Ieder smachtte naar Philips, maar nu nopen schrale tijden tot uitbesteden

Toeval bestaat. Op de dag dat Philips, decennialang Nederlands grootste particuliere werkgever, een verdere vermindering van het aantal banen op zijn ‘bakermat markt’ aankondigde, deed G4S in Londen een miljardenbod op het wat grotere ISS, dat is gevestigd in Denemarken.

G4S? ISS? Wat is dat voor letter- en cijferbrij?

G4S is een beursgenoteerd beveiligingsbedrijf, bekend van bijvoorbeeld geldtransporten. Het concern is een fusie van Group 4 Falck en Securicor. De ander, ISS (Integrated Service Solutions), is een onderhouds-, schoonmaak- en cateringbedrijf dat in handen is van twee private equity-financiers: de van oorsprong Zweedse fondsbeheerder EQT en een investeringsfonds van zakenbank Goldman Sachs. Zij kochten het bedrijf in 2005 en nu nadert de uiterste houdbaarheidsdatum, gezien de beleggingshorizon van vijf tot zeven jaar van dit soort financiers.

Dezelfde trend die bijdraagt aan de krimp van Philips is de aanjager van de groei van ondernemingen als G4S en ISS. Philips heeft zich de afgelopen twintig jaar verkleind door de sluiting van fabrieken, de verkoop van dochters en de uitbesteding (outsourcing) van talloze werkzaamheden aan gespecialiseerde bedrijven. Juist die mondiale trend van outsourcing is een nieuwe banenmotor. De combinatie G4S-ISS wordt met 1,15 miljoen werknemers de op een na grootste particuliere werkgever ter wereld, achter de Amerikaanse supermarktketen Wal-Mart.

Samen hebben G4S en ISS in Nederland straks ruim 27.000 werknemers, dat is het dubbele van Philips op zijn ‘thuismarkt’. De cijfers zijn illustratief voor de meedogenloze verschuivingen naar de diensteneconomie. En illustratief voor de teloorgang van de onderneming als ‘familiebedrijf’ die vanzelfsprekend alles in huis had en alles zelf deed, van uitvindingen tot sport en gebouwenbeheer. En die tussen de bedrijven door de ‘voltijdbaan voor het leven’ bood. Dat is in de outsourcingseconomie voorbij.

Datzelfde zie je na de verplichte aanbesteding van de thuiszorg en bij de schoksgewijze, met stakingsgekletter begeleidde transformatie van TNT Post naar een parttimersbedrijf. Bij ISS in Nederland is het gemiddelde aantal contracturen per medewerker bijvoorbeeld 18,6 per week, meldt het meest recente jaarverslag sociaal beleid & duurzaamheid.

De vraag is of een fusie van deze omvang van ‘multidienstverleners’ werkbaar is. In andere sectoren met multidiensten zie je hoe het zakelijk model niet aan de verwachtingen voldoet. Het intens beleden geloof in het nut van de versmelting van bank-, verzekerings- en beleggingsdiensten bleek maar zelden een succes. Ook financieel conglomeraat ING breekt zichzelf op.

Onder nutsbedrijven is de gedachte dat je alle soorten energie, kabelbedrijven, afvalverwerking en waterlevering profijtelijk kunt combineren op zijn retour. En Philips zelf is een schoolvoorbeeld van een industrieel conglomeraat dat voortdurend zoekt naar wat eigenlijk de kernactiviteit is.

De beoogde banenvermindering treft nu vooral ondersteunende diensten bij Philips in Nederland. Dat oogt als het slotstuk van de hoofdrol die Philips na de Tweede Wereldoorlog heeft gespeeld in Nederland als industriële vestigingsplaats.

In zijn memoires vertelt de latere minister van Sociale Zaken (1977-1981) Wil Albeda hoe hij als jonge Philips-medewerker in het begin van de jaren zestig van de vorige eeuw de contacten onderhield met gemeenten. Ieder smachtte naar Philips. Albeda bereidde nieuwe vestigingen voor in Hoorn, Almelo, Terneuzen, Stadskanaal, Groningen en Leeuwarden. Namen die de laatste jaren in het nieuws waren omdat de Philips-fabriek dichtging.

De gemeenten die destijds graag een Philips-fabriek hadden én de rijksoverheid zijn nu een cruciale doelgroep voor de expanderende ‘outsourcers’. In het Verenigd Koninkrijk beheert G4S bijvoorbeeld al gevangenissen. De fusie van G4S en ISS is daarmee ook een poging te profiteren van de gevolgen van de grote Europese schuldencrisis.

Overheden moeten snoeien, de markt neemt het over.

menno tamminga