Rugbyfinale gaat over trauma's en kernproeven

Zondagochtend moet Nieuw-Zeeland zijn trots weer terug krijgen, vierentwintig jaar na de eerste wereldtitel van de All Blacks. Tegen Frankrijk, het land dat de bron is van een paar nationale trauma’s.

De All Blacks tegen Les Bleus. Zwart tegen blauw. Natuurlijk wint de ervaren Nieuw-Zeelandse ploeg zondagmorgen de WK-finale. Net als in 1987, toen het gastland in de allereerste WK-finale zijn enige wereldtitel behaalde nadat het de vloer had aangeveegd met Frankrijk (29-9). Ook in Auckland.

De 4,4 miljoen Nieuw-Zeelanders zijn optimistisch. Maar toch knaagt het zelfs bij hen, ergens in het achterhoofd. Het is wel Frankrijk, verantwoordelijk voor een paar nationale trauma’s die diep geworteld zijn in de Nieuw-Zeelandse psyche. Noem in een rugbykroeg in Auckland ‘Twickenham 1999’, en de Nieuw-Zeelandse magen draaien om. Of ‘Cardiff 2007’. Alleen al daarom zal de haka, de traditionele krijgsdans van de Maori, zondag met meer passie worden uitgevoerd dan ooit tevoren op Eden Park, het bastion van de All Blacks in Auckland.

Als de geschiedenis van het WK rugby één klassieker kent, dan is het deze ontmoeting. De één onoverwinnelijk, de ander volkomen onvoorspelbaar en soms briljant. Die halve finale op Twickenham staat nog altijd bekend de moeder van alle comebacks – misschien wel het mooiste rugbyduel ooit. Voor de Fransen. Op de automatische piloot stevende Nieuw-Zeeland, onomstreden leider van de rugbywereld, af op de finale: 24-10 in de tweede helft, dankzij twee tries van Jonah Lomu.

Hoe het gebeurde weten de All Blacks nog steeds niet, maar de Fransen wonnen met 43-31, dankzij 28 punten en een full house van Christophe Lamaison: een try, een conversie, een penalty en een dropgoal.

De onderlinge confrontaties gaan terug tot 1906, toen Nieuw-Zeeland in Parijs voor het eerst rugbyles kwam geven: 38-8. De Fransen stralen nooit de klasse uit van de onverzettelijke Zuid-Afrikanen of van de behendige Wallabies. Maar hun fameuze grilligheid maakte de Fransen de afgelopen decennia tot een ware Angstgegner. Zoals vier jaar geleden in de kwartfinale in Cardiff, toen Les Bleus met een niet voor mogelijk gehouden zege (20-18) terugkeerden naar Parijs.

De animositeit tussen beide landen wordt gevoed door een pijnlijk politiek incident. Nieuw-Zeeland was altijd één van de felste tegenstanders van de Franse kernproeven op Mururoa, het Polynesische atol dat jarenlang dienst deed als nucleaire proeftuin. De onderlinge spanningen bereikten een dieptepunt in 1985, toen de Franse geheime dienst de Rainbow Warrior tot zinken bracht, midden in de haven van Auckland. Met dat vlaggenschip voerde Greenpeace destijds actie tegen de kernproeven. Bij de aanslag verdronk de Nederlandse fotograaf Fernando Pereira. De relaties tussen beide landen stonden lange tijd onder druk. De Nieuw-Zeelandse rugbyer Josh Kronfeld uitte eens zijn ongenoegen met een ban-de-bom-embleem op zijn helm tijdens een duel tegen Frankrijk.

Zondagochtend (Nederlandse tijd) moet Nieuw-Zeeland zijn trots terugkrijgen, vierentwintig jaar na de eerste wereldtitel van de All Blacks. Elke keer dat Webb Ellis Cup aan hun neus voorbij ging, groeide het cynisme. Altijd waren ze de besten, maar elke keer kwam er iets tussen. Blessures, onderschatting, overschatting, interne spanningen. Of een plotselinge Franse wervelwind die niemand had zien aankomen.

Maar ondanks de nare herinneringen gelooft vrijwel niemand in Nieuw-Zeeland in een nieuwe stunt van de Fransen. Of, beter gezegd: de rugbygekke natie vindt dat het WK maar één winnaar verdient. In de New Zealand Herald werd Frankrijk de afgelopen dagen afgeschilderd als een „belediging” voor de WK-finale, zo zwak presenteerde de ploeg zich in de voorbije weken, met als dieptepunt een beschamend verlies tegen Tonga. Ook in de groepswedstrijd tegen Nieuw-Zeeland, vorige maand, werden de Fransen als schooljongens van het veld gejaagd: 37-17.

„De All Blacks zouden de finale met dertig of veertig punten verschil moeten winnen, want de Franse ploeg is een schande”, zei zelfs een Australische rugbyjournalist, Greg Growden, deze week.

Vandaar dat in Auckland de voorbereidingen voor een grootse huldiging de afgelopen dagen al in volle gang waren. Deze zelfverzekerde houding is waarop de Fransen hun hoop vestigen. Ook in 2007 werden ze kansloos geacht tegen de zwarte vechtmachine, nadat Les Bleus eerder dat jaar twee keer een geweldig pak slaag hadden gekregen: 42-11 en 61-10. En toch liepen de All Blacks op het WK in het Franse mes. „Die wedstrijd heeft een aantal mensen veel pijn bezorgd”, weet de Nieuw-Zeelandse coach Graham Henry, die destijds al de technische leiding had.

Ook al vinden sommigen de Fransen nog zo zwak, de Kiwi’s zijn er niet helemaal gerust op, blijkt uit een enquête. Meer dan de helft van de respondenten heeft vertrouwen in de All Blacks, maar is niet gerust op het resultaat. Want het blijft Frankrijk.