Hoe agent 'Conrad' Gilad Shalit vrij kreeg

De vrijlating deze week van de Israëlische soldaat Gilad Shalit is in Berlijn met meer dan gemiddelde belangstelling gevolgd. Heel de wereld keek naar de gevangenenruil in het Midden-Oosten; de Duitse politiek keek even naar zichzelf. Want Duitsland speelde een niet onbelangrijke rol, bij de onderhandelingen over de vrijlating. Waarmee het perspectief kantelde: Berlijn kon een internationale gebeurtenis waarnemen vanuit de eigen betrokkenheid.

Officieel is weinig bekend over de Duitse inzet voor de joodse soldaat. Bondskanselier Angela Merkel prees Egypte en Turkije voor hun betrokkenheid. De Israëlische president Peres prees op zijn beurt Duitsland en bedankte Merkel. Op de website van de Duitse regering staat droogjes: „Hij [Peres] bedankte ook de Duitse bemiddelaar persoonlijk voor diens hulp”.

De Duitse autoriteiten willen het graag bij deze kalme, officiële mededeling laten. Maar officieus is de opwinding groot. Achter de schermen gaat in Berlijn het volgende, onbevestigde maar plausibele verhaal: Een medewerker van de Bundesnachrichtendienst (BND), heeft samen met de Egyptische geheime dienst succesvol onderhandeld over Shalits vrijlating. De onderhandelingen werden gevoerd met Hamas, de militante Palestijnse organisatie die Shalit in de zomer van 2006 vermoedelijk liet ontvoeren. De BND-agent heet Gerhard Conrad, maar dat hoeft niet zijn eigen naam te zijn. Conrad was lang voor de Duitse geheime dienst gestationeerd in Damascus. Hij is een gepromoveerde islamwetenschapper en spreekt vloeiend Arabisch.

Al begin dit jaar zou een akkoord tussen Israël en Hamas, tot stand gebracht door Egypte met op de achtergrond Conrad, in kannen en kruiken zijn geweest. Maar toen kwam de Arabische revolutie en moest de leiding van de Egyptische inlichtingendienst halsoverkop aftreden. Alles leek op losse schroeven te staan. Op dat moment werd Conrad belangrijk. Hij hield de gesprekken met Hamas gaande „met engelengeduld”, zoals het in Berlijn heet. Later dit voorjaar kwamen de Egyptische autoriteiten weer in beeld, die het initiatief van deze „onderaannemer van Kairo” ( Die Welt) overnamen.

Het is niet voor het eerst dat Conrad namens Duitsland in het Midden-Oosten bemiddelt, zo gaat het verhaal verder. In 2004 was hij betrokken bij een deal over de lijken van drie gedode Israëlische soldaten, die geruild werden tegen een dertigtal strijders van de radicaal-islamitische beweging Hezbollah.

Duitsland en Israël zijn bondgenoten. De Bondsrepubliek heeft de historische plicht op zich genomen om de joodse staat waar mogelijk te steunen. De Holocaust kan nooit worden goedgemaakt, maar het minste dat het moderne Duitsland kan doen, is trouw en loyaliteit aan Israël tonen. Kanselier Merkel heeft er, meer dan haar voorgangers, nooit een geheim van gemaakt: het lot van Israël is het lot van Duitsland.

Wat Gerhard Conrad precies namens Duitsland heeft gedaan en hoe zijn rol moet worden gewogen, is nog niet helemaal duidelijk. De Egyptische bemiddeling is zonder twijfel belangrijker geweest. Maar het expliciete bedankje van president Peres aan het adres van de Duitse bemiddelaar spreekt boekdelen.

Joost van der Vaart