Vervolging in affaire spionage Le Monde

De chef van de Franse binnenlandse inlichtingendienst DCRI, Bernard Squarcini, is in staat van beschuldiging gesteld. Hij wordt ervan verdacht opdracht te hebben gegeven tot het afluisteren van telefoongesprekken van journalisten van de krant Le Monde.

Ook zou hij de rekeningen hebben opgevraagd van de mobiele telefoons van journalisten, in een poging hun bronnen te achterhalen. Squarcini wordt beschuldigd van schending van het briefgeheim en het onrechtmatig verwerven van informatie.

Het ging om journalisten die berichtten over de zaak-Bettencourt. Le Monde schreef onder meer dat president Nicolas Sarkozy geld zou hebben gekregen van de erfgename van cosmeticagigant L’Oréal om zijn campagne voor 2007 te financieren. De krant beschuldigt Sarkozy ervan opdracht te hebben gegeven tot het afluisteren.

De socialistische partij heeft het ontslag van Squarcini geëist zolang het onderzoek loopt, maar Squarcini liet vanochtend weten dat hij gewoon op zijn post blijft. Ook de minister van Binnenlandse Zaken, Claude Guéant, liet weten dat er geen reden is om Squarcini te vervangen. Hij wil het gerechtelijk onderzoek afwachten.

Het afluisteren van journalisten van Le Monde staat niet op zich. Bij een redacteur die werkte aan een boek over en met ‘slachtoffers’ van Sarkozy, werd eerder tot twee keer toe ingebroken, waarbij alleen een laptop werd gestolen. De inbraken werden nooit opgehelderd.