Veiligheidsdienst: vijf ministers Curaçao ongeschikt

Vijf leden van de regering van Curaçao hadden geen minister mogen worden. Zij zijn „niet ministeriabel”, staat in een vertrouwelijk memo van een rapporteur van de Veiligheidsdienst Curaçao, belast met de screening van bewindslieden op het eiland.

Het memo van 27 oktober vorig jaar is in bezit van het Antilliaanse dagblad Amigoe. Bij de vijf regeringsleden gaat het om onder anderen minister-president Gerrit Schotte. Over hem meldt het memo dat hij „buitenechtelijke relaties” heeft en dat hij „heimelijke afspraken zou hebben met diverse geldschieters zowel lokaal als in het buitenland, die nauwe banden zouden onderhouden met figuren als [vermeend maffialid en casino-eigenaar] Francesco Corallo op Sint Maarten”.

Een commissie onder leiding van voormalig GroenLinks-leider Paul Rosenmöller publiceerde vorige maand een rapport over de integriteitsproblemen van het bestuur op Curaçao, dat sinds 10 oktober 2010 een apart land is binnen het Koninkrijk der Nederlanden. In het rapport stond dat niet alle leden van de regering zouden zijn benoemd als de Veiligheidsdienst tijd had gehad zijn onderzoek te voltooien. Er was echter grote haast bij het vormen van een regering. Rosenmöller noemde geen namen, nu zijn die dus onthuld. Over Schottes partijgenoot minister Abdul Nasser El Hakim zegt het memo dat hij grote schulden bij lokale banken zou hebben en dat hij een actief lid is van de in Libanon gevestigde Amal-beweging die een coalitie vormt met Hezbollah, aldus Amigoe. De fractieleiders van VVD, PvdA, CDA, D66, GroenLinks en de SGP bezoeken Curaçao vandaag.