Sabaan voelt zich nu tweederangs Nederlander

Saba heeft diepe spijt. Een jaar geleden kozen de tweeduizend eilandbewoners vol overtuiging voor het Nederlanderschap. Nu voelen ze zich achtergesteld. De bezoekende fractieleiders uit de Tweede Kamer erkennen dat het Nederlandse beleid beter moet.

Na een spectaculaire aankomst op één van de kortste landingsbanen ter wereld lopen zes fractievoorzitters door het douanekantoortje van Saba. Buiten is een demonstratie: veertig zwijgende Sabanen, voorzien van witte borden met zwarte randen. De teksten zijn hard: Saban’s second class citizens (Saba’s tweederangs burgers); Equality now (Gelijkheid nu) en Getting sick equals death (Ziek worden is doodgaan).

Het bezoek van de fractievoorzitters en Kamervoorzitter Gerdi Verbeet aan Saba begint heftig. De krap tweeduizend bewoners van het vulkaaneiland kozen er vijf jaar geleden overtuigend voor volwaardig onderdeel van Nederland te worden. Maar een jaar nadat het eiland de status van bijzondere gemeente kreeg, is de liefde voor Nederland weggeëbt.

Het zijn maar veertig demonstranten, daar bij het vliegveld, maar ze staan voor meer. Voor het eerst in de historie, vertellen Sabanen zelf, kozen zij voor een demonstratie tegen Nederland. En als er niet snel wat verandert, zou dat ook wel eens kunnen gebeuren als later deze maand koningin Beatrix op bezoek komt. Dat zou een hele stap zijn voor de oranjegezinde Sabanen.

De grootste problemen: ondermaatse gezondheidszorg, te hoge belastingen en energieprijzen, enorme inflatie en te rigide ingevoerde Nederlandse wetten en regels.

„Wij moeten maanden wachten voordat we naar een specialist kunnen”, zegt Juliet Johnson. Zij houdt een bord vast met de tekst Cheaper Health Care is not better (Goedkopere gezondheidszorg is niet beter). Ze vertelt dat een zorgkantoor op Bonaire, een ander eiland dat een gemeente werd, bepaalt wat er met je gebeurt als je ziek bent. Bonaire ligt ver weg, het is een benedenwinds eiland op 900 kilometer. „We stemden voor Holland, niet voor Bonaire.”

Saba is een bijzonder deel van Nederland. Het bestaat uit een vulkaan, die met zijn 877 meter sinds een jaar als hoogste punt van Nederland geldt. De meeste blanke inwoners stammen af van zeerovers. Ze hebben Schotse, Ierse en Engelse voorvaderen. Het land leeft van toerisme, visserij en wat landbouw. Een Amerikaanse artsenopleiding zorgt met zijn 600 studenten ook voor belangrijke inkomsten. Sinds een jaar is de Amerikaanse dollar de officiële munteenheid. De inflatie is hoog, 4,7 procent in het eerste kwartaal en 6,9 procent in het tweede kwartaal.

De fractieleiders worden ’s middags naar een supermarkt geleid, waar ze zien hoe duur levensmiddelen zijn. Gedeputeerde Chris Johnson vertelt dat een brood in een jaar bijna twee keer zo duur is geworden, en nu drie dollar kost. „Voor hetzelfde brood op Sint Maarten betaal je een dollar. Dit is te veel voor ons.”

Hij probeert de bezoekende politici er de hele dag van te overtuigen dat Nederland onredelijke belastingen oplegt. Vooral de 6 procent bestedingsbelasting zorgt voor grote ergernis. De meeste goederen komen via Sint Maarten, en daar wordt ook al belasting geheven. Sabanen gebruiken voortdurend deze vergelijking. Stel: je woont in Den Haag en je gaat winkelen in Rotterdam. Als je terugkomt, word je op de snelweg tegengehouden en moet je over alles wat je hebt gekocht belasting betalen. Staatssecretaris Weekers (Belastingen, VVD) verlaagde een deel van de belasting al, maar de Sabanen zijn niet tevreden.

In een benauwd zaaltje lopen ’s avonds tijdens een meet and greet met de bevolking de emoties hoog op. Joka Blaauboer, een Nederlandse huisarts die verantwoordelijk is voor de gezondheidszorg op Saba, houdt een bevlogen speech. „Beloften die Nederland in 2008 deed, zijn niet waargemaakt”, zegt ze. Er was altijd een goed verzekeringssysteem, maar nu ze onder het Nederlandse stelsel vallen, zijn velen veel duurder uit.

Een gepensioneerde vertelt dat er verpleegsters zijn die uit eigen zak paracetamol en hoestdrank betalen, omdat met name oudere patiënten er het geld niet voor hebben. De bewoners waren gewend dat deze goedkope geneesmiddelen vergoed werden. Sabanen hebben relatief veel gezondheidsproblemen. Op het kleine eiland is veel inteelt: neven en nichten trouwen vaak met elkaar.

De acute zorg was lang een probleem. Eerder dit jaar zou een man met een dubbele longontsteking zijn overleden omdat hij niet snel genoeg weg kon van het eiland. Er is nu een helikopter geregeld. Voor operaties worden Sabanen naar een ziekenhuis in Colombia of Guadeloupe gestuurd. Daar spreken specialisten alleen Spaans of Frans,waar de voertaal voor Sabanen Engels is. De samenwerking met Sint Maarten verloopt niet goed, en de vergoeding voor familieleden die met patiënten meereizen is sinds een jaar verlaagd van circa 70 naar 25 dollar, vertelt de huisarts. „Ik ben niet meer zo trots om Nederlander te zijn”, zegt Blaauboer. „Saba is wel verplicht om het homohuwelijk in te voeren, maar krijgt niet dezelfde voorzieningen als Nederland.” De politici zijn onder de indruk van de verhalen. VVD’er Stef Blok zegt dat hij alles nog wel wil checken in Nederland.

De fractieleiders voeren veel gesprekken, maar hebben de bewoners verder weinig te bieden. Ze erkennen dat de coördinatie van het beleid uit Nederland rommelig en versplinterd is. Minister Donner (Binnenlandse Zaken, CDA) moet beter coördineren, zeggen ze bijna allemaal.

Joka Blaauboer hoopt dat Nederland snel iets doet. „In het meest oranjegezinde deel van Nederland dreigen de mensen anti-Nederlands te worden. Dat is treurig.”