Vooruitgang, volgens boer Fred

Schrijver Marcel van Roosmalen bezoekt een ‘agrarische jongerenavond’.

De presentatie van Jules Sanders bereikte al snel de absolute cultstatus.

In café De Vriendschap te Spanbroek was een ‘agrarische jongerenavond’ georganiseerd. Thema van de avond was: ‘arbeid in de ruimste zin van het woord’.

Leuk thema, geen publiekstrekker.

We spraken de organisatie, een groepje agrarische jongeren in spijkerbroek. Ze weten de lage opkomst aan het „relatief mooie weer”, waardoor er tot laat op het land gewerkt kon worden. Spreker Peter Baltus – projectgroepmanager ‘Ondernemer en Bedrijf’ bij LTO-Noord – was verhinderd vanwege „cao-onderhandelingen in de champignonsector”, zijn vervanger was Jules Sanders, ook van LTO-Noord. Hij had weinig ervaring met spreken in het openbaar, de organisatie hoopte er maar het beste van.

We keken naar Jules, meer dan honderd kilo in een roze blouse, zwetend, bezig aan het derde kopje koffie en het vijfde stuk cake.

De avond begon met een korte inleiding van een van de jonge agrariërs. Hij had het woord ‘arbeid’ gegoogled en las de resultaten voor, er werd besmuikt gelachen – onduidelijk was waarom.

Jules Sanders werd naar voren geroepen. Na de aankondiging ‘ik werk met sheets’ volgde een onduidelijke fase waarin gerommeld werd met apparatuur. Daarna legde hij uit waarom hij zijn collega Peter Baltus verving. We wisten het al: cao-onderhandelingen in de champignonsector.

Jules daarover: „De onderhandelingen in de champignonsector slepen zich maar voort. Het draait allemaal om het wettelijk minimumloon voor buitenlandse zzp’ers. Een drama voor Peter en mij. We kunnen altijd en overal weggebeld worden, en die fase duurt al zes jaar. Vanavond werd Peter weggebeld door Etten-Leur, een stad in het mooie Brabantse land.”

De Noord-Hollandse agrariërs hadden weinig interesse in het wel en wee van de ook bij hen totaal onbekende Peter Baltus en de spannende onderhandelingen in champignon-cao.

Jules Sanders verpakte zijn verhaal in sheets.

Op de eerste sheet was te zien over welke onderwerpen hij het wilde hebben, het was een hele lijst, te veel om mee te schrijven. De tweede sheet was reclame voor zijn werkgever LTO-Noord. „Sorry, dat moest even.”

Er stond een telefoonnummer op dat agrariërs op kantoortijden konden bellen, voor het geval ze vragen hadden. Hij las het voor.

„Nul-acht-acht-streepje-acht-acht-acht-zes-zes-acht-acht, nogal wat achten dus.”

Fotograaf Jan-Dirk en ik hadden voor deze rubriek al veel meegemaakt, maar de presentatie van Jules Sanders van LTO-Noord bereikte al snel de absolute cultstatus.

We zagen een man in een te ruim pak worstelen met zichzelf en z’n draadloze muis. Minutenlang kraste hij met dat ding over het hout van het spreekgestoelte, het lukte maar niet om de juiste pagina’s aan te klikken. Toen hij erin slaagde om het vakje ‘vorige’ aan te vinken, kreeg hij spontaan applaus.

De presentatie van Jules Sanders bestond uit het letterlijk voorlezen van tientallen sheets.

Een voorbeeld:

„Ehm, tja, volgende. Ik ga d’r als een trein door...Ik heb nog zeven minuten en een bak sheets...Buitenlandse zzp’ers...Werken met Roemenen en Bulgaren...Dan handelt het over eenvoudig werk met gezagsverhouding, die vallen dus volgens A1 niet onder zzp-regime. De overheid heeft drie stokken – Jules hield drie vingers omhoog – om de werkgever mee te slaan. 1) naheffing premies en belastingen, 2) Wet naleving minimumloon, 3) TWV boete bij Roemenen en Bulgaren. Mijn advies: niet doen! Ik herhaal: Roemenen en Bulgaren, niet doen!”

Hij begon, uit het hoofd, over een bedrijf in Gelderland – „Ook een mooie provincie!” – dat zeventig Bulgaarse zzp’ers in dienst had. „Die kregen dus zeventig keer achtduizend euro boete. Ze zaten in de paddenstoelensector, ik spreek bewust in de verleden tijd, want zeventig keer achtduizend euro boete betekent gewoon faillissement en einde verhaal.”

Na drie kwartier Jules Sanders snakte iedereen – inclusief gespreksleider Hans, een kalende agrariër die hield van samenvatten en herhalen – naar een pauze, maar die kwam er niet.

De volgende spreker – boer Fred Berkhout, groot geworden met het telen van diverse soorten sla – zei hardop wat iedereen hoopte. „Ik heb net geluisterd, ik beloof dat ik niet zo lang zal praten.”

Hij liet een wat onderbelichte foto van zichzelf voor zijn bedrijf zien en zei: „Dit ben ik en dat is mijn bedrijf. Ik werk nooit met uitzendkrachten: veel te duur”.

Daarna ging het over sla – „ijsbergsla is een bulkproduct, krulandijvie niet” – en zijn pogingen om het begrip ‘arbeid’ zo snel mogelijk uit te roeien.

Fred liet een dia zien van een buitenlandse vestiging van zijn bedrijf. Een loods in de Oekraïne, een land zonder regels waar je als agrariër nog kon experimenteren. We zagen vijf Oekraïense vrouwen aardappels sorteren, rode hoofddoeken om het hoofd. Zo trof Fred het ooit aan.

„Arbeidsproductiviteit nul!”

Daarna volgde een paar dia’s van een aardappelsorteermachine en tractoren die zonder bestuurder over het land reden – vooruitgang volgens Fred. In een land als Oekraïne kon dat, in Noord-Holland met al die sloten durfde hij het nog niet aan. De boodschap van Fred was duidelijk: als het aan hem lag verdween de laaggeschoolde arbeid, veel te duur en veel te moeilijk met al de computers die tegenwoordig aan een tractor hingen.

We keken naar het zwetende hoofd van Jules Sanders, waarin de eigen presentatie nog rondspookte. Als de laaggeschoolde arbeid verdween zou hem dat veel werk schelen. Was dat gedonder in de champignon- en paddenstoelensector allemaal voor niets geweest.