'The Dutch' worden steeds internationaler

The Dutch are Coming! betoogt de Engelse schrijver Tim Parks in The New York Review of Books.

Als ‘we’ aan het opkomen zijn, dan is dat vanuit de achterhoede, want de meeste boeken waaraan de Engelse romanschrijver en essayist Tim Parks aandacht besteed in The New York Revier of Books, zijn klassiekers. Het gaat om Hermans, Boon, Reve, Claus; en over een iets jongere garde: Grunberg, Weijts, Verhulst. De Belgen mogen beter zijn, ze worden probleemloos tot the Dutch gerekend.

Het verbaast Parks dat de belangrijkste Nederlandse romans van kort na de oorlog pas in de laatste vijf jaar zijn vertaald, en hij betreurt het daarbij dat Reves De avonden (dat hij in het Frans las) die eer nooit te beurt is gevallen. Bovendien valt het hem ook op dat er van Harry Mulisch weinig beschikbaar is.

Hij heeft er wel een verklaring voor: die boeken zijn nadrukkelijk geworteld in het naoorlogse Nederlandse milieu. Hoewel ook de jongste Nederlandstalige schrijvers – tenminste, zij die zijn vertaald – welvaren bij die typische sfeer van de Nederlandse controverse, zijn de boeken van Grunberg, Weijts en Verhulst vanzelfsprekender internationaal in hun benadering, aldus Parks: ‘zonder voetnoten verdwaal je bij Boon, Claus of Mulisch, maar dat gebeurt je bij recentere boeken nooit.’ (NRC)