Met die huiswerkinstituten is helemaal niets mis

Het artikel van Ton van Haperen over huiswerkinstituten (Opinie, 17 oktober) staat bol van de onjuistheden. Hij geeft geen onderbouwing, alleen schimpscheuten. Huiswerkinstituten zouden handelen in angst. Het werk zou bestaan uit jonge studentjes die ‘werk door’ roepen en kopjes thee offreren. Wij zijn echt niet van plan het onderwijs over te nemen. Een goudmijn is zo’n instituut zeker niet, wel arbeidsintensief. Het grote geld wordt opgestreken door onderwijsbesturen.

Studiebegeleiding is een efficiënte, doelgerichte vorm van ondersteunend c.q. aanvullend onderwijs. We merken niets van lamlendigheid bij scholen, zoals Van Haperen meldt. Wel komen we lesuitval en soms onredelijke beoordelingen van leerlingen tegen. Ook worden er steeds meer eisen gesteld door onder meer passend onderwijs, schaalvergroting en taakverbreding.

Op een instituut wordt gepland, de leerlingen krijgen de rust en tijd om te studeren, hun worden vaardigheden en kennis bijgebracht en ze kunnen stof opnieuw uitgelegd krijgen, maar de leerlingen moeten het nog steeds zelf doen.

Er is de laatste tijd ook meer oog gekomen voor leer- en gedragsstoornissen. Onderwijskundigen in huiswerkinstituten hebben een praktische aanpak en helpen leerlingen om door te zetten. De resultaten bij de LVSi-instituten zijn hoog.

Bij de LVSi worden eisen gesteld aan het lidmaatschap, de vakbekwaamheid, de integriteit en de deskundigheid van een instituut. Er is een klachtenregeling. Om de kwaliteit te controleren, wordt er geballoteerd. Studiebegeleiding is zeker niet ontstaan uit ellende, bestaat allang – de LVSi bestaat al meer dan 26 jaar – en is dus niet het gevolg van lamlendigheid van scholen.

Mw.dr. Els Nelissen

Voorzitter Landelijke Vereniging voor Studiebegeleidingsinstituten (LVSi)