Camera's in de rechtszaal geven slechts problemen

Rechtszaken live uitzenden is een slecht idee, vinden Nel Ruigrok en Bernadette Kester. In de sociale media hebben burgerjournalisten hun oordeel al gauw geveld.

Volgens de commissie-Van Rooy, die de zaak-Wilders heeft geëvalueerd, is meer openheid nodig om het gezag van de rechtspraak te waarborgen. Een manier om openheid te geven, zo stelt de commissie, is het toestaan van tv-camera’s in de rechtszaal. Zij pleit zelfs voor een landelijk themakanaal waarop rechtszaken live zijn te volgen (NRC Handelsblad, 25 oktober).

Het is een misvatting te denken dat camera’s in de rechtszaal het gezag van de rechtspraak kunnen waarborgen. Hier wordt geen rekening gehouden met (semi)journalisten die de rechtszaak al twitterend becommentariëren. Vaak is nog voordat de rechtszaak aanvangt het oordeel al geveld op de sociale netwerken. Vooral burgerjournalisten en bezoekers van social media hebben weinig oog voor het wettelijke kader waarbinnen de rechtspraak geschiedt, blijkt uit onderzoek van de Nederlandse Nieuwsmonitor en de afdeling communicatie en media van de Erasmus Universiteit.

Openbaarheid en transparantie van de rechtspraak zijn belangrijke beginselen van de rechtsstaat. Het zonder meer uitzenden van processen is evenwel niet toereikend. Ten eerste is het moeilijk om de privacy te garanderen als zittingen integraal worden uitgezonden en verdachten en slachtoffers duidelijk in beeld komen. Ook is het moeilijk om een rechtszaak te volgen zonder kennis van zaken en context. Verkeerd geïnterpreteerde informatie is mogelijk nog schadelijker dan te weinig informatie. Een camera registreert, maar geeft geen commentaar of uitleg.

Bovendien is het middel ontoereikend. Juist vooral voor aanvang van een spraakmakend proces bestaat veel behoefte aan informatie. In een strafzaak kan tussen delict, arrestatie en inhoudelijke behandeling veel tijd zitten en juist in die tijd draait de geruchtenmachine op volle toeren. Op sociale media is het een sport naam, toenaam, foto en adres van verdachten te vinden. De advocaat zit al aan tafel bij Pauw & Witteman. Een officiële reactie vanuit de rechtspraak blijft meestal uit. Hierdoor staat de rechtspraak meteen op achterstand. Als rechtbanken het publiek van de nodige juridische informatie zouden voorzien, zou meer begrip ontstaan voor de positie van rechters en dus voor de rechtspraak.

Wellicht kan een proactieve houding burgers ervan doordringen dat ze allen slachtoffer kunnen worden van trial by media. De rechter moet oordelen. Een onafhankelijke rechtspraak is in ieders belang. Dat rechters steun zouden moeten zoeken bij de journalistiek, zoals de commissie voorstelt, gaat voorbij aan het feit dat deze twee partijen verschillende rollen vervullen. Ze staan eerder tegenover dan naast elkaar. Wel is het van belang dat ook de journalistiek zich rekenschap geeft van de mogelijke gevolgen van haar berichtgeving.

Nel Ruigrok is hoofd onderzoek van de Nederlandse Nieuwsmonitor. Bernadette Kester is universitair docent communicatie en media aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Een samenvatting van hun onderzoek staat op nieuwsmonitor.net