Groen? Onzin. We leven in een vies land

Het kabinet-Rutte heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan. Zegt het. Maar de cijfers laten zien dat Nederland tot de vieste landen in Europa hoort. In sommige gevallen stijgt de schadelijke uitstoot. „We zitten in een fossiele fuik.”

roode vaart bij moerdijk foto rien zilvold/nrc handelsblad

Welk land in Europa heeft het meest vervuilde oppervlaktewater? Waar gaan gemiddeld de meeste levensjaren verloren als gevolg van de hoge concentraties fijn stof in de lucht?

Niet in Roemenië, Italië, of Polen. Het antwoord: in Nederland.

Het is een somber beeld dat Stichting Natuur en Milieu schetst in een onderzoek dat ze vandaag publiceert. Nederland is een vies, grauw land.

„En dat staat haaks op wat het huidige kabinet ons voorspiegelt”, zegt Ron Wit, hoofd klimaat bij Natuur en Milieu. Vorige week presenteerden minister Maxime Verhagen (Economische Zaken, CDA) en staatssecretaris Joop Atsma (Milieu, CDA) de Green Deal, een verzameling van 59 duurzame initiatieven. Ze stelden dat Nederland mee voorop loopt op het gebied van duurzaamheid. Daar klopt niks van, zegt Wit. Nederland bungelt juist onderaan.

Voor het onderzoek heeft Natuur en Milieu cijfers over de kwaliteit van bodem, lucht en water verzameld van gerenommeerde bureaus zoals het Planbureau voor de Leefomgeving en het Europese Milieu Agentschap. Met de cijfers wil de milieu- en natuurorganisatie het beeld corrigeren dat het kabinet-Rutte keer op keer neerzet. Toen het vorig jaar oktober aantrad schroefde het kabinet meteen de milieu- en klimaatambities terug. De verklaring was dat Nederland niet voorop hoeft te lopen in Europa. Alsof het dat deed. Het aandeel duurzame energie bedroeg op dat moment 3,8 procent. Alleen Malta, Cyprus en Groot-Brittannië scoorden lager.

Iemand die zich ook ernstig stoort aan de toon van het kabinet is Jan Rotmans, hoogleraar duurzame transitie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Nederland moet een omslag maken naar een duurzame samenleving, zegt hij, maar hij ziet het land niet groener worden. Het blijft vasthouden aan fossiele brandstoffen. Er komen talloze nieuwe kolen- en gascentrales bij. Het vrachtvervoer neemt toe, met als gevolg dat er meer dieseltrucks komen die meer fijnstof uitstoten. „Als je op fossiel gebied gidsland wil zijn, prima, maar zeg dat dan gewoon.’’ Hij vraagt zich af waarom het kabinet zich achter een groene vlag verbergt. „Het is dom”, zegt Rotmans. „Want je prikt er zo doorheen.”

De cijfers laten zien dat Nederland slecht scoort binnen de EU wat betreft de kwaliteit van bodem, lucht en water. En het ziet er naar uit dat het nog erger wordt. Dat blijkt uit de zogeheten ‘Referentieraming energie en emissies 2010-2020’. Het rapport is vorig jaar in opdracht van de ministeries van EZ en VROM opgesteld door het Planbureau voor de Leefomgeving en het Energieonderzoek Centrum Nederland. Uit de grafieken blijkt dat de concentraties schadelijke stoffen, zoals ammoniak in de bodem en fijnstof in de lucht, jarenlang zijn gedaald. Maar de prognose is dat die daling de komende jaren in de meeste gevallen afvlakt. Hij neemt zelfs weer toe voor bijvoorbeeld zwaveldioxide en vluchtige organische stoffen.

Is dat erg? Vorig jaar berekende het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu dat jaarlijks 2.090 mensen in Nederland vroegtijdig overlijden als gevolg van een kortdurende blootstelling aan fijnstof. Nog eens 2.350 mensen worden met spoed opgenomen wegens problemen met de ademhaling of met hart- en bloedvaten. Adviesbureau CE Delft schatte in 2005 de gezondheidsschade door fijnstof tussen de 4 en 40 miljard euro per jaar – er zitten grote onzekerheden in zulke studies.

Hoe groot de schade is van andere stoffen, zoals ammoniak en zwaveldioxide, is niet duidelijk. Ook is nog onbekend hoe groot de baten zijn van het verder naar beneden brengen van de emissies. Het Planbureau voor de Leefomgeving is een grote studie begonnen om dit te ontrafelen. Over de resultaten wil het instituut nog niks kwijt.

Waarom scoort Nederland zo slecht? Onder andere omdat het land zo dichtbevolkt is. Op een klein oppervlak leven zeven miljoen huishoudens, die steeds meer elektrische apparaten aanschaffen, meer parfum en deo spuiten en meer auto’s aanschaffen. Maar het heeft net zo veel te maken met de economische historie van Nederland. De drie sectoren die de afgelopen vijftig jaar voor veel welvaartsgroei hebben gezorgd – de petrochemie, de intensieve landbouw en de logistiek – zijn een bepalende factor in de vervuiling. Ammoniak is voor 90 procent afkomstig uit de landbouw. Zwaveldioxide is voor 90 procent afkomstig uit de industrie, de raffinaderijen en de elektriciteitscentrales. Stikstofoxiden zijn grotendeels afkomstig uit het verkeer, de industrie, de elektriciteitscentrales en de raffinaderijen.

Wil Nederland de omslag naar een duurzame samenleving maken, dan zullen deze drie sectoren mee moeten. Pieter Boot van het Planbureau voor de Leefomgeving ziet het al voor zich: raffinaderijen maken straks geen diesel en benzine meer op basis van ruwe olie, maar op basis van plantaardig materiaal. En de transportsector rijdt op groene stroom, biobrandstoffen of waterstof.

Maar er is ook een andere optie: de drie sectoren verzetten zich tegen verandering. Hoogleraar Jan Rotmans ziet vooral dat laatste. De petrochemie, de intensieve landbouw en de logistiek draaien op fossiele brandstoffen. Jaarlijks gaat er 6 miljard euro aan fiscale steun naar deze brandstoffen. Dat maakt ze goedkoper. De sectoren zijn niet van plan dat voordeel op te geven. Vorig jaar zijn er pogingen gedaan om de steun af te bouwen. Een werkgroep onder leiding van Bernard ter Haar, directeur-generaal Milieu bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu, deed er voorstellen voor. Maar die hebben het niet gehaald. „Nederland zit in een fossiele fuik”, zegt Rotmans.

Hij maakt de vergelijking met duurzame energie. Die sector ontvangt jaarlijks 1,5 miljard euro subsidie. Vier keer minder dan naar fossiele brandstoffen gaat. Rotmans: „Dus als premier Rutte zegt dat windmolens alleen maar op subsidie draaien, vertelt hij maar de halve waarheid.”

Het huidige kabinet steunt volgens Rotmans de gevestigde belangen. Staatssecretaris Atsma zei tijdens de presentatie van de Green Deal, vorige week in IJsselstein, dat hij zich ervoor gaat inzetten om de luchtvaartsector buiten het Europese systeem voor emissiehandel te houden. Naast hem stond Peter Hartman, topman van KLM.

Wit noemt nog veel meer maatregelen die het kabinet-Rutte heeft genomen ten nadele van natuur en milieu. De zogeheten groenregeling voor banken – fiscale steun om te beleggen in groene projecten – is ingeperkt. De subsidie voor zonnepanelen is geschrapt. Op sommige wegen mag in plaats van 120 nu 130 kilometer per uur gereden worden. Het budget voor waterbeheer is gesnoeid. De belasting voor bedrijven op plastic verpakkingen wordt afgeschaft.

Rotmans vindt dat het kabinet de kosten van vervuiling afwentelt op de samenleving. Hij pleit voor nieuwe, strengere regels. Pieter Boot van het Planbureau voor de Leefomgeving erkent dat daardoor de uitstoot van schadelijke stoffen in Nederland verder omlaag kan. Maar de praktijk is anders. „Er komen niet zo heel veel nieuwe regels bij op dit moment”, zegt Boot. Ook hij ziet een verschil tussen de statistieken en de toon van het kabinet. „De cijfers zeggen meer over de werkelijkheid dan de woorden van het kabinet.”

Volgens Rotmans loopt Nederland op het gebied van duurzame energie snel een achterstand op. Italië investeert nu jaarlijks 17 miljard euro in duurzame energie, Duitsland 22 miljard, Groot-Brittannië 20 miljard. Nederland zit op 1,5 miljard. Rotmans: „De economie ordent zich opnieuw, rond duurzame technologieën. Maar wij doen er niet aan mee. Dat is killing.”