Berlusconi, bezuinig nu eens

Italië is een van de zes lidstaten die aan de wieg hebben gestaan van het instituut dat tot de Europese Unie van 27 landen is uitgegroeid. Des te pijnlijker is het dat premier Berlusconi zondag ostentatief op zijn plaats werd gezet door twee andere oprichters die het binnen de EU grotendeels voor het zeggen hebben: Duitsland en Frankrijk. La dolce vita is niet gratis en zeker niet op andermans kosten vol te houden, dus gaven de Duitse bondskanselier Angela Merkel en de Franse president Nicolas Sarkozy de Italiaanse regeringsleider achter gesloten deuren verbaal en, op een persconferentie, in lichaamstaal een boodschap mee die niet mis te verstaan is: Berlusconi, bezuinig nu eens, en hervorm. Snel, graag.

Anders dan Griekenland of Portugal is euroland Italië te groot om te laten vallen, heet het. Maar de realiteit is dat de financiële markten steeds minder vertrouwen hebben in de derde, maar stagnerende economie van de eurozone, een land dat behoort tot de G20 en zelfs tot de G7. Maar ook een land met een staatsschuld van 120 procent (19 miljard euro), tweemaal zo hoog als de regels van het Groei- en Stabiliteitspact voorschrijven.

Berlusconi, met ijzeren regelmaat verwikkeld in seks- en andere schandalen, is een premier die niet alleen in eigen land omstreden is, maar ook door buitenlandse regeringsleiders met dedain wordt bekeken. Veelzeggend is een bewering in de Financial Times vandaag dat Merkel vorige week de Italiaanse president Giorgio Napolitano heeft gebeld, met de vraag of Berlusconi wel de juiste man was om de maatregelen te nemen dit op dit moment noodzakelijk zijn.

Eerder dit jaar dicteerde de Europese Centrale Bank als voorwaarde voor steun aan Italië een serie maatregelen, die overigens nog altijd moeten worden getroffen. Berlusconi is niet het enige probleem, ook zijn coalitiegenoot Umberto Bossi van de Lega Nord ligt dwars, in het bijzonder bij de hervorming van het pensioensysteem, zoals de verhoging van de pensioenleeftijd naar 67 jaar.

Italianen kunnen zich beledigd voelen door zoveel buitenlandse inmenging met hun binnenlandse aangelegenheden en door het misprijzen dat hun premier, die ze tenslotte al die jaren in het zadel hebben gehouden, ten deel valt. Maar dit is niet de tijd om aan dergelijk ongerief veel aandacht te geven. De Italiaanse regering kan haar energie beter besteden aan het nakomen van een toezegging die premier Berlusconi heeft gedaan. Dat er bij de voortgezette Europese top van morgen een plan op tafel ligt dat de economie van Italië op gang brengt en het land, met zijn hoge jeugdwerkloosheid, weer perspectief biedt. En dat plan moet dan óók nog worden uitgevoerd.