Heb je intussen de gorilla gezien?

Maartje Wortel: Half mens. De Bezige Bij, 238 blz. € 18,50

Om het dilemma van de lezer van Half mens , de eerste roman van Maartje Wortel, weer te geven moet u zich een kunstenaar voorstellen die twee mensen een potlood en een blad papier geeft. Op het papier staan stippen. ‘Verbind de stippen met elkaar en vertel me wat je ziet’, zegt de kunstenaar. Ze verbinden de stippen met elkaar. ‘Ik zie een gezicht’, zegt de eerste na een tijdje, ‘maar als ik het blad draai zie ik er een vogel in. Of een fiets. De heilige maagd zie ik er trouwens ook in.’ Zijn conclusie luidt: dit is een knap kunstwerk. Met wat mij is aangereikt kan ik van alles maken.

Persoon twee heeft moeite met de opdracht. Hij vraagt zich vooral af welke stippen hij met elkaar moet verbinden. En waarom zijn die stippen niet genummerd? Op deze manier kan hij er, wanneer hij z’n fantasie de vrije loop laat, van alles in zien. ‘Wie is hier nu de kunstenaar’, vraagt hij zich af, ‘hij of ik?’ Hij geeft het blad terug en zegt: ‘ik zie stippen, meer niet, al weet ik dat ik er alles van kan maken wat ik wil.’

Een verwante verwarring maakt zich al snel meester van de Wortellezer. Want is Half mens een boek waarvan je de waarheid moet ontdekken of moet verzinnen? Veel schrijvers laten in hun boeken af en toe een kruimel vallen, zodat de lezer gaandeweg ontdekt dat de vrouw in Bernhard Schlinks De voorlezer een analfabete is en dat de verteller in Chuck Palahniuks Fight Club schizofreen is.

Natuurlijk schuilt de waarde van een literair boek niet in de ‘uitkomst’ van zulke vingerwijzingen. Maar wanneer er dan toch naar een onthulling wordt toegewerkt, dan moet je als lezer wel kruimels hebben verzameld die het aannemelijk maken.

Dat het aangenaam koel geschreven Half mens een bovengemiddeld romandebuut is, staat vast. De personages die de meeste aandacht krijgen zijn Michael Poloni en Elsa Helena van der Molen. Poloni is een 41-jarige copywriter uit Los Angeles, Van der Molen een 20-jarige Nederlandse uit die stad. Poloni zit in de taxi die Van der Molen aanrijdt, waarna bij haar een been wordt geamputeerd.

Wortel schrijft het allemaal doodkalm op. Elsa lijkt zich al snel bij de situatie neer te leggen. Er volgt niettemin een rechtszaak, waarbij Poloni als getuige optreedt. Poloni, een afwachtende man wiens leven tot dat moment nogal geruisloos is verlopen, beseft dat hij Elsa op moet zoeken. Of het liefde is die hem naar Elsa voert, wordt niet helemaal duidelijk. Hij heeft zijn hele leven gewacht op wat hij zelf ‘de zwarte panter’ noemt: een moment of persoon dat hem van zijn lethargie verlost.

Wanneer Poloni voor Elsa’s deur staat, heeft de lezer nog maar zo’n veertig pagina’s voor de boeg. Half mens lijkt dan af te stevenen op een onvervalste liefdesgeschiedenis, iets waar de lezer, inmiddels met een handvol hartvormige kruimels, vrede mee heeft.

Of zou kunnen hebben, want we moeten terug gaan naar het papier met de stippen. Het punt is namelijk dat Half mens niet toe werkt naar een ontluikende liefdesgeschiedenis, maar naar iets heel anders – het zou zonde zijn om de details hier uit de doeken te doen. De lezer blijft verbijsterd achter.

Job well done, zou de conclusie in negen van de tien gevallen luiden. De schrijver heeft de lezer honderden pagina’s lang zand in de ogen gestrooid en ondermijnt nu in één beweging al zijn verwachtingen.

In een van de laatste passages van Half mens vertelt een man over een film genaamd ‘Selective attention’, waarin een groep mensen een bal overgooit. Voorafgaand aan de vertoning wordt aan de man gevraagd om te tellen hoe vaak de bal wordt overgegooid. Hij komt tot vijftien keer. Maar heeft hij de gorilla gezien die in beeld verscheen, vraagt iemand hem. Nee, hij was die bal aan het volgen.

Het vreemde is nu dat Maartje Wortel met Half mens een blad met stippen aanreikt waar geen gorilla van valt te maken, hoe je ze ook met elkaar verbindt en hoe je ook terugleest. Waarschijnlijk heeft Wortel net iets te ambitieus de grens van het suggestieve schrijven opgezocht. Anderzijds: haar zoektocht is spannend genoeg.