Moord of zelfverdediging: Obama stuurt de drones

Vertegenwoordigde de Amerikaan Anwar al Awlaki, een radicale moslimprediker, een onmiddellijke bedreiging voor de Verenigde Staten? Eén die zo ernstig en acuut was dat de VS de man mochten doden met een onbemand vliegtuigje? Op 30 september werd Al Awlaki in Jemen door een raketsalvo geraakt – hij was onderweg in een auto, samen met een andere Amerikaan die ook het leven verloor. Zonder proces, zonder formele aanklacht, zonder dat het Amerikaanse openbaar ministerie bewijs tegen hem in een open strafproces presenteerde. Zonder dat de VS in oorlog zijn met Jemen.

Was dit moord of handelden de VS uit legitieme zelfverdediging? Deze vraagt raakt de kern van een democratische rechtsstaat – en alle morele waarden die deze vertegenwoordigt. Een staat die eigen burgers vermoordt is meestal een dictatuur. Wie is er dan veilig voor politieke vonnissen uit het Witte Huis? Of vanuit andere regeringszetels? Het is de klassieke val waarin bedreigde staten trappen – om de eigen instituties te redden worden ze beschadigd, met een beroep op ‘uitzonderlijke omstandigheden’.

Deze man was op een CIA-lijst met gezochte terroristen geplaatst – zijn familie vroeg vorig jaar een rechter in Washington hem daarvan te verwijderen. De rechter verklaarde zich niet bevoegd. Beslissingen om burgers op ‘Kill or capture’-lijsten te plaatsen zijn per definitie politiek en onttrekken zich aan rechterlijke controle. En als Al Awlaki zijn plaats op die lijst wilde aanvechten, kon hij zich aangeven en zijn zaak in de rechtszaal bepleiten, redeneerde de rechter.

Maar ook politieke beslissingen dienen legitiem te zijn, in dit geval volkenrechtelijk onderbouwd. Daarover woedt nu een stevig debat in de VS, dat zich concentreert op de vraag of de Amerikaanse grondwet executies door de eigen regering verbiedt. En of dit dus een ‘buitenwettelijke’ actie van de Amerikaanse overheid was, vergelijkbaar met de Israëlische overheidsaanslagen op verdachte terroristen. De discussie is ook relevant voor landen die binnen het bereik van onbemande Amerikaanse raketplatforms komen. En dat zijn er vrij veel.

Over de zaak VS vs. Al Awlaki bestaat een intern juridisch advies dat de regering-Obama geheimhoudt. De New York Times reconstrueerde de inhoud. Veel verontruste juristen bepleiten inmiddels openbaarmaking, eventueel in gekuiste vorm – zonder militaire details of geheime bronnen. Hoe kan uitgerekend Obama zoiets goed vinden, deze law professor uit Chicago, die nog zoveel bezwaren had tegen de Bushmemo’s waarmee het absolute martelverbod destijds werd weggepraat?

Het document van de Amerikaanse landsadvocaat concludeert dat Al Awlaki alleen gedood mag worden als gevangenneming niet haalbaar is. De verdachte zou oorlogshandelingen tegen de VS voorbereiden, en daardoor een onmiddellijk gevaar zijn. Ook was het gezag in Jemen niet in staat of bereid de verdachte te arresteren. Het bewijs was verzameld door de geheime dienst maar door de opstellers van het document niet getoetst.

Aangenomen wordt dat hij hielp bij het rekruteren van zelfmoordterroristen en aanslagen voorbereidde. Al Awlaki zou een Jemenitische tak van Al-Qaeda leiden. Daarmee zou hij juridisch kwalificeren als een ‘vijandige strijder’ tegen wie de Amerikaanse regering van het Congres met geweld mag optreden. Deze congressionele machtiging werd vlak na 11 september 2001 gegeven. Weliswaar bestond die Jemenitische tak toen nog niet, maar een kniesoor die daar op let.

Dat de Amerikaan Al Awlaki, bijgenaamd de ‘YouTube preacher’ wordt beschermd door de Amerikaanse grondwet wordt weggeschreven. Weliswaar garandeert artikel 4 de burger een recht op lichamelijke integriteit en bescherming tegen huiszoeking, arrestatie of inbeslagname zonder redelijke grond. En beschermt artikel 5 hem tegen het afpakken door de staat van ‘life, liberty of property’ zonder eerlijk proces. Maar die ‘redelijke grond’ lag in het onmiddellijke levensgevaar voor andere Amerikanen door de terreurdaden die Awlaki zou voorbereiden. En een eerlijk proces, precies volgens nationale normen hoeft Amerikanen in dienst van de vijand niet altijd te worden geboden. Althans dat heeft de rechter uitgemaakt in eerdere zaken. Juridisch met de hakken over de sloot dus. Of niet?

Het gevaar is nu dat Obama een nieuwe doctrine heeft geschapen die regeringen in staat stelt tegenstanders in het buitenland te elimineren. En niet alleen Amerikaanse. Zolang er een legitieme oorlogshandeling bij kan worden bedacht, volstaat een raketsalvo. Maar de schade aan het recht is potentieel enorm. Ik zeg – heb uw vijand lief en arresteer ’m. Het is altijd de moeite waard.

Folkert Jensma

Reageren kan via www.nrc.nl/rechtenbestuur