Turkije: wraak PKK

Gisteren zouden 21 PKK-strijders zijn gedood door Turkse troepen.

Het Turkse leger is een grondoperatie begonnen tegen Koerdische militanten in vijf verschillende regio’s in het zuidoosten van Turkije en Noord-Irak. Turkije reageert daarmee op de aanval van de militante Koerdische beweging PKK van woensdagnacht waarbij 26 militairen werden gedood. Turkse troepen zouden gisteren na het begin van het grondoffensief 21 PKK-strijders hebben gedood.

Het leger heeft ongeveer tienduizend militairen ingezet voor de operatie, onder wie paramilitairen en commandotroepen. Ze worden ondersteund door gevechtsvliegtuigen en -helikopters. Daarmee is het de grootste Turkse aanval tegen Koerdische rebellen in drie jaar tijd.

Woensdag zei de Turkse president Abdullah Gül al dat de Turkse wraak voor de aanvallen van Koerdische rebellen „groot zullen zijn”.

Op straat in Turkije klonken na de aanval van de PKK oproepen voor een staat van beleg in het zuidoosten, de doodstraf voor de leider van de militante Koerdische beweging PKK en het aftreden van deze regering omdat die deze bloedige aanslag liet gebeuren.

De Koerdische kwestie haalt de regering van Tayyip Erdogan na negen jaar beloften van een definitieve oplossing opnieuw in. Zijn regering maakte meer mogelijk voor de Koerden dan elk van de voorgaande regeringen. Maar Erdogan durfde niet door te zetten toen het nodig was. Precies twee jaar geleden kwam een handvol Koerdische strijders uit de bergen in Noord-Irak om zich vrijwillig over te geven en hun strijd met Turkije te staken. Twee jaar later zitten die Koerden lange gevangenisstraffen uit wegens lidmaatschap van een terroristische organisatie. (NRC)