Gangstermeisje greep de macht

‘Het Gangstermeisje’ is een Nederlandse nouvelle-vaguefilm uit de tijd dat de jeugd nog opwindende chaos zaaide. Die jeugd groeide vaak op tot cynisch gajes zonder interesse voor filmkunst.

EYE Film Instituut Nederland

Het gangstermeisje. Goeie titel. Halverwege de jaren zestig verzon Remco Campert hem voor een roman. Een jaar later, in 1966, leidde dat boek tot het speelfilmdebuut van Frans Weisz. De film won prijzen, er werd over gepraat. Hij had liefhebbers, hij had haters. Frans Weisz zou uitgroeien tot een van Nederlands vooraanstaande cineasten. Dat is nogal wat.

Maar dat Het gangstermeisje nu de schermen van een aantal Nederlandse filmtheaters weer haalt, danken we niet aan de naam en faam van de film, maar aan het literaire milieu. De stichting CPNB doet tot 18 november iedere Nederlander die lid is van een openbare bibliotheek een andere roman van Campert cadeau: Het leven is vurrukkulluk (1961). Het Eye Film Instituut Nederland sluit bij de actie aan met de uitbreng van Het gangstermeisje. Niet groots, geen pluche te bekennen, maar toch is dat heel wat. Want recent-klassieke Nederlandse films worden weinig vertoond. Andere landen onderhouden trots hun cinema, hier gaat het met kruimels. De Nederlandse filmwereld lijkt bang voor eigen verleden, beschaamd zelfs. Wie wil er nog die ‘ouwe films’ zien? Het publiek vindt ze vast te moeilijk, of te saai.

Is Het gangstermeisje moeilijk? Nou, nee. Hij is wel ongewoon. Er wordt toneel-Nederlands gesproken, in een nasynchronisatie à l’italienne. Dat wil zeggen: niet lipsynchroon, bijna als onderdeel van de muziek (die trouwens breeduit mooi is, hij werd gecomponeerd door Robert Heppener). Het verhaal volgt de Amsterdamse schrijver van de succesroman Het gangstermeisje. Hij reist naar Menton waar hij dat boek zal omschrijven tot filmscenario en naar Rome, om de verfilming bij te wonen. Onderweg verliest hij zijn grote liefde. En zijn affaire met de actrice die het gangstermeisje speelt, verzandt omdat hij haar verwart met haar personage. De film waar hij aan schreef? Die verfrommelt zijn roman tot een prop.

Ik bekijk de film. Ik zie Amsterdamse straten en grachten, leeg met wat autootjes en soms een telefooncel. Alles tintelt, in de Leidsestraat loopt iedereen elkaar tegen het lijf. In het Concertgebouw is Misha Mengelberg met Louis Andriessen in de weer met muziek die een crime is om naar te luisteren, maar vast fantastisch om te maken. Inderdaad: dit Amsterdam is één groot feest, om een andere Camperttitel, Alle dagen feest, te parafraseren. Nu naar Menton. De film wijdt een ontroerend zijspoor aan de verschaalde liefde van een homostel, de schrijver werkt en twijfelt, de sfeer wordt zwaar. In Rome versmelten stad en filmset, leven en film, en nu sluipt onverbiddelijk de melancholie naderbij.

Ik word aanvankelijk vooral getroffen door het Amsterdamse gedeelte. Door de impressie van een periode die ik als kind zo’n beetje aanzag en die ik vooral van horen zeggen ken: het Nederland waar jonge mensen eindelijk de Tweede Wereldoorlog bij het verleden onderbrachten. In Het gangstermeisje zie je hoe dat voelde. Iedereen is jong en iedereen rent. Kitty Courbois – nu de grand old lady van het Nederlandse toneel, toen de wilde actrice met de bijnaam ‘la Courboise’ – flitst in astronauten-look voorbij. Energie is de mode, koortsachtige verwachting het uitgangspunt.

Conventies en tradities zijn er om te betwisten. Alles kan, als je jezelf maar volgt. Liefde is lust, lust is liefde. Ieders persoonlijke vrijheid is begin en doel.

