'Morfologische oerknal' bestaat niet

Goral / Nemorhaedus caudatus. Ussuriland, der Ferne Osten Russlands ullstein bild

De hypothese dat de uiteenlopende lichaamsvormen van zoogdieren in heel korte tijd zijn ontstaan, is onjuist. Het idee bestond dat zoogdieren na het uitsterven van veel dinosauriërs (65 miljoen jaar geleden) snel van grootte en vorm veranderden om de vrijgekomen niches te bezetten. Toen die ecologische ruimte eenmaal was herverdeeld, zou de zoogdierevolutie langzaam hebben voortgekabbeld.

Uit een analyse van het lichaamsgewicht van meer dan 3.000 verschillende zoogdiersoorten blijkt nu dat dat beeld niet klopt (Nature, 20 oktober). Amerikaanse biologen combineerden die gegevens met de zoogdierstamboom. Zij rekenden uit hoe snel moderne zoogdieren en hun voorouders van grootte moeten zijn veranderd. Ze ontdekten dat er in plaats van één ‘morfologische oerknal’ voortdurend kleinere groei- en krimpspurten plaats hebben gevonden.

Die spurten zijn verspreid over de hele zoogdierstamboom. Zo is de muskusos (Ovibus moschatus) veel groter dan zijn nauwste verwanten, de gorals (Naemorhedus). Ze verschillen ongeveer 250 kilo in lichaamsgewicht. Ook de grote katten, mensapen en baleinwalvissen kenden perioden van drastische veranderingen. De sprintkampioenen van de evolutie zijn de Tasmaanse duivels (Sarcophilus harrisii). Zij evolueerden in een tempo dat 52 keer hoger ligt dan gemiddeld.

Gemiddeld bezien is de mate van verandering onder zoogdieren al 90 miljoen jaar constant. Die wordt niet minder. Ecologische niches blijven dus een bewegend doelwit.

Ook bleek dat soortvorming niet gekoppeld is aan morfologische veranderingen. Het evolutietempo van de laatste gemeenschappelijke voorouder van vleermuizen was bijvoorbeeld veel hoger dan in vleermuizen van nu. Toen de vleermuisvoorouder (of dat een carnivoor of hoefdier was, weten we niet) eenmaal de proporties van een moderne vleermuis had bereikt, schakelde de evolutie een tandje terug. Toch zijn er sindsdien nog duizend verschillende vleermuissoorten ontstaan.

De biologen sluiten hun artikel af met de conclusie dat de lichaamsvorm van ieder zoogdier snel kan veranderen als gevolg van natuurlijke selectie, of het nu om olifanten, walvissen of knaagdieren gaat.

Lucas Brouwers