Het publiek kan meer dan alleen protesteren

Het is dat Prinses Máxima vorige week in Amsterdam tijdig een hernieuwd Beursplein 5 opende, waar nu weer meer dan honderd handelaren dagelijks actief zijn. Anders hadden de demonstranten die daar morgen bijeenkomen voor Occupy Amsterdam slechts een symbolische plek bezocht. Want dat is een beetje het probleem van de manifestatie, die er in navolging van Occupy Wall Street plaatsvindt: wáár is die financiële sector eigenlijk?

De bedrijfstak die sinds 2008 het terechte mikpunt is van kritiek, is amorf. Vraag een bankmedewerker of hij of zij zich verantwoordelijk voelt voor het gebeurde, en die zal oprecht antwoorden dat hem of haar geen blaam treft. Het is het systeem, stommerd. Dat is ook meteen de reden voor de stijgende woede van het publiek zelf: dat de financiële sector zo ongrijpbaar is, op dezelfde voet lijkt door te gaan en zich slechts tegenstribbelend en mondjesmaat lijkt te hervormen.

Want de bedrijfstak is zelf heel goed in de positie zich te verweren. Niet noodzakelijkerwijs kwaadschiks, maar gewoon omdat dat zo is. Het geldverkeer vormt een essentiële infrastructuur, net als gas, water en licht. De banken blijven verantwoordelijk voor het onderhoud van een systeem dat zij zelf bijna te gronde richtten.

Protesteren is zinvol, al was het maar om de druk te hervormen levend te houden. Hopelijk zal het grootste deel van de deelnemers morgen bestaan uit mensen die zich gewoon zorgen maken. Blijft de vraag, zoals bij elk protest: wat kun je zelf doen om bij te dragen? De complexiteit van het financiële systeem is voor een flink deel afkomstig uit de opkomst van de zogenoemde derivatenhandel. Dat zijn afgeleide financiële producten, zoals opties, termijncontracten, ruilcontracten (swaps) of een nog complexere combinatie daarvan. Meestal beschermen ze tegen koersschommelingen, of zetten een toekomstige stroom van verplichtingen of tegoeden vast.

Daar maken we zelf, zonder het vaak te weten, uitbundig gebruik van. Een hypotheek met een rente-bedenktijd van twee jaar, als de rentevaste periode van vijf jaar is afgelopen, bijvoorbeeld. Daar zit een flinke derivatenconstructie achter. Onze pensioenfondsen, waar we vrijwel allemaal verplicht sparen, maken veelvuldig gebruik van derivaten om snel van beleggingskarakter te kunnen veranderen zonder daadwerkelijk aan- of verkopen te hoeven doen op de financiële markten. Ons Ministerie van Financiën dekt haar renterisico’s af. Wie een beleggingsfonds koopt dat een beursindex schaduwt, of de koers van goud of wat dan ook volgt, maakt grote kans om ergens een Delta One-afdeling te sponsoren waar Kweku Adoboli nog een maand geleden 1,7 miljard euro verspeelde. Beleggingsverzekeringen, je vermogen proportioneel opeten tot je sterfdag.

In wezen werkt vrijwel alles dat een vaste belofte verkoopt in een variabele en onzekere wereld met complexe achterliggende constructies. Wat te doen? Vraag de bank, beleggingsadviseur, pensioenfonds en alle anderen die geld verdienen met uw geld voortaan naar eenvoud. Aanvaard dat risico’s deel uitmaken van het leven. Want als de financiële sector terug moet naar de kern, dan moeten wij dat zelf ook. Gelukkig kan de banksector morgen zelf ook al vast in actie komen. Toevallig hebben de Verenigde Naties juist 15 oktober uitgeroepen tot een heel bijzondere dag: Global Handwashing Day. Aangeraden, overigens, door Máxima’s echtgenoot.

Maarten Schinkel