Wachten op je was? Doe 's een bakkie

Wachten kost tijd, en die besteden we liever nuttig.

Dus zoeken ondernemers naar verrassende combinaties: kunst en koffie, knippen en koffie, wassen en koffie.

In de nieuwe hippe koffiebar aan het Marie Heinekenplein in Amsterdam zit een student druk te tikken op zijn laptop. Twee vrouwen bestellen een latte macchiato en een cappuccino. Ondertussen doen de wasmachines hun werk. De nieuwe Wash & Coffee is de eerste koffiebar annex wassalon in Nederland en de tweede vestiging in Europa. De eerste is nu een jaar een succes in München.

Wasserettes en koffiebarretjes hebben dezelfde doelgroep: studenten en jonge professionals. Dat maakt de combinatie logisch. Deze groep vertegenwoordigt het grootste deel van de vijftien procent stedelingen die thuis geen wasmachine hebben staan. En dus elke week in een schimmige wasserette zitten te wachten op hun was. De bedenkers van Wash & Coffee gaan ervan uit dat zij liever iets doen terwijl zij zitten te wachten: werken of koffie drinken.

Waarom koffie? Waarom geen Wash & Wine? De espressocultuur is Nederland aan het veroveren, zegt marktkenner Moniek Smit. „Met Amsterdam als hoofdstad.” Vooral studenten en jonge professionals voelen zich aangetrokken tot die cultuur, meent Smit. „De diepgewortelde Nederlandse koffiecultuur voldoet niet meer voor jonge mensen. Het uitgebreide koffie drinken met een gevulde koek maakt plaats voor een korte ontmoeting met de barista, die jouw koffie vakkundig bereidt.”

De Kamer van Koophandel heeft geen exacte cijfers over het aantal koffiecafés beschikbaar, maar bevestigt wel dat de branche de laatste jaren een groei doormaakt. Wash & Coffee speelt in op die groeiende espressocultuur. Ook al zijn de medewerkers wasexperts en geen barista’s, en maken ze gebruik van volautomatische koffiemachines voor thuis.

In Londen is de espressocultuur al veel verder ontwikkeld dan in Nederland, vertelt Smit. „Daar zie je steeds meer concepten waarbij de eigenaar twee persoonlijke interesses samenvoegt, waarvan koffie er één is. Koffie in combinatie met boeken, kleding, skateboards, fietsen en muziek , bijvoorbeeld.” Smit kan zich voorstellen dat een goede kop koffie het wassen een stuk aantrekkelijker maakt.

Italië is het land van de snelle espresso. Even snel achterover gooien en weer door. Die snelheid raakt in Milaan een beetje uit. Koffiecafés waar ’s middags kledingrekken naar binnen worden gereden en de koffieliefhebbers op hun gemak het aanbod bekijken zijn geen uitzondering.

Het is een slimme zet om een combinatie te zoeken met koffie, zegt trendwatcher Richard Lamb. „Koffie is ontzettend laagdrempelig.” Volgens Lamb is het sowieso slim om naar combinaties te zoeken. „Het sluit aan bij wat wij ‘positieve branchevervaging’ noemen: je ziet dat ondernemers steeds vaker interne en externe combinaties aangaan.”

Er zijn ook in Nederland inmiddels genoeg eigenwijze ondernemers te vinden die op zoek zijn gegaan naar verrassende combinaties met koffie. Zoals ‘PS! Koffie, kunst en chocola’ in Groningen, waar je aan de lange mozaïekbar – geïnspireerd op de Spaanse kunstenaar Gaudí – koffie kunt bestellen, maar ook kunstobjecten kunt kopen. Tape, in Arnhem, is een café met een podium voor jonge kunstenaars, schrijvers en ontwerpers. En Quirky Lunchroom & Gallery in Den Haag is een café, waar jonge kunstenaars hun werk kunnen ophangen. Op het open podium van Quirky staat elke vrijdag een artiest om de gasten, die een hapje zitten te eten, te vermaken.

Opvallend is rijschool Overtoom in Amsterdam. De rijschool heeft een coffeecorner met een leestafel en een loungeruimte. Dat is niet eens zo bijzonder: Rijschool Overtoom haalt en brengt de leerlingen namelijk niet, maar laat ze naar de rijschool komen. Dan kan het wel eens voorkomen dat je op je rij-instructeur moet wachten. Het opvallende is de verkoop van curiosa: van sieraden tot lampen, vreemd, zeldzaam of antiek. Overtoom is een rijschool en designwinkel in één.

De recessie zet ondernemers extra aan om verder te kijken dan hun neus lang is. Een ondernemer die in business A zit, kan dat misschien combineren met B of C. Wie weet draait zijn winkeltje dan wel beter. Lamb schetst een voorbeeld. „Veel doe-het-zelfwinkels verkopen tegenwoordig ook fietsen. Daardoor is de fietsenmaker er alleen nog maar om banden te plakken, want zijn fietsen worden te duur vergeleken met de doe-het-zelfzaken. Met enkel banden plakken krijgt de fietsenmaker geen brood op de plank. Hij moet dus gaan kijken of hij zijn werk kan gaan combineren met iets anders. Of hij gaat zitten wachten tot hij volledig overbodig is.”

Zo begon Nico Boos in 1938 een fietsenwinkeltje in Hilversum. Inmiddels verkoopt Antilope naast fietsen en fietskleding ook hometrainers. De kleine zelfstandige fietsenwinkel van vroeger is nu succesvol met een fiets, fit & fashion-formule.

En er zijn meer ondernemers die een combinatie hebben gevonden zonder koffie. Kappers Helen Grevink, Jeroen Wessels en Jeroen Krukkert zitten samen met kleermaker Suze Clements op de Prinsengracht in Amsterdam: De Knipkamer. In De Bilt vind je een kinderkledingzaak met kinderkapsalon.

En bROODSTOP, net over de grens met België, voegde in 2005 benzine, lunch en design samen. In een modern gebouw achter tankstation Roodstop in Oudenaarde serveert Martine Mys luxe broodjes, salades en soepen, met de focus op gezond. Je eet er met een designlepel en onder een designlamp, en voor je de auto weer in stapt kijk je nog even tussen de artikelen van Allessi en Droog Design in de winkel.

Of wat te denken van Coef in Nijmegen. Een kapper en schoenenzaak in één. Waar je zwicht voor een paar mooie sneakers of een retrohorloge terwijl je wacht op je knipbeurt.

Terwijl je wacht dus. Als je wast, moet je wachten. Als je kunst bekijkt, heb je tijd voor koffie. Als je zit te wachten op de kapper, heb je tijd om schoenen te passen. Wachten is tijd. Verloren tijd die de gestreste generatie jonge mensen van nu nuttig wil besteden. Voor ondernemers die liever op twee paarden wedden is dat een uitkomst.