Nieuwe ontvoeringen in Kenia

Twee Spaanse medewerkers van de hulporganisatie Artsen zonder Grenzen zijn gisteren ontvoerd in het Keniaanse vluchtelingenkamp Dadaab, zo’n vijftig kilometer van de Somalische grens.

De Keniaanse politie vermoedt dat de ontvoering het werk is van Somalische militanten van de moslimextremistische militie Al-Shabaab, omdat de ontvoerders in de richting van Somalië zijn ontkomen. Maar een woordvoerder van Al Shabaab ontkent iedere betrokkenheid. Ook zouden de ontvoerders zich niet in door Al-Shabaab gecontroleerd gebied bevinden.

Het is de derde ontvoering van westerlingen in de buurt van de Keniaans-Somalische grens in een maand tijd. In september werd een Britse toeriste ontvoerd uit een luxueus hotel, nadat haar man was doodgeschoten. Op 1 oktober werd een Franse gehandicapte vrouw meegenomen van een toeristeneiland voor de Noord-Keniaanse kust. Het laat zien hoe gemakkelijk het voor Somaliërs is om de grens over te steken.

In Dadaab, waar zo’n 500.000 vluchtelingen wonen, worden Somaliërs opgevangen die de oorlog en de honger in eigen land zijn ontvlucht. Het kamp bestaat al vele jaren, maar de afgelopen maanden zijn tienduizenden nieuwe vluchtelingen aangekomen die door de honger uit Somalië zijn verdreven.

De lokale Keniaanse bevolking klaagt dat de onveiligheid in het gebied daardoor de afgelopen tijd snel toeneemt. De Keniaanse politie, kustwacht en grensbewaking zijn onvoldoende toegerust om voor voldoende veiligheid te zorgen.

De twee Spaanse vrouwen werden in een auto door het kamp gereden, toen ze door de ontvoerders werden aangehouden. Die zouden de chauffeur hebben gedood en daarna met de auto zijn gevlucht. De politie onderzoekt berichten dat de auto tussen het kamp en de Somalische grens leeg is aangetroffen.