Niets aan de hand, als er genoeg geld zou zijn

Er is nog één instelling die de eurocrisis kan stoppen: de Europese Centrale Bank.

Sarkozy wil de ECB nú inschakelen. Maar Merkel wil de troef nog niet spelen.

Als Angela Merkel en Nicolas Sarkozy in Brussel zijn, logeren ze meestal niet onder één dak. Maar zaterdag, voor de Europese top, hadden ze hetzelfde hotel geboekt – in het Amigo, hartje stad, zat de Franse delegatie één verdieping lager dan de Duitse. Dat was niet toevallig.

Men zegt vaak dat Merkel en Sarkozy constant ruziën over de eurocrisis en compleet andere oplossingen willen. In werkelijkheid staan zij niet zo ver van elkaar. Dat bleek niet alleen uit hun gemeenschappelijke logeeradres. Of uit het teddybeertje dat Merkel Sarkozy cadeau gaf, voor dochtertje Giulia. Of zelfs uit het feit dat zij afgelopen weekend een goed geregisseerde persconferentie gaven.

Nee, ook hun analyses over de crisis en hoe Europa daar nog uit komt, komen redelijk overeen. Het gif, zien zij allebei, sijpelt niet alleen meer via Griekenland de eurozone in. Het Griekse probleem wordt steeds groter. Grote eurolanden als Italië raken ook besmet: beleggers vluchten weg, Italië betaalt steeds meer om geld te lenen. Daardoor zitten banken, vooral in het zuiden, met staatsobligaties die minder waard worden. Dus moet er óók meer geld in banken.

De oplossing wordt dus steeds complexer en duurder. De financiële constructies die nu worden opgetuigd zijn grotendeels een hypotheek op de toekomst en daarmee riskant. Vrijdag begonnen ministers, ambtenaren en regeringsleiders daarover te vergaderen – en ze gaan door tot woensdag of donderdag.

Dit zet de betrekkingen binnen Europa onder druk. De niet-eurolanden in de Unie van 27 klaagden gisteren dat zij zich buitengesloten voelen door de onderonsjes van de zeventien eurolanden. Sarkozy beet de Britse premier Cameron toe dat hij het „zat” was „steeds op mijn kop te krijgen” van iemand die niet eens bij de euro wil. Ook het ‘democratische tekort’ groeit: hoe complexer de akkoorden, hoe minder burgers ervan begrijpen. Zie Ruttes Kamerdebat zaterdag. „We lopen tegen de grenzen van de democratie aan”, zegt een EU-functionaris.

Hét grote probleem van ‘Merkozy’ – eens de Europese motor, nu een fiets met Merkel aan het stuur en Sarkozy achterop – is geld. Als overheden geld hadden, was er niet zo’n probleem. Maar ze hebben het niet meer. Als Sarkozy de banken staatssteun geeft, verliest zijn land de AAA-status. Dat is funest voor Sarkozy’s kansen om weer president te worden. Maar het schaadt ook Merkel: een Franse afwaardering dupeert het noodfonds EFSF, zodat alles wat het doet duurder wordt.

Iedereen weet dat er maar één instelling is die genoeg ‘vuurkracht’ heeft om de crisis te stoppen: de Europese Centrale Bank. Sarkozy wil de ECB nú inschakelen. Hij wil het noodfonds als bank registreren, zodat het – zoals andere banken – supergoedkoop kan lenen in Frankfurt. Met dat geld kan het fonds banken herkapitaliseren en Italiaanse en Spaanse staatsobligaties opkopen. Zo stop je schulden- en bankencrisis in één klap. Het lijkt bovendien niet strijdig met het Europees verdrag. De Verenigde Staten en andere G20-landen vinden het een briljant idee.

Merkel is hier, anders dan wordt beweerd, niet tegen. Maar wél tegen het automatisme waarmee de ECB dan wordt afgetapt. Zij wil tegen een land als Italië kunnen zeggen: ‘Eerst bezuinigen en hervormen, dan pas aan het ECB-infuus’. Bovendien wil scheidend ECB-president Trichet het niet. Daarom ligt Sarkozy’s ECB-plan nu op ijs en wordt er onderhandeld over extra slagkracht voor het EFSF. Daarom ook hebben Merkel en Sarkozy de Italiaanse premier Berlusconi dit weekeinde afgedroogd: ‘Bezuinigen, of anders…’

Merkel wil dat het noodfonds beslist over wie wanneer bescherming krijgt. Daarover beslissen de eurolanden woensdag. Daarna kunnen ze beslissen hoe ze banken herkapitaliseren en laten meebetalen aan Griekse leningen. Veel economen houden hun hart vast: Europa heeft de crisis eerst nogal voorzichtig aangepakt en begint nu steeds meer risico’s te nemen. Er is maar één alternatief voor deze riskante strategie: de ECB inzetten.