Vastgoedinvesteerder Van Herk eist 325 miljoen euro van Turkije

De Rotterdamse zakenman Aat van Herk claimt een schadevergoeding van minimaal 325 miljoen euro van Turkije voor het frustreren van een omvangrijk vastgoedproject in Istanbul. De vastgoedinvesteerder acht premier Erdogan en diens minister van Europese Zaken, Egemen Bagis, persoonlijk betrokken bij de zaak.

Dat blijkt uit het verzoekschrift dat Van Herk bij het internationale geschilleninstituut van bedrijven versus nationale staten in Washington ICSID heeft ingediend. Een arbitraal vonnis kan inhouden de verplichting om een buitenlandse investeerder schadeloos te stellen. De uitspraken zijn bindend.

Van Herk roerde zich de laatste jaren als actieve belegger in kleine beursfondsen, zoals Reesink en Crucell. Zijn vermogen wordt door zakenblad Quote op 600 miljoen euro geschat. In augustus 2006 tekende Van Herk samen met zakenpartner Meyer Benitah een contract met het Turkse bureau voor woningontwikkeling Toki, onderdeel van het ministerie van Algemene Zaken in Ankara. Doel was een omvangrijke investering in verschillende vastgoedprojecten in Turkije, waaronder de bouw van grote appartementencomplex en bedrijvencentra in Istanbul en Ankara. De interesse om te investeren in Turks vastgoed was aangewakkerd door de nauwe betrokkenheid van prominente functionarissen, zoals de burgemeester van Ankara en Egemen Bagis, destijds de rechterhand van premier Erdogan.

Met een groot woningbouwproject 35 kilometer ten westen van Istanbul liep het mis nadat het contract hiervoor op 3 augustus 2006 was getekend. Volgens Van Herk kwam dit Ispartakule III-project stil te liggen omdat er bestemmingsplanbezwaren waren ingediend. Deze procedures liepen al toen het contract met Van Herk werd ondertekend, maar waren volgens hem niet door de Turkse autoriteiten gemeld. „Als zij de juiste gang van zaken hadden geweten”, schrijven zijn advocaten, „dan had de Van Herk Groep noch meneer Benitah de investering gedaan.” Later werd hetzelfde project gegund aan een Turks bouwbedrijf dat „hechte banden” heeft met de overheidsinstantie Toki, waarmee Van Herk zaken had gedaan.

Van Herk en Benitah, die hun Turkse belangen hadden ondergebracht in de Nederlandse ontwikkelingsmaatschappij Tulip, schatten de schade van het mislopen van het project op ten minste 450 miljoen dollar (325 miljoen euro). Van Herk noch de Turkse ambassade wilde inhoudelijk reageren op het arbitrageverzoek.