Tunesië doet het goed

Op 23 oktober worden in Tunesië voor het eerst vrije verkiezingen gehouden. Men gaat stemmen voor een ‘grondwetgevende vergadering’, maar vooral voor politieke partijen. Dit is een opmerkelijke mijlpaal voor de Arabische regio. Als EU-Ambassadeur heb ik het land dit jaar zien veranderen van een vastgeroeste dictatuur tot een redelijk vrije en open maatschappij.

Sinds de revolutie in januari hebben de Tunesiërs onafgebroken gewerkt aan hervormingen in het rechtsbestel, de wetten voor vrije vereniging en politieke partijen, media en met de aanpak van corruptie. Kranten en online media ontwikkelen zich in een rap tempo.

Prof. Ahmed Driss waarschuwde in september in NRC voor de groeiende invloed van ‘islamisten’. De vrijheid van geloofsbetuiging is nieuw in Tunesië en het debat over de betekenis van de islam in de maatschappij is er levendig. Men zoekt een nieuwe identiteit. Een deel ziet de politieke islam als een kans op een conservatiever landsbestuur. Een kleine groep gedraagt zich daarbij zelfs misdadig, maar die wordt direct aangepakt. De Tunesiërs ondergaan de groeiende invloed van de politieke islam niet passief. De herwonnen religieuze vrijheid mag voor hen niet leiden tot inperking van andere vrijheden.

De aanstaande verkiezingen in Tunesië moeten een voorbeeld van vrijheid en democratie worden voor de gehele regio. De EU ondersteunt een democratisch Tunesië dat de mensenrechten en de rechtsstaat respecteert, een stabiele democratie in Tunesië is ook ons belang en een garantie voor veiligheid en rust aan onze eigen buitengrenzen.

Adrianus Koetsenruijter

Ambassadeur EU Delegatie Tunesië