'Eindelijk mag ik alles hardop zeggen'

Cristina Deutekom (80) is de grootste Nederlandse coloratuursopraan ooit. Zingen doet ze al 26 jaar niet meer. In Carré eren collega’s haar met een benefietconcert.

„Eindelijk mag ik alles zeggen”, zegt Cristina Deutekom. „Maar daar moet je mee uitkijken, het klinkt snel zo kattig.” Ze lacht – dat gaat nog prima. Zingen ook. „Dat gaat haast onbewust.” Waar? Nou, op de wc, bijvoorbeeld. Verdi, Mozart, alles. Ze neuriet wat, als bewijs. „Ja, de muziek is er nog.” Praten is soms iets lastiger geworden, nadat ze in 1994 een herseninfarct had doorstaan.

Deutekom woont in een ruime flat in Amsterdam-Buitenveldert. Oude glamourportretten hangen naast een collectie porselein. Sinds ze in 1985 afscheid nam van het podium, was er nog maar één concert waarvan ze zelf het middelpunt was: het 25-jarig jubileumgala van haar impresario Pieter Alferink in 1996. Alferink vermoedde dat ze iets lichts zou zingen, operette of zo. Maar ze opperde zelf Verdi’s I Vespri Siciliani – een van haar grote rollen. Staande ovatie. Haar kleinzoons hadden haar nog nooit live horen zingen. Die moesten dus op de eerste rij van het balkon zitten.

Openbaar zingen doet Deutekom nu niet meer. Ze is 80, dat is ook de reden dat collega’s op initiatief van tv-bariton Ernst Daniël Smid haar woensdag eren met een benefietconcert. „Eigenlijk zit het niet in mijn karakter om zo in het middelpunt te staan”, zegt Deutekom. „Maar als ik er eenmaal ben, geniet ik er toch van. Dat was vroeger net zo.”

Cristina Deutekom nam, mede door gezondheidsproblemen, al op haar 54ste afscheid van het podium. Haar eigen jubileum als gepensioneerd zanger heeft ze er dus ook al opzitten. „Ik vond en vind het fijn dat ik uitgezongen ben”, zegt ze. „Ik heb alles gegeven. Wat moet je dan nog meer? Het was ook niet leuk meer, het voelde niet meer goed. Al die jongere collega’s, die keken dan zo naar me van... Nou ja. En denk maar niet dat ze wat van je aannemen. Tijdens lessen, één op één, dán wel. Maar niet tijdens een productie, als collega’s onder elkaar.”

Tijdens een engagement in Spanje belde haar echtgenoot impresario Alferink dus op. Cristina wilde niet meer. Drie seizoenen aan boekingen moesten worden afgezegd: een fikse financiële strop. Deutekom: „Dus dat wilde Alferink toch uit de mond van Stientje zelf horen. Maar ik wilde echt niet meer. Toen heb ik als troost een trui voor hem gebreid.”

Alferink: „Ja, die draag ik nog.”

Echtgenoot Jacob schetst het alternatief; blijven zingen, steeds kleinere rolletjes. Een ster die uitdooft. Deutekom kijkt vies. „Èh! Het Heintje Davidseffect!”

Deutekom zong met vrijwel alle grote tenoren. Pavarotti, Domingo, Carreras, Krauss, Tucker, Gedda. Deutekom: „Gedda was de leukste. En Alfredo Kraus! Ik was dol op hem. Die deed altijd zo lekker gewoon. Maar de allerleukste was Adriaan van Limpt (1935-1997). Werken met hem was een vreugd.” Ze schiet vol. „Met bariton Pieter van den Berg heb ik dat ook. Die leeft gelukkig nog wel. Altijd als ik hem zie, is het alsof er een broer binnenkomt.”

Met sterren als Pavarotti, Domingo of Carreras was het contact nooit zo intens, zegt ze. Die waren voor en na voorstellingen nooit zo aanwezig. „Ik was er juist altijd vroeg. Ik wilde rustig in de sfeer komen.” Boterhammen met kaas nam ze van huis mee. Ze lacht, ook daarin was ze wel heel anders dan Pavarotti. „Die at zelfs in de pauze even snel een bord spaghetti. Of soep.”

Haar grootste en meest beroemde rol was die van Koningin van de Nacht in Mozarts Zauberflöte – een rol die ze zong aan veel grote huizen, van Amsterdam tot de Met in New York. Nog steeds is het onmogelijk om niet verbijsterd te worden door de feilloze trefzekerheid en mitrailleurkracht van haar coloraturen (terug te horen op YouTube). „Maar het was absoluut niet mijn favoriete rol”, zegt ze. „Nee, dan Lucia di Lammermoor, I Puritani, of Medea, heerlijk!”

Lied, oratorium, Wagner – het kwam er niet zo van. De rollen die ze wel zong, bleef ze ‘opfrissen’ met een stempedagoog. „Nee, dat was zeker niet uit onzekerheid”, zegt ze, fel opeens. „Ik wilde gewoon dat het goed zat. Ik ben ook tot het allerlaatst zelf blijven lessen bij Coby Riemersma. Die tikte voortdurend af, en zei dan wat eraan mankeerde. Dat was meestal om de tekst. ‘Wat bedoel je nou toch?’, zei ze dan. Daar ben ik later, toen ik zelf les ging geven, ook altijd streng op gebleven.”

Jonge zangers observeert ze met liefde. Op tv zag ze pas Eva-Maria Westbroek, ook een oud-leerlinge die voor haar komt zingen. „Ze moet niet te snel te veel willen, denk ik. Mijn advies is altijd: blijf dicht bij jezelf. Onder collega’s waardeerde ik altijd erg de zangers die eerst mens, dan pas zanger waren.” En als ze misschoen toch iets mag zeggen over de jonge generatie? „Ik vind wel dat ze te weinig les nemen tegenwoordig.”

Impresario Alferink: „Weet je nog die ene tenor? Tijdens een duet stopte hij niet na het afgesproken seintje, maar hield de slotnoot in zijn eentje langer aan – om de show te stelen.”

Deutekom: „Dat heeft hij geweten. De keer erna kwam hij niet meer aan bod, daar heb ik voor gezorgd!”

Gala Cristina Deutekom 80, 26 okt, Theater Carré Amsterdam, 20 uur. Info/res.: www.carre.nl