Een stelletje slappelingen

De Fransen begonnen matig aan het WK rugby.

Maar tegen Engeland herpakten ze zich, en morgen spelen ze in de halve finales.

French rugby players look at the coach during a training session in Auckland, New Zealand, Tuesday, Oct. 11, 2011. France will play Wales in their Rugby World Cup semifinal match on Saturday, Oct. 15. (AP Photo/Christophe Ena) AP

„Eindelijk! Frankrijk heeft zijn rugby teruggevonden!”, twitterde een enthousiaste PS-politicus Manuel Valls zaterdag, toen Maxime Médard na een schitterende schijnbeweging met de tweede try van het duel Frankrijk op een 16-0 voorsprong tegen Engeland had gebracht. De Fransen vierden afgelopen weekend met de uitschakeling van Engeland (19-12) in de kwartfinale een hoogst onverwacht rugbyfeest en hoopt dat morgen in de halve finale tegen Wales te herhalen.

De aanloop naar de knock-outfase was niet zo best geweest. Het begon nog redelijk, met ietwat ongeïnspireerde zeges tegen Japan en Canada, maar daarna werd Frankrijk door thuisland Nieuw-Zeeland met de neus op de feiten gedrukt: 37-17 voor de All Blacks. Dat Frankrijk geen titelambities moest koesteren was veel fans tijdens de kwalificatiereeks al duidelijk geworden, maar zo worden weggespeeld was toch een nare ervaring voor de rugbyminnende Fransen.

En toen moest het ergste nog komen, een bijzonder pijnlijke nederlaag (19-14) tegen Tonga, een eilandengroep uit de South Pacific van ocharme 105.916 inwoners. Een landje waarvan de beste spelers uitkomen in de Franse amateurcompetities had de vijftien profs van Frankrijk belachelijk gemaakt. Alleen dankzij een try in blessuretijd en de fair play van Nieuw-Zeeland, dat na de Franse nederlaag niet opzettelijk verloor van Canada, hoefden Les Bleus na de groepsfase hun koffers nog niet te pakken. Met het schaamrood op de wangen en onder gefluit en boegeroep van de eigen fans verlieten de Fransen het veld in Wellington. Tv-journaals brachten interviews met woedende fans: hadden zij hiervoor een dure reis naar de andere kant van de wereld geboekt?

Coach Marc Lièvremont beleefde niet bepaald zijn fijnste moment. De selectieheer lag in Frankrijk al onder vuur, omdat hij een sterke sterspeler als Sebastien Chabal (de bebaarde reus van 120 kilo met als bijnaam Het Beest) had thuisgelaten, officieel omdat hij een verjonging van de selectie wilde doorvoeren. En nu kreeg hij zijn „verjongde” elftal niet aan de praat. Letterlijk, want de spelers lieten collectief verstek gaan voor een praatsessie met de groep onder leiding van de trainer, terwijl Lièvremont nog wel drie kratten bier had laten aanrukken. Maar zelfs dat kon de spelers niet verleiden tot de door de coach verlangde introspectie.

De pers hakte ongenadig in op de futloze spelersgroep. Het leken verdorie wel voetballers, schreef sportkrant L’Equipe, en dat is zowat het ergste verwijt dat je een rugbyspeler kunt maken. Zij zien zichzelf graag als echte, stoere mannen die tegen een stootje kunnen, kerels die voor elkaar door het vuur gaan, die nog plezier beleven aan het spel en achteraf in de kantine enkele biertjes nuttigen, samen met de fans én de tegenstanders. Maar zeker in Frankrijk zijn rugbyspelers de afgelopen jaren ook steeds meer ‘gewone’ vedettes geworden, die veel geld verdienen (gemiddeld 13.500 euro netto per maand in de topcompetitie) en bijklussen met reclame (soms zelfs voor cosmetica) en andere mediaoptredens). De Franse hoofdklasse Top-14 is voor het rugby wat de Engelse Premier League is voor het voetbal: het goedbetaalde schouwtoneel voor de beste spelers van over de hele wereld, waardoor lokale talenten steeds moeilijker aan een basisplaats komen. Misschien is dat ook wel een van de redenen voor het mindere spel van de Fransen, opperden analisten.

En toen veranderde