Deze dieren worden bij wet beschermd. Nu nog wel

Een nieuwe natuurwet van het kabinet stuit op hevige weerstand. Alleen plant- en diersoorten die Europees van belang zijn, worden nog beschermd.

Neem de das. Jarenlang is geprobeerd de das, in aantal dramatisch afgenomen, weer in het landschap te krijgen. Er zijn nu vijfduizend dassen in Nederland. En wat doet nu het kabinet? Het houdt op de das te beschermen.

„De wet is de uitdrukking van de desinteresse voor natuurbescherming”, zegt Kees de Pater van Vogelbescherming Nederland. „Wat in financiële zin op natuur wordt bezuinigd, is nu ook in een wet gegoten.”

Staatssecretaris Bleker (Natuur, CDA) stuurde enkele weken geleden een wetsvoorstel de wereld in waarover iedereen tot half november mag meepraten. Daarna wil Bleker de Wet Natuur naar de Tweede Kamer sturen. De wet moet de opvolger worden van drie natuurwetten: de Flora- en faunawet, de Natuurbeschermingswet en de Boswet.

Een belangrijk argument voor het maken van de wet is volgens Bleker dat de economie lijdt onder de vele natuurwetten. Internationale en Europese wetten zijn steeds belangrijker geworden en nationale bescherming maken die regels nodeloos ingewikkeld. „Nauwkeurige aansluiting bij de internationale verplichtingen verzekert voor de natuurwaarden in Nederland over het algemeen een adequaat beschermingsniveau en bevordert een gelijk speelveld voor Nederlandse ondernemingen”, aldus de wet.

Het kabinet wil, ruw gezegd, alleen nog natuur beschermen als dat van Europa moet. „Een absurde redenering”, vindt voorzitter Jaap Dirkmaat van actiegroep Das & Boom. Volgens hem beschermt Nederland straks alleen dieren en planten waarmee het in Europa gemiddeld genomen slecht gaat. „Dus als er nog een paar vuursalamanders in Limburg zitten, dan mogen die gerust verrekken want er zitten er elders in Europa nog genoeg. Ach, het is gewoon een excuus om niks te hoeven beschermen. Alles wat wereldwijd of Europees niet op uitsterven staat, daar hebben we schijt aan. Orchideeën? Spit maar uit.”

Ook hoogleraren hebben kritiek en vragen zich af hoe ze de wet ooit kunnen uitleggen. „Niet uit te leggen aan studenten die wij juist vertellen dat de Europese natuurwetgeving niet is bedoeld om het nationale recht geheel te vervangen: het gaat vooral om die zaken die beter op bovennationaal niveau geregeld kunnen worden. Aanvullend nationaal natuurbeschermingsrecht blijft noodzakelijk om natuurwaarden goed te beschermen. Door dat aanvullende recht te schrappen maakt Bleker van Nederland een achterblijver op het gebied van natuurbeleid”, schrijven Kees Bastmeijer, hoogleraar natuurbeschermingsrecht aan de Universiteit van Tilburg en Chris Backes, hoogleraar bestuursrecht aan de Universiteit van Maastricht.

Er mag op meer diersoorten worden gejaagd. Niet op vijf maar op twaalf soorten. Niet alleen op wilde eend, fazant, haas, konijn en houtduif. Maar ook op smient, grauwe gans, ree, edelhert, wild zwijn, kolgans en damhert. De patrijs vervalt want „de patrijs bevindt zich niet in een gunstige staat van instandhouding”, aldus het wetsvoorstel. De Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging is „gematigd positief”, aldus een woordvoerder. „Er komen meer soorten op de lijst. Dat geeft jagers en grondeigenaren de mogelijkheid om meer zelfstandig, zonder administratieve rompslomp, te bepalen hoe veel wild er moet worden afgeschoten.” De jagers verwachten niet dat er straks ineens veel meer wordt geschoten. „Een jager heeft de wettelijke plicht om te zorgen voor biodiversiteit en voor een goede wildstand. Dus als hij in het voorjaar een bepaald aantal hazen telt, schiet hij er in het najaar niet meer af dan er in de zomer zijn bijgekomen”, aldus een woordvoerder.

Staatsbosbeheer durft daar niet op te vertrouwen. „Hoe langer de lijst van te bejagen wild, des te groter de kans dat een jager per ongeluk ook een beschermde soort treft. Niet alle jagers kunnen soorten precies onderscheiden”, zegt woordvoerder Joke Bijl van Staatsbosbeheer. De boswachters stellen vast dat de natuurbescherming „beduidend minder” wordt door deze wet, en dat is „een punt van zorg”. Woordvoerder Bijl: „In de jaren zeventig van de vorige eeuw had je de leus natuurbehoud is zelfbehoud. Deze wet ademt iets anders: natuur mag, maar onder bepaalde voorwaarden. De wet is heel erg vanuit de mens gedacht.” Staatsbosbeheer vindt dat er een „balans” moet zijn tussen ecologie en economie, maar ook dat de natuur een „intrinsieke waarde” heeft, los van het nut van de natuur voor de mens. In een „werkelijk beschaafde natuur” mag een nachtegaal bestaan, „ook als je hem niet eens hoort”, schreef filosoof Matthijs Schouten van Staatsbosbeheer.

Strikte bescherming geldt voortaan alleen nog voor alle zevenhonderd vogelsoorten en honderd andere plant- en diersoorten, zoals Europa voorschrijft. Andere soorten, hoe kwetsbaar ook maar waarvan de populaties niet worden bedreigd, worden alleen nog beschermd door het „basale verbod om te doden”. Zoals de das, het dier waarvoor Dirkmaats actiegroep Das & Boom ooit werd opgericht en waarvoor de afgelopen decennia talloze succesvolle beschermingsmaatregelen zijn getroffen, zoals tunnels onder snelwegen. Dirkmaat: „Als een boer straks last heeft van een dassenburcht, dan mag hij die gewoon opspitten of er gier in laten lopen. Je mag de das niet doden, maar dat gebeurt vanzelf als je die burchten vernielt. Deze dieren leven eeuwenlang op dezelfde burcht, ze raken ontheemd en zijn dan reddeloos verloren.”

Ook natuurgebieden die niet onder Europese regels vallen, hoeven niet meer op bescherming door het Rijk te rekenen. Over dat laatste is vooral Vereniging Natuurmonumenten boos. Volgens de nieuwe wet zijn er 66 gebieden van gezamenlijk 3.400 hectare die vooral om landschappelijke redenen zijn beschermd. Om het „natuurschoon”, dat bestaat uit stilte, weidsheid, ongereptheid, nachtelijk duister. De natuur zelf is volgens Bleker niet zo waardevol dat die onder Europese bescherming valt. „Unieke natuurgebieden bijvoorbeeld in het Groene Hart verliezen hun wettelijk beschermde status”, aldus Natuurmonumenten. „Het wetsontwerp bevestigt onze indruk dat natuur een bijzaak is voor dit kabinet.’’

Actievoerder Jaap Dirkmaat: „Dit kabinet redeneert dat zoiets als ongereptheid geen reden is om natuur te beschermen. Terwijl zulke begrippen juist zijn geïntroduceerd omdat, anders dan in de rest van Europa, er nog maar zo weinig ongerepte natuur in Nederland bestaat.”