'Kijker leert sites kennen die bij zijn smaak passen'

De internetactiviteiten van de publieke omroep zijn politiek omstreden. Onder druk van de minister gaat het mes in de vele websites. „Wat ontbrak was een centrale gedachte.”

Woekerpolissen, dure dokters, frauderende bouwers. Wie meer wil dan drie kwartier Radar (TROS) of een half uurtje Kassa (VARA) kijkt naar Consumenten24. Op het digitale themakanaal van de publieke omroep komen alle consumentenprogramma’s langs in een carrousel. Per dag trekt Consumenten24 zo’n 800.000 kijkers die minstens één minuut blijven hangen. Dat is een stuk minder dan de gewone uitzendingen van Radar (1,5 miljoen) en Kassa (1,1 miljoen).

Logisch ook, concludeert de publieke omroep nu. Kijkers naar consumentenprogramma’s willen op een website liever actief meepraten over hun problemen dan passief tv kijken. Dus stopt themakanaal Consumenten24 in 2012. De website blijft wel bestaan.

Het besluit past in een herziening van de digitale activiteiten van de publieke omroep. De NPO schrapt meer dan vijfhonderd sites. Zo krijgen niet alle programma’s op Radio 1 een eigen site, maar vullen ze een ‘etalage’ op radio1.nl. De reorganisatie vindt plaats onder politieke druk. Minister Van Bijsterveldt (Media, CDA) wil dat de publieke omroep pas op de plaats maakt op internet. Uit cijfers van de NPO blijkt dat de twee populairste sites (nos.nl en uitzendinggemist.nl) zorgen voor de helft van het internetbereik van de publieke omroep.

De nieuwe strategie past ook beter bij de veranderende mediaconsumptie, legt Gerard Timmer van de NPO uit. ‘Oppernetmanager’ Timmer is officieel ‘directeur video’, nu de NPO zijn directie internet heeft opgeheven en internet heeft ondergebracht bij tv en radio. Het internetbudget van de publieke omroep, 20 miljoen euro per jaar, wordt verdeeld over video (tweederde) en audio (eenderde).

„Er zat onvoldoende samenhang in onze investeringen op internet”, zegt Timmer. „Dat probleem is vanaf 2012 weg.” Vorige week zijn de onderhandelingen met de omroepen over internet afgerond. De publieke omroep brengt niet alleen het aantal kanalen terug, maar richt tegelijkertijd „samenhangende audio- en videopaletten” in. De NPO schrijft dat ook in de meerjarenbegroting 2012-2016 die vandaag is gepubliceerd.

„We moesten keuzes maken op internet om aan publiek en politiek te kunnen uitleggen wat we doen”, zegt Timmer. „Wij voelden ons ook ongemakkelijk over het grote aantal internetactiviteiten. Wat ontbrak was een centrale gedachte.”

En die is er nu wel?

„Ja, we voeren het programmeermodel in op internet.”

Dat model betekent op tv sinds 2006: Nederland 1 biedt populaire programma’s, Nederland 2 verdieping en Nederland 3 is voor jongeren en experimenten. Hoe werkt dat op internet?

Timmer loopt naar de flip-over in zijn kamer. Hij tekent een matrix met alle platformen waarop de publieke tv ‘content’ aanbiedt, van breed naar smal en specifiek. „Bovenin heb je onze hoofdnetten Nederland 1, 2, 3 en Zapp/Zappelin. Wij denken vanuit die netten. Daaronder vind je lineaire themakanalen, zoals Cultura 24 en 101TV; de gezamenlijke portals van omroepen, over onder meer wetenschap en geschiedenis; de portals van omroepen, zoals Sterren24 met Nederlandse muziek van de TROS en tot slot brede sites en programmapagina’s.”

Dat klinkt als een onderscheid voor intern gebruik. Wat merkt de kijker?

„Radio- en tv-programma’s gaan beter verwijzen naar andere platformen. Van Nederland 2 naar Cultura, van een muziekprogramma naar Sterren24, van 3FM naar het digitale jongerenkanaal 101TV. Zo leert de consument websites kennen die passen bij wat hij kijkt of luistert, maar die hij niet kende. Binnen de publieke omroep moeten we leren over onze eigen items en onze eigen programma’s heen te kijken.”

Nu de afdeling internet verdwijnt, verdwijnt de innovatie bij de publieke omroep, vrezen critici.

„Die blijven we organiseren. Innovatie stond tot op heden los van radio en tv. Wij zaten allemaal in onze eigen praktijk. Dat wordt nu anders. Maar we blijven overleggen met de hoofden nieuwe media van de omroepen, er blijft plek voor vernieuwende projecten.”

Heft u de directie internet alleen maar op om geld te besparen?

„Het is geen kale sanering. Iedere euro wordt wel doelmatiger besteed. Met dit model kunnen we meer impact realiseren. We kunnen beter uitleggen wat we doen en waarom. Aan het publiek en aan de politiek. We doen niet meer maar van alles.”