Horizon zonder land

Wat is natuur nog in dit land? Een stapel beleidsplannen, ruzie om bagger, dijken en grote grazers, constateert Kester Freriks. Gelukkig gaat af en toe een schrijver op stap met de zwammenspieder. ‘De horizon is nog wel te redden, maar wat is er over van wat zich vóór die horizon heeft afgespeeld?’

De natuur in Nederland kan het nooit goed doen. Bestaat zij uit wildernis, dan moet die ontgonnen worden. Is natuur een strook landbouwgrond of weiland, dan valt zware bemesting haar ten deel. Zijn er dijken om een laagliggend polderland gelegd, dan moeten die doorgestoken worden. Ligt er een zandverstuiving, zoals vroeger op de Veluwe, dan plant men dennenbomen. Groeien er teveel dennenbomen, dan worden die gekapt. Een natuurrijke provincie als Drenthe hanteert een zogenaamde ‘nulstand’ voor zwijnen en edelherten, zoals landelijk is vastgeseld. Ze gedoogt geen groot wild op haar gebied, wel reeën. Dat betekent dat de wilde dieren afgeschoten worden zodra ze hun neus over de provinciegrens steken. Jagers, boeren en zelfs burgers bellen het Provinciehuis in Assen en het lot van de dieren is bezegeld.

Dit laatste schrijft natuurjournaliste Ineke Noordhoff in Natuurmakers, met als ondertitel Heroverd landschap van Rottum tot Grensmaas. Ze geeft meer onheilspellende voorbeelden van wat zij de ‘regiedwang’ noemt van de vele duizenden mensen die in Nederland betrokken zijn bij natuurbeheer, van lokale overheden tot rijksoverheid, van instanties als Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten tot particulieren, van bureaucratische ambtenaren tot biologen en regeringsleiders.

Neem het eiland Tiengemeten in Zuid-Holland, gelegen in aan de monding van Rijn en Maas. In de 17de eeuw was het een zandplaat. Dankzij menselijke bemoeienis groeide het uit tot een eiland van zeven bij twee kilometer, bewoond door boeren. Totdat in 1967 het plan rees om van het eiland een opslagdepot voor baggerslib te maken, daarna volgden plannen voor een kerncentrale, vliegveld en bungalowpark. In 1997 kreeg Natuurmonumenten het eiland in beheer. De boeren uit de omgeving kwamen er tot hun schrik achter dat de organisatie op het eiland ‘nieuwe natuur’ wilde scheppen en de dijken gingen doorsteken. ‘Vanaf 2005 is het eiland [...] integraal op de schop gegaan’, schrijft Noordhoff. ‘Graafmachines hebben 600.000 kubieke meter grond verzet, er zijn tachtig gebouwen gesloopt, achthonderd bomen gekapt en drieduizend nieuwe bomen geplant.’

Toch moet gezegd worden dat dit gebied sindsdien een belangrijk onderdeel is geworden van de deltanatuur in het Haringvliet. Noordhoff concentreert zich op het maken van natuur, waarbij woorden als ‘natuurdoeltypen’ en ‘natuurbeheer’ de toon zetten van ambtelijke bemoeienis. In Natuur in Nederland kiest Frank Berendse een andere invalshoek: poëtisch beschrijft hij de uiteenlopende landschappen in ons land. Hij memoreert het ontstaan van stuwwallen, laat zien welke dieren en planten er in bepaalde biotopen voorkomen. In zijn natuurbeleving is geen beleidsplan te vinden, geen onvertogen woord over de verregaande vernietiging van zoveel kostbare natuur. Elke menselijke bemoeienis is achter de verre horizon verdwenen. Als je zijn boek leest, dan is ons land een natuurparadijs.

Vanouds is het een onwrikbaar gegeven: Nederland is door mensenhand gemaakt. Een stelling die niet alleen opgaat voor het ontstaan van ons land, maar die nog altijd opgeld doet, dag na dag, regering na regering. Na grootscheepse operaties als de ingrijpende ruilverkaveling, begonnen in de jaren vijftig, woedt er nu een nieuw beleid over Nederland. Op grootschalige wijze worden landbouwgronden en cultuurlandschappen omgezet in ‘groene natuur’.

Deze verrichtingen worden lang niet door iedereen bejubeld. Het is de grote verdienste van Ineke Noordhoff dat zij dit duizelingwekkend complexe veld van natuurbeheer in Nederland zo helder vormgeeft in reportages en interviews met direct betrokkenen. Ze noemt de mens ‘ongeduldig’ en dat is een treffende typering. Telkens weer wil de mens de wildheid van de natuur domineren uit angst voor alles wat hij niet kan beheersen. Ze schetst ook absurde situaties, zoals de gemeente Heerenveen, die op alle plekken waar zeldzame dieren of planten zich kunnen vestigen, seizoen na seizoen alles kaal maait. Want stel dat een beschermde soort biotoop zoekt in een rafelhoek van het landschap, dat zou zomaar de bouw van een bedrijventerrein kunnen hinderen.

Staatssecretaris Henk Bleker (CDA, Economische Zaken, Landbouw en Innovatie) krijgt scherpe kritiek te verduren dat hij de belangrijke groene verbindingen in Nederland, de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) genoemd, zonder overleg van de politieke agenda heeft geschrapt. Hiermee heeft hij het werk van vele jaren en van honderden biologen vernietigd om de ecologische versnippering van ons land tegen te gaan.

Laat Ineke Noordhoff in haar verhalen voornamelijk beleidsmakers aan het woord, schrijver Koos van Zomeren kiest in zijn boek Naar de natuur. Journaal voor een ander perspectief. Allereerst heeft hij niets op met het ‘speeltje’ van Staatsbosbeheer, namelijk de nieuwe natuur, zoals die in de Oostvaardersplassen met de grote grazers is gerealiseerd. Hij noemt het een ‘verwerpelijk marketingsconcept’ omdat de dieren ’s winters in deze kunstmatige wildernis verhongeren en afgeschoten moeten worden. Met instemming citeert hij historicus Auke van der Woud: ‘Wilde natuur is in ons piepkleine landje een duur verzinsel, een toneelstukje dat met veel subsidie wordt opgevoerd door een bedrijfstak om u tegen te zeggen.’ Ook schaart Van Zomeren zich aan de zijde van de Drentse bioloog en ornitholoog Rob Bijlsma die na jarenlang zorgvuldig onderzoek heeft vastgesteld dat de populatie broedvogels in de Oostvaardersplassen door de alles wegvretende grote grazers is gedecimeerd.

Bijlsma’s rapport is door de bevoegde instanties nooit op waarde geschat. Van Zomeren toont een mooi verwoorde woede over deze gang van zaken. In Naar de natuur gaat hij het veld in met hartstochtelijke natuurkenners die vaak als eenling opereren: de vleermuizen- of orchideeënspecialist, de zwammenspieder, de dassenman, de roofvogelwaarnemer, de gruttobeschermer, de kiekendievenredder.

Het boek bestrijkt de periode tussen juli 2009 en oktober 2010. Kun je bij Natuurmakers af en toe een vrolijke boosheid ontwikkelen om zoveel gesjacher tot op het allerhoogste niveau om wat er in onze natuur gebeurt, bij Van Zomeren schuilt er een soms grimmige, aldoor melancholieke ondertoon in zijn observaties. ‘Wat valt er nog te redden?’ vraagt hij zich af als hij het Nederlandse landschap aanschouwt. ‘Hier en daar een mooie horizon misschien, maar wat is er nog over van wat zich tot voor kort vóór die horizon heeft afgespeeld?’

Na lezing van beide boeken is het bijna onmogelijk met onbevangen blik naar de ons omringende natuur te kijken. Gelukkig getuigt Naar de natuur niet alleen van pessimisme: het laat ook zien dat bekwame Nederlandse ornithologen zich van Mauretanië tot China beijveren kostbare getijdengebieden te behouden voor bedreigde Nederlandse broedvogels als grutto en kemphaan.

Gelijktijdig met Natuurmakers en Naar de natuur verschijnt Het Land van Kers van landschapsfotograaf Martin Kers, een indrukwekkend fotoboek van het Nederlandse landschap. Onbedoeld geeft hij antwoord op Van Zomerens vraag ‘wat zich tot voor kort vóór die horizon heeft afgespeeld?’ De schoonheid van ons landschap, laat Kers zien, vanaf het punt waar hij staat tot aan die verre horizon. Dreigende Hollandse wolken. De symmetrie van bomenrijen. Het dramatische verdwijnpunt van een dijklichaam. De pracht van grillige moerasbossen in de ‘nieuwe natuur’. Een zwerm stralend-zilveren kanoeten boven Balgzand. Ganzen op de trek. Zelfs een autoweg of industrieterrein bezit in de optiek van Kers een zekere allure.

Hiermee wil ik niet zeggen dat dankzij Kers’ indringende, schilderachtige foto’s van ons landschap de tragedie rond verloren landschapsschoon minder zwart is. Zeker niet. Dank zij deze foto’s dient zich des te klemmender het besef aan dat de rijkdom en schoonheid van ons landschap tegen elke prijs behouden moet blijven.

Ineke Noordhoff: Natuurmakers. Heroverd landschap van Rottum tot Grensmaas. Atlas, 208 blz.€ 18,95Koos van Zomeren: Naar de natuur. Journaal. De Arbeiderspers, 408 blz. € 24,95Martin Kers: Het Land van Martin Kers. Inl: Koos de Wilt. WBOOKS, 304 blz. € 49,50Frank Berendse: Natuur in Nederland. KNNV, 304 blz. € 24,95