Ingeleide bevalling: ballon beter

Het inleiden van de bevalling kan het beste met een ballonnetje gebeuren in plaats van met de gebruikelijke hormoongel die op de baarmoedermond gesmeerd wordt.

Dat blijkt uit een vergelijkend onderzoek onder 824 vrouwen in twaalf Nederlandse ziekenhuizen, waarvan de resultaten gisteren gepubliceerd zijn in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift The Lancet. Bij 20 tot 30 procent van de zwangerschappen moet de bevalling worden ingeleid als de gezondheid van moeder of kind in gevaar komt. Meestal gebeurt dat in Nederland met een gel die prostaglandines bevat. Deze hormonen zorgen ervoor dat de baarmoedermond genoeg ontsluiting heeft voor de bevalling. De stimulatie is echter lastig te doseren omdat iedere vrouw er verschillend op reageert.

De onderzoekers, onder leiding van gynaecoloog Kitty Bloemenkamp van het Leids Universitair Medisch Centrum, onderzochten daarom de werking van een ballonkatheter als alternatief. De druk van de ballon op de baarmoedermond stimuleert de productie van lichaamseigen prostaglandines. Het aantal keizersnedes in beide groepen bleek gelijk. Maar de ballon had minder bijwerkingen. „Vrouwen die met de ballon behandeld worden, krijgen geen harde buik en slapen daarom goed. De volgende morgen kunnen de vliezen gebroken worden”, zegt Bloemenkamp.

Bij de ballonbevallingen leden de vrouwen ook minder bloedverlies. „Mogelijk putten de toegediende prostaglandines de baarmoeder uit, waardoor deze niet meer goed samentrekt na de bevalling.”

Inleiden met een ballonnetje is ook nog eens veel goedkoper. „Zo’n ballonnetje kost niet meer dan 1 euro, de gel kost per keer 70 euro.” (NRC)