31 minuten waren genoeg

Julian Barnes (Foto Reuters)

Ondanks drie nominaties kreeg Julian Barnes nooit de Man Booker Prize. Nu wel, voor The Sense of an Ending. Hij prees de jury als „de wijze mannen van het literaire christendom”.
Al drie keer was Julian Barnes genomineerd voor de Man Booker Prize, de meest benijdenswaardige Britse literaire onderscheiding. Helaas. Tot zijn frustratie won hij de „posh bingo” nooit. Niet voor Arthur and George (2005), niet voor England, England (1998) en niet voor Flaubert’s Parrot (1984).

Maar hij had moed kunnen putten uit de ervaring van Howard Jacobson, ook auteur van elf romans en ook vaak genomineerd. Jacobson had de hoop al opgegeven toen hij vorig jaar won, met The Finkler Question.
Gisteren was de beurt aan de 65-jarige Barnes. Hij won met zijn elfde roman, The Sense of an Ending. De schrijver krijgt 50.000 pond (56.000 euro) voor deze roman over een gepensioneerde man die terugdenkt aan de zelfmoord van zijn beste vriend. Hij krijgt een oude brief van hemzelf in handen, en daaruit blijkt dat hij minder fatsoenlijk was dan hij zich zichzelf herinnert.

Na de bekendmaking gaf Julian Barnes gisteren toe „zowel opgelucht als verrukt te zijn”. „Ik wilde niet doodgaan en dan een Beryl krijgen”, zei hij, verwijzend naar schrijfster Beryl Bainbridge die vijfmaal genomineerd werd en uiteindelijk postuum een speciaal voor haar gecreëerde Booker-prijs kreeg.

Volgens Barnes was zijn opmerking over de Booker als ‘posh bingo’ onder voorbehoud geweest. Nu hij zelf gewonnen had, besefte hij „dat de juryleden de wijze mannen van het literaire christendom zijn”.

Daar was niet iedereen het mee eens. Zelden was er vooraf zoveel commentaar op de shortlist. In een interview zei Stella Rimington, juryvoorzitter en voormalig hoofd van de geheime dienst MI5, gezocht te hebben naar „plezierige boeken”. Leesbaarheid was het belangrijkste criterium geweest. De jury wilde zich niet richten op literaire insiders, maar op de gemiddelde lezer.

Dat leidde tot grote kritiek. Uitgevers, schrijvers en recensenten verweten de jury dat die zich had laten leiden door boekenclubs, met een populistische keuze die een versimpeling van Britse literatuur zou voorstaan.
In een antwoord op de kritiek twitterde jurylid en schrijfster Susan Hill een lijst met boeken die volgens haar onleesbaar waren: „Ulysses, War and P, The Waves, Finnegan’s Wake, Underworld, The Faerie Queene, Jonathan Strange and Mr Norrell. Any1?”

Jurylid en oud-politicus Chris Mullin wees op de literaire kwalificaties van zijn collega’s: juryvoorzitter Rimmington studeerde Engelse literatuur, Hill werd ooit zelf voor de Booker-prijs genomineerd, Gaby Wood is de chef van de boekenbijlage van The Daily Telegraph, en columnist Matthew d’Ancona is oud-hoofdredacteur van The Spectator en auteur van drie romans. Rimmington zei gisteren dat de jury altijd naar kwaliteit had gekeken, naast leesbaarheid. Ze prees Barnes’ „prachtig geschreven” roman, en zei dat het boek „de kenmerken van een klassieker” had. De jury had slechts 31 minuten nodig om de shortlist van zes terug te brengen naar The Sense of an Ending.

De Booker-prijs is bedoeld voor schrijvers uit Gemenebestlanden. De andere genomineerden waren Carol Birch (Jamrach’s Menagerie), Patrick deWitt (The Sisters Brothers), EsiEdugyan (Half Blood Blues), Stephen Kelman (Pigeon English), en A.D. Miller (Snowdrops).