Graag wat geduld met de Arabische Lente

Het Westen wil zekerheid over de uitkomst van de Arabische Lente. Paul Aarts en Farid Boussaid geven drie geboden voor politici.

Voor zowel buitenstaanders als de bevolking zelf is de situatie in landen als Egypte, Libië en Tunesië chaotisch en onzeker. Beleidsmakers in het Westen hebben een beperkte tolerantie voor onzekerheid en twijfelen hoe ze moeten omgaan met de nieuwe situatie. De kans dat stabiliteit de voorkeur krijgt boven een onzekere overgang naar democratie is begrijpelijk, maar niet wenselijk, zeker niet op de lange termijn. Om de verleiding te weerstaan stabiliteit boven alles te plaatsen, is het belangrijk dat de buitenwereld deze geboden in acht neemt.

Richt je op institutionele veranderingen, niet op de poppetjes. Zeker in Egypte en in mindere mate ook in Tunesië is er vooralsnog geen sprake van regime change, hooguit van change within the regime. De buitenwereld doet er goed aan om steun te verlenen aan initiatieven die via verkiezingen de overdracht van macht garanderen. De Tunesische verkiezingen van gisteren voor een grondwetgevende raad zijn in dat opzicht een goede stap. Bliksembezoeken en fotosessies met nieuwe leiders versterken daarentegen het idee dat er weer wordt gezocht naar een nieuwe sterke man.

Ga niet mee in de roep om snelle parlementsverkiezingen. In de hoop spoedig een stabiele situatie te creëren is de roep om snelle verkiezingen begrijpelijk, maar te snelle verkiezingen kunnen leiden tot schijnstabiliteit. Juist aanhangers van het oude regime kunnen een ander jasje aantrekken en zich sneller hergroeperen dan dissidenten die terugkeren na decennialange afwezigheid. Die hebben tijd nodig om het politieke kapitaal te gebruiken dat ze hebben opgebouwd door hun jarenlange strijd. Deze tijd is nodig om een politieke organisatie op te zetten en de strijd aan te gaan met andere krachten in de samenleving. Opteren voor snelle verkiezingen betekent in de praktijk dat de campagne zal gaan tussen elementen van het voormalige regime en de politieke bewegingen die hun organisatie clandestien draaiende hebben weten te houden. De tekenen wijzen erop dat dit laatste alleen is gelukt bij de Moslimbroederschap in Egypte en Ennahda in Tunesië. We hoeven overigens niet bang te zijn voor deze partijen. In de afgelopen jaren zijn ze danig veranderd van karakter.

Houd in de gaten dat economie net zo belangrijk is als politiek, zo niet belangrijker. Onvrede over politieke onvrijheden gecombineerd met toenemende economische zorgen dreven mensen de straat op. Recente opiniepeilingen tonen aan dat sociaal-economische factoren in Tunesië veel belangrijker waren dan politieke. Volgens de minister van Arbeid zal eind dit jaar een vijfde van de beroepsbevolking werkloos zijn.

De revoluties hebben geleid tot minder buitenlandse investeringen en het wegblijven van toeristen, een belangrijke inkomstenbron voor Tunesië en Egypte. Recentelijk raamde consultancybedrijf Geopolicity de kosten op 56 miljard dollar voor de landen die te maken hebben met protesten en omwentelingen.

De problemen waarmee Europa en de Verenigde Staten kampen, verbleken bij de uitdagingen waarvoor de nieuwe regeringen in Noord-Afrika staan. In deze regio zijn volgens internationale instellingen in 2020 niet minder dan 30 tot 50 miljoen banen nodig om in de pas te blijven met de bevolkingsgroei. Het al lage aandeel van de industrie in het bruto binnenlands product is lager dan in 1970. De werkloosheid in de niet-olieproducerende landen is hoger dan in de dramatische jaren tachtig, vooral onder jongeren en vrouwen. Het aandeel van de staat in de economie is kleiner geworden, zonder dat de private sector dit gat opvult, gezien de laagste groei van private investeringen in de wereld.

Het receptenboek van neoliberaal beleid heeft om diverse redenen niet gewerkt. De conclusie trekken dat dit soort beleid juist nu rigoureus moet worden doorgevoerd, is onverstandig. Een shocktherapie in een instabiele omgeving kan leiden tot ‘Russische toestanden’, met als resultaat een façadedemocratie en een economie gedomineerd door oligarchen. Loze beloften over economische hulp, die er waarschijnlijk toch niet komt, leiden tot desillusies. Beter is het om agrarische producten meer toegang te verlenen tot de westerse markten (voor de EU een bijna onneembare barrière, gezien de macht van de landbouwlobby!).

Hoe de regio in 2020 eruitziet, hangt niet alleen af van de mensen daar, maar zeker ook van de manier waarop de buitenwacht omgaat met de nieuwe situatie. Gezien de vaak hypocriete houding van het Westen in het prefereren van stabiliteit boven democratie past een zekere mate van terughoudendheid plus minder paternalisme en wishful thinking.

De komende jaren moeten we eerder rekenen op tegenslagen dan op voorspoed, maar de aanvechting om in te grijpen moet worden genegeerd. Het is zaak om op gepaste afstand de landen te steunen in hun zoektocht naar een opener bestel, een bestel dat voortbouwt op de aspiraties van de demonstranten en dat is geworteld in de cultuur en de geschiedenis van deze samenlevingen.

Paul Aarts doceert internationale betrekkingen aan de Universiteit van Amsterdam. Farid Boussaid is als promovendus verbonden aan de Universiteit van Oxford.