Het gangstermeisje ís dat Nederland. De eerste zin luidt: „De toekomst, ik wil mijn toekomst weten.” Impliciet: laat dat verleden de rambam krijgen. Dit is film van de generatie die de oorlog van zich afduwde. Wij zijn aan zet, is de teneur. Wij weten hoe het leven, inderdaad vurrukkulluk kan worden. Dat voornemen gold ook voor de filmer Frans Weisz (1938). Hij oriënteerde zich op de nouvelle vague, de Franse filmstroming van de jaren vijftig en zestig die brak met de ‘cinéma de papa’. Dat zie je, aan de poëzie van filmen, aan de uitbundig gekwelde personages. Weisz had enige tijd de filmschool in Rome gevolgd en dat zie je ook. Fellini, wordt altijd gezegd. Maar ik zie de invloed van Michelangelo Antonioni. L’avventura (1960), La notte (1961), L’eclisse (1962), Weisz moet ze gezien hebben en werd erdoor aangeraakt. Net als Antonioni beweent hij de mannen en ziet hij vrouwen alleen als verpletterend compromisloos. Net zo min als Antonioni begreep hij dat dat komt doordat die vrouwen zo weinig te verliezen hadden.

De jeugd greep inderdaad de macht. In de muziek, de beeldende kunst, de mode, de politiek. Jong was in, wie oud was, was uit. Ook in de film deed de jeugd een poging.

De jeugd heeft zich de macht allang weer laten afpakken, ook in Nederland. De huidige jeugd doet er alleen nog toe als afnemer. In de film ligt de macht weer in de handen van de middelbare filmproducenten en -distributeurs voor wie een film een winstobject is en die niet meer dan zijdelings besef wensen te hebben van de waarde van een artistiek interessante film. Vorige maand kwamen er twee van die oudgeworden jongens aan het woord in de Volkskrant. Ate de Jong en Paul Ruven. Decennia geleden begonnen als filmers met elan en een missie. Nu cynische types die vinden dat alleen de film die een ‘format’ heeft gemaakt mag worden. Kunnen ze een film niet pushen bij RTL Boulevard, met een ‘ster’ in de hoofdrol wiens verdienste het is dat hij bekend is van RTL Boulevard, dan is hij niks waard, want dan kun je een groot publiek vergeten. Ze gaan hun gang maar, maar aan zulk gajes kun je de filmkunst toch niet overlaten? Hadden zij het in 1965 voor het zeggen gehad, dan had Frans Weisz geen kans gehad en was de Nederlandse cultuur iets armer geweest.

Het gangstermeisje is een belangrijke film, en een bewijs dat de Nederlandse filmgeschiedenis wel degelijk hoogtepunten kent. Ongeduldige popcorneters kunnen beter een straatje om gaan. De avontuurlijke bioscoopbezoeker moet er naartoe, voor de stijl, voor de sfeer, voor de schrijver die fantaseert over zware jongens met borsalino’s tussen palmen in een pot. Je kunt ook naar deze film om te zien hoe het hier in de jaren zestig is geweest. Of om te zien hoe dat ook weer was. Of misschien voor dat ene beeld van een koude gracht met een zwerm meeuwen erboven, een echo van een 19de-eeuwse foto van Breitner.

Het Gangstermeisje (1966) Regie: Frans Weisz. Met: Paolo Graziosi, Astrid Weyman, Kitty Courbois, Gian Maria Volonté, Walter Kous, Peter Schat. De film gaat op tournee: 22/10: ’t Hoogt Utrecht. 30, 31/10: Fraterhuis Zwolle. 3/11: Lumière Maastricht. 7/11: Lumen Delft, 8/11: Filmhuis Purmerend. 10/11: Filmhuis Bussum. 12,13/11: Filmtheater Hilversum. 14/11: Filmhuis de Keizer Deventer. 17, 18/11: Gigant Apeldoorn. 20/11: Filmhuis Harderwijk.