Fysiek behoren turners tot wereldtop, mentaal komen ze tekort

De Nederlandse turners stelden teleur op de WK in Tokio, waardoor ook de Spelen nog ver weg zijn.

De Nederlandse turners zijn niet van olympisch niveau, de reeks successen van het afgelopen decennium ten spijt. De laatste tien jaar stroomden medailles binnen – met als uitschieters vier Europese en één wereldtitel – maar ging het rond of op de Olympische Spelen steeds gruwelijk mis.

En dat is ook nu weer het geval. Na de WK in Tokio, hét olympische kwalificatiemoment, staat de Nederlandse teller op nul nominaties voor ‘Londen’. Afgelopen weekeinde faalden zelfs de sterren. Yuri van Gelder mag definitief niet naar de Spelen en Epke Zonderland lijkt kansloos nu hij is aangewezen op het kwalificatietoernooi voor de WK-afvallers, begin januari in Londen. Want daar kan de rekspecialist zich alleen nog plaatsen via de meerkamp.

Het zat de Nederlanders op de WK ook niet mee. Aan kwaliteit kan het niet liggen, want zowel Van Gelder als Zonderland behoort tot de top. Het moet dus in het hoofd zitten, anders is hun falen niet te verklaren.

Kwalificeren voor en presteren op Olympische Spelen vereist een mentale hardheid die Nederlanders schijnbaar niet kunnen opbrengen. Natuurlijk heeft de concurrentie zich in een (pre-)olympisch jaar verbeterd. Dat is echter een bekend gegeven. En natuurlijk staan er plotseling sterke Amerikaanse, Russische en Chinese debutanten op. Maar dat is evenmin nieuw. De geschiedenis herhaalt zich, elke olympische cyclus weer. De concurrenten staan er steeds wél als dat het van hen verlangd wordt.

Zonderland miste gisteren in de finale op rek de ‘Yamawaki’, uitgerekend het eenvoudigste element in zijn loodzware oefening. Met de combinatie van de vluchtelementen ‘Cassina’ en ‘Kolman’ en de ‘Gaylord 2’ had Zonderland het ultieme risico genomen. Hij is de enige turner ter wereld die zo’n samenstelling aandurft. En de uitvoering ging goed, wonderwel goed zelfs. Tot hij kort voor zijn afsprong gestrekt over de rekstok moest zweven. Hij kwam niet hoog genoeg, tikte met zijn voeten de stok aan en moest een rotatie laten schieten. Maar het ergste van alles: hij leverde ruim een punt in. Zonderland werd vijfde en miste de medaille die plaatsing voor de Spelen had betekend.

Van Gelder was een dag eerder onderuit gegaan. Ook hij turnde zijn oefening op olympisch niveau, in de stijl zoals we die van de turner voor zijn cocaïnetijdperk gewend waren. Bij hem school het venijn in de afsprong. Van Gelder besloot alle risico’s te nemen met een dubbele salto gehoekt. Achteraf vervloekte de turner zijn waaghalzerij, want hij landde op zijn achterste en wist onmiddellijk dat olympische deelname onmogelijk was geworden. Net als Zonderland werd hij vijfde.

De reeks tegenvallers in Tokio werd vergroot door Jeffrey Wammes, die in de finale op sprong achtste en laatste werd. Gezien de krachtsverhoudingen op dat onderdeel stelde Wammes minder teleur dan Zonderland en Van Gelder.

De deceptie bij de mannen volgde op de tegenvallers bij de vrouwen die eerder in het toernooi bij de landenwedstrijd rechtstreekse plaatsing hadden verprutst. Na hun negende plaats bij de WK van vorig jaar in Rotterdam hadden de vrouwen gehoopt op de topacht, wat plaatsing voor de Spelen had betekend. Maar ook de turnsters maakten op cruciale momenten fouten en werden dertiende. Zij kunnen zich bij het kwalificatietoernooi in Londen nog herstellen door bij een wedstrijd van acht landen – de nummers negen tot en met zestien van de WK in Tokio – bij de beste vier te eindigen.

Bij de mannen heeft Nederland op de Spelen recht op één deelnemer, die via het kwalificatietoernooi op de meerkamp in januari bekend moet worden. Dat wordt waarschijnlijk een strijd tussen Wammes en Zonderland. Als Zonderland wordt uitgezonden, want de turnbond mag twee deelnemers inschrijven en kan ook kiezen voor Bart Deurloo – een betere meerkamper dan Zonderland. Topsportmanager Ad Roskam meldde gisteren dat de kwalificatie-eisen voor het laatste kwalificatietoernooi snel bekend worden gemaakt.

Vraag is of de turnbond Zonderland en Wammes aanwijst op grond van hun medaillekansen of via een extra plaatsingstoernooi nog andere turners een kans wil geven. Hoe dan ook wordt olympische deelname voor Zonderland a hell of a job. Hij heeft vanwege lichamelijke ongemakken bewust voor specialisatie aan rek gekozen. Vloer en sprong zijn belastend voor zijn kwetsbare rug en een oefening aan de ringen is mogelijk te veel gevraagd voor zijn schouders. Maar de sportman van jaar 2009 mág nog hopen op ‘Londen’. Dat geldt niet voor Van Gelder, die als pure specialist is aangewezen op de Olympische Spelen van 2016 in Rio de Janeiro.