Tijd om te breken met een treurige traditie

De finale van het WK rugby is een reprise van de eindstrijd van 24 jaar geleden.

Nieuw-Zeeland versloeg toen Frankrijk en won zijn eerste en laatste wereldtitel.

Hoe de feestvreugde te temperen? In een land waar rugby de officieuze staatsreligie is. Een land ook dat zichzelf beschouwt als de bakermat van het stoere gevecht met de ovale bal. Een relatief klein (4,3 miljoen inwoners) en geïsoleerd land bovendien dat ditmaal gastheer is van het wereldkampioenschap, en wel een mentale opkikker kan gebruiken na de aardbevingen, begin dit jaar, en de recente olieramp in de ‘ongerepte’ Bay of Plenty.

Maar het kostte bondscoach Graham Henry (65) van Nieuw-Zeeland gisteren weinig moeite om zijn stilaan dolenthousiaste landgenoten weer bij de les te krijgen. „Hoe vaak hebben wij niet gedacht dat de titel al op zak was en stonden we uiteindelijk met lege handen?”, luidde de retorische vraag van de ervaren oefenmeester, nadat zijn ploeg zich gisteren in Auckland ten koste van Australië (20-6) had geplaatst voor de finale van het WK rugby.

Al veel te vaak hebben The All Blacks zich rijk gerekend, en steevast te vroeg. Eén blik in de rugbyannalen is voldoende. Henry, een man met aanzien en gezag in zijn vaderland, weet het als geen ander. Vier jaar geleden begon zijn selectie als de uitgesproken titelfavoriet aan het toernooi, net als bij de vijf voorgaande edities van de strijd om de William Webb Ellis Trophy. Maar al na de kwartfinales kon Nieuw-Zeeland naar huis, al het machtsvertoon in de voorronde (vier duels gewonnen, puntensaldo +274) ten spijt.

De toenmalige bedwinger van de zwarte rugbymachine is dezelfde als die komende zondag in de finale het pad kruist van het gastland: Frankrijk. Met meer geluk dan wijsheid ontdeden Les Bleus zich zaterdag van het dappere Wales: 9-8. Het intern verdeelde Frankrijk dankte de zege grotendeels aan het feit dat de Welshmen al na achttien minuten met één man minder verder moesten spelen. Aanvoerder Sam Warburton beging een zware overtreding – een onbezonnen tackle op flankspeler Vincent Clerc – die hem een rode kaart en een schorsing van drie weken opleverde. Frankrijk wist de overtalsituatie niet uit te buiten. Maar de aanvalskracht van Wales leed zichtbaar onder de absentie van Warburton, waardoor het inspiratieloze spel van de Fransen niet werd afgestraft.

De finale van komende zondag is een herhaling van de eindstrijd bij het allereerste WK, dat 24 jaar geleden eveneens in Nieuw-Zeeland werd gehouden. Toen behaalde de thuisploeg onder leiding van aanvoerder David Kirk de eerste en, opmerkelijk genoeg, tot dusver enige wereldtitel. Pikant waren de woorden die Kirk vier jaar geleden sprak aan de vooravond van het WK in Frankrijk. Hij had zich de grondlegger gewaand van een rugbydynastie, toen hij op 20 juni 1987 in Eden Park (Auckland) de trofee in handen gedrukt had gekregen. „Ik dacht: deze prijs geven wij nooit meer uit handen”, erkende hij in verschillende interviews.

Het tegendeel bleek waar. Sterker nog: sinds 1987 lijden The All Blacks aan een heus WK-syndroom. Onbekwame spelers (1991), een voedselvergiftiging (1995), interne conflicten (1999), zelfoverschatting (2003) – in het zicht van de eindstreep ging het telkens fout, tot afgrijzen van het rugbymaffe vaderland.

Met als gevolg dat de erelijst van een van de beste rugbyers ooit, Jonah Lomu, magertjes oogt. In rugbykringen geldt de razendsnelle spierbundel nog altijd als The Nightmare in Black – een bijnaam die hij ooit kreeg door vrijwel eigenhandig Engeland op te rollen. Maar onbedoeld staat Lomu (36) symbool voor de tragiek van het Nieuw-Zeelandse rugby: als geen ander in staat om snel- en hardheid te koppelen aan tactisch vernuft, maar geen winnaar(s) wegens een gebrek aan mentale weerbaarheid.

Henry, sinds 2004 bondscoach van Nieuw-Zeeland, hoopt te breken met die naargeestige traditie. „We moeten binnen twee dagen weer met beide benen op de grond staan”, benadrukte hij gisteren. Dat is al lastig genoeg. Nieuw-Zeeland veegde in de voorronde immers de vloer aan met het gedesoriënteerde Frankrijk: 37-17.

Maar geen opponent die zo onvoorspelbaar voor de dag kan komen als Frankrijk, weet Henry. Twaalf jaar geleden, in de halve finales van het WK in Wales, leek Nieuw-Zeeland af te stevenen op een eenvoudige overwinning. Na rust stond Frankrijk echter op uit de dood: 43-31. Marc Lièvremont, de huidige bondscoach van de Fransen, maakte deel uit van die ploeg. Vier dagen lang was de selectie bijna letterlijk dronken van geluk, waarna in de finale kansloos van Australië werd verloren: 35-12. „Die fout gaan we niet nog eens maken”, waarschuwde Lièvremont zaterdag. Ook hij wil niet te vroeg juichen.

    • Mark Hoogstad