Bankieren moet weer boring worden

Hervorm de financiële sector. Laat banken weer het algemeen belang dienen.

Zo wordt ‘Occupy’ concreet.

Columnist Renske de Greef vroeg zich maandag wanhopig af of ze zich nou ‘bevlogen of sceptisch’ moest voelen over Occupy. Rosanne Hertzberger had vorige week woensdag vooral last van ‘ongerichte woede’. Zo blijft de zogenaamde ‘verloren generatie’, waar ondergetekenden zelf deel van uit maken, veroordeeld tot ‘verontwaardiging’.

Toch maakt de Occupy-beweging duidelijk dat het politieke momentum voor financiële hervorming is aangebroken. Nodig zijn nuchtere analyse en concrete hervormingsvoorstellen.

Ten eerste: de kern van het probleem is niet het gedrag van bankiers, maar het systeem waarbinnen dit gedrag kon bestaan. De afgelopen decennia zijn banken veranderd van instituten die samenleving en economie dienen in beursgenoteerde bedrijven met winstoogmerk. In deze nieuwe rol werd het aantrekkelijk voor banken het zakenbankieren tot gevaarlijk grote proporties uit te breiden. Daarmee is het kortetermijnbelang van aandeelhouders op de eerste plaats komen te staan. De politiek heeft dit mogelijk gemaakt met beleid gericht op deregulering en privatisering. Te vaak wordt vergeten dat ook de burger hier baat bij heeft gehad in de vorm van lage pensioenpremies, hoge rentes op spaargeld en het gemak waarmee hypotheken konden worden afgesloten.

Deze verandering van de aard van het bankwezen kan niet enkel op het conto van Thatcher en Reagan worden geschreven. In de jaren negentig is hun neoliberale beleid omarmd en voortgezet door klassiek sociaal-democratische partijen: Blair met New Labour, Schröder met SPD, Kok met de PvdA, en in zekere zin Clinton met de New Democrats. Het gehele politieke midden is medeverantwoordelijk geweest voor het laten ontsporen van de financiële sector.

Ten tweede is de verhouding van de hoeveelheid geld die rondgaat in de derivatenhandel en valutaspeculatie ten opzichte van de hoeveelheid geld in de reële economie buiten proportie geraakt. Waar de financiële economie lange tijd als ondersteunende infrastructuur voor de reële economie diende, is zij verworden tot een uiterst destabiliserende factor.

Het kan niet zo zijn dat burgers nog langer opdraaien voor het risicogedrag van zakenbankiers. Banken moeten weer instituten worden met een publieksfunctie. Daarom moet er opnieuw een strikte scheiding komen tussen consumenten- en zakenbanken. Om banken te dwingen weer een langetermijnvisie te ontwikkelen die gericht is op het algemeen belang, betekent dat bovendien dat sommige banken voor een deel of zelfs in geheel van de beurs moeten worden gehaald. Een coöperatieve bank als de Rabobank, die geen beursgang heeft gekend, kan hier als rolmodel dienen. Daarmee is de huidige financiële crisis nog lang niet opgelost, maar het is wel een eerste stap naar een duurzame en rechtvaardige financiële sector. Voorwaarde is wel dat de burger genoegen moet nemen met hogere pensioenpremies, lagere rentes en moeilijkere toegang tot hypotheken.

Er staat te veel op het spel om de kritiek op het financieel systeem te laten kapen door radicaal links. We staan immers niet op het Tahir-plein tegen een dictatoriaal regime te protesteren. Integendeel, Nederland heeft een rijke democratische traditie van besturen. De crisis heeft politieke ruimte gecreëerd voor duurzame veranderingen in de economie. Laat onze generatie die ruimte benutten en bankieren weer saai maken.

Jelle van Baardewijk (1982) is als filosoof verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam. René Koekkoek (1985) is historicus verbonden aan de Universiteit Utrecht.