Franse politie in opspraak

Enkele Franse rechercheurs worden verdacht van banden in misdaadkringen. En nu is agent Squarcini in opspraak. De favoriet van Sarkozy zou Le Monde laten aftappen.

Flic. Het scheldwoord dat een geuzennaam werd, dreigt opnieuw louter een scheldwoord te worden. Met de geüniformeerde agent had de Fransman nooit een hartelijke relatie, maar de ongeschoren vrijbuiter die dag en (vooral) nacht de georganiseerde misdaad probeerde te bestrijden, kon tenminste nog op enig respect rekenen.

Die agent, die mede dankzij films als Un flic met Alain Delon of Flic ou Voyou met Jean-Paul Belmondo een held werd die ambivalente gevoelens opriep, is de afgelopen weken van zijn voetstuk gevallen. Enkele van de bekendste flics zijn zelf achter de tralies beland en dat doet het imago van de gerechtelijke politie, zoals de recherche hier heet, geen deugd.

Illegale afluisterpraktijken. Het verstrekken van drugs aan tipgevers. Het aannemen van luxereisjes en/of peperdure auto’s. Corruptie. Misbruik van overheidsgeld. Hulp bij souteneurschap en organisatie van orgieën. Inbraak. Het is bepaald geen fraai beeld dat de Fransen kregen voorgeschoteld van hun agenten.

Collega’s van de betrokkenen reageren geschokt en zeggen dat het om uitzonderingen gaat. Maar het feit dat het gaat om hooggeplaatste agenten die werden geprezen om hun vlekkeloze reputatie, doet sommigen vermoeden dat er meer aan de hand is. En bij één geval kun je nog beweren dat een agent er wordt ingeluisd door een ontevreden tipgever, bij een veelvoud wordt dat al wat moeilijker.

Begin deze maand werd Michel Neyret van zijn bed gelicht. De nummer twee van de recherche in Lyon, die model stond voor de superflic in een politiefilm die begin november verschijnt, bleek er iets te goede relaties met tipgevers uit het criminele milieu op na te houden. Neyret zit in de cel, beschuldigd van corruptie en handel in verboden middelen.

Enkele dagen later was het de beurt aan nog een grote naam: Bernard Squarcini, baas van de binnenlandse inlichtingendienst DCRI en vertrouweling van president Sarkozy, zou opdracht hebben gegeven journalisten van Le Monde af te luisteren. Ook liet hij de facturen van hun telefoonverkeer opvragen, om hun bronnen te achterhalen. Squarcini wordt beschuldigd van schending van het briefgeheim en het onrechtmatig verwerven van informatie. Hij blijkt niet de enige die graag naar de bronnen van Le Monde zoekt: deze week werd bekend dat de procureur in Marseille, Jacques Dallest, ook telefoonrekeningen liet opvragen.

De aandacht voor de inbeschuldigingstelling van Squarcini verdween al snel naar de achtergrond omdat de media de schijnwerpers alweer richtten op een andere geruchtmakende affaire: in Lille was een netwerk van luxeprostitutie ontmanteld, een bedrijfsleider en zijn vrouw werden samen met de PR-verantwoordelijke van het chique Carlton-hotel verdacht van souteneurschap. De zaak kreeg nog extra weerklank toen de naam van Dominique Strauss-Kahn opdook in de processen-verbaal.

En weer kwam een agent in opspraak: Jean-Christophe Lagarde, de nummer drie van de gerechtelijke politie in het departement Nord, en ooit een van de collega’s van Neyret in Lyon. Lagarde reisde met luxeprostituees naar DSK in Parijs en Washington. Volgens lekken uit het dossier zou de ambitieuze Lagarde dat hebben gedaan om in het gevlei te komen bij de man die toen nog grote kans maakte om de volgende president van Frankrijk te worden.

Lagarde wordt beschuldigd van souteneurschap en misbruik van overheidsmiddelen. Hij houdt vol dat hij geen enkel strafbaar feit heeft gepleegd, maar werd, in tegenstelling tot Squarcini, wel geschorst.

Ook in deze affaire kwam de binnenlandse inlichtingendienst in opspraak. De PR-verantwoordelijke van het Carlton, die werkte als tipgever voor de politie, zou meer dan goede contacten hebben onderhouden met de nummer twee van de DCRI, Frédéric Veaux. Hij zou op de hoogte zijn geweest van het netwerk. Ook andere namen van hooggeplaatsten bij de gerechtelijke politie zouden in het telefoonboekje van de PR-man staan, schrijven Franse media.

Het lijkt wat veel allemaal, in enkele weken tijd. Bij sommige politievakbonden gaan stemmen op om de regels aan te scherpen, bijvoorbeeld voor het betalen van tipgevers, of het infiltreren in misdaadmilieus. Maar daar bestaan al duidelijke regels over, opperen tegenstanders dan weer. Zij vrezen dat het werk van de rechercheur door te veel regelgeving onmogelijk wordt gemaakt. En ja, soms het lijkt het werk van een echte agent verdacht veel op dat van de flic op het witte doek, zegt Olivier Marchal, een oud-medewerker van Neyret die nu politiefilms regisseert.

Voor Charles Diaz, politiehistoricus, is het redelijk eenvoudig, vertelde hij Le Monde: „Je werkt in een cirkel, dat is je wettelijke kader. Soms zet je eens een voet buiten die cirkel, als dat nodig blijkt. Maar nooit twee.” Aan de onderzoeksrechters dus om te bepalen met hoeveel voeten Neyret, Squarcini, Lagarde en anderen buiten de cirkel stonden.

    • Dirk Vandenberghe