan, polderen, oplossingen zoeken, er samen uitkomen.

Zo gezegd, zo gedaan, totdat op een goede dag Herman plaatsnam in het restaurant. Hij wilde een vers gebraden biefstuk, well done als het zou kunnen. Herman had nog een andere wens. Het stukje vlees moest worden bereid door Henk. De meerderheid had immers beslist dat vlees weer mocht. De klant was toch koning? Dan moest iedere kok aan dat democratisch genomen besluit meewerken, of hij wilde of niet. Zo niet, dan zou hij, Herman, er werk van maken! Een ‘weigerkok’ in het restaurant van de gemeente, dat ging alle perken te buiten!

Henk wist niet wat hij hoorde. Moest uitgerekend híj hieraan meewerken? Ze wisten toch hoe hij erover dacht? Het gaat er toch niet om wie de biefstuk braadt? Genoeg collega’s waren toch wel degelijk bereid om dat biefstukje klaar te maken? Die deden dat maar wát graag, en goed. Zij hadden ook veel meer ervaring met vleesgerechten dan hij had en waren enthousiast.

Henk voelde er he-le-maal niets voor om te voldoen aan Hermans eisen. Hij stond voor z’n principes..

De affaire dreigde een dieptepunt te worden in de geschiedenis van Radijshoven, maar gelukkig was de gemeenteraad verstandiger. Die ging een kijkje nemen in het gemeentelijke restaurant en constateerde dat Herman gewoon z’n biefstukje kon eten als hij dat wilde. Ook de liefhebbers van kroketten en gehaktballen kwamen aan hun trekken. Voor hen stond de vraag centraal: krijgt de klant datgene wat hij of zij wil hebben? Dit was het geval. Hiermee was voor de gemeenteraad de kous af.

Henk en Herman leefden nog lang en gelukkig. Henk bereidde als vanouds, en tot grote tevredenheid van de bezoekers, zijn overheerlijke vegetarische hapjes. Herman kwam op zijn beurt tot de ontdekking dat de biefstuk van de collega’s van Henk voortreffelijk smaakten. Well done…

Elbert Dijkgraaf is Tweede Kamerlid voor de SGP. Hij schrijft deze wisselcolumn beurtelings met Frans Timmermans (PvdA) en Ad Koppejan (CDA).