Hoera, de geit heeft schimmel

Elke lezer heeft van die zinnen die hem bijblijven: bij de een iets van Goethe, bij de ander iets van Nescio. Ik heb ‘De gait heb skimmel!’ Of iets vergelijkbaars, want ik heb de zin al een kwart eeuw niet meer in druk gezien. Hij stond in een Bulkboek dat wij tijdens een kampeervakantie bij ons hadden, vol vieze plattelandsverhalen van Herman Pieter de Boer. In het eerste verhaal heeft de geit dus schimmel, en daartegen helpt maar één ding. De boerenzonen stellen zich op in een kring rond de geit, knopen hun broeken los en pissen de schimmel weg. Later legt de boerendochter het dier nog op de rug, voor de uier (‘Jullie mannen doen alles maar half’).

Geen idee meer hoe het boek heet, maar een revival zit in een klein hoekje, zeker nu De Volkskrant dinsdag vier pagina’s wijdde aan Zalig zijn de schelen, een boek dat Betty van Garrel in 1973 maakte met Herman Pieter de Boer – in dialoogvorm. Over loensende mensen, zogenaamd, maar zonder focus. Van Garrel en De Boer associëren er op los: ‘Woedende Duitse ambtenaar: Mensch! Das ist doch kein Kuckuck! Das ist ein Reichsadler.’

Maar waar is het boek? In het stuk staat alleen dat een uitgever zich bij de auteurs heeft gemeld. Toch maar even gebeld. Het blijkt Paul Abels te zijn, de man die de zkv’s van A.L. Snijders de wereld inbracht.

Mocht het Abels toch niet lukken, dan weet ik nog wel iemand: Frederik van der Kamp, die net samen met Bob Polak een nieuw literair tijdschrift heeft opgericht: De God van Nederland. (Het vierde nieuwe tijdschrift in een half jaar, de aangekondigde bezuinigingen lijken wel kunstmest voor de branche).

De God van Nederland is meteen een van de leukste. Niet omdat er veel auteurs van Nijgh & Van Ditmar in langskomen (Frederik van de Kamp is ook bekend als Nijgh-uitgever Vic van de Reijt), maar vooral door de onbekommerde wijze waarop de makers literair-historische anekdotes (Van Oorschot trekt zijn schoenen uit bij Elsschot) combineren met onnavolgbare flauwekul zoals een kleur- en stijladvies aan Jeroen Brouwers, een als readymade vormgegeven columnzin van Joost Zwagerman. Op de achterkant staan de tien geboden van het tijdschrift, opgetekend in elf punten. Het enige dat ontbreekt is, eigenlijk, een feuilleton van Herman Pieter de Boer. In het tweede nummer graag. Anders sturen we een boerendochter op Van der Kamp en Polak af: ‘Jullie mannen doen alles maar half!’