Hoog ruwe-bolster-blanke-pit-gehalte

Polderroman als nieuw literair genre? Op basis van het kleine oeuvre van Anne-Gine Goemans lijkt die term geïntroduceerd te mogen worden.

Ik weet niet of het woord al bestaat, maar anders zou ik zeggen dat Anne-Gine Goemans met haar eerste twee boeken een nieuw genre heeft geïntroduceerd: de polderroman. De polderroman is een roman over oer-Hollandse onderwerpen als de bollenteelt en de landwinning, en met veel oog voor de mensen die in die polder noest de schrale kost proberen te verdienen.

Ziekzoekers (2007), haar debuut, speelde zich af in Hillegom en omstreken, waar de bollenboeren het op zeker moment moesten afleggen tegen de projectontwikkelaars. Haar tweede roman, Glijvlucht, staat ook in het teken van de tweespalt tussen oorspronkelijke polderbewoners en de ondernemingslust van anderen, ‘de luchthaven’ in dit geval. En vroeger, in de 19de eeuw, zo laat Goemans in een ingelast historisch verhaal fijntjes zien, was het al niet beter.

De gewone plattelanders zijn steeds opnieuw de dupe van de expansiedrift van winstbeluste ondernemers. Hun huizen worden opgekocht, ze worden van hun grond verjaagd of ze mogen voor een hongerloontje graafwerkzaamheden gaan verrichten. Zoals de slaven ooit de piramides in Egypte steen voor steen opbouwden, zo werd de Haarlemmermeer door ‘duizenden polderjongens’ afgegraven

Het hele artikel is hier te lezen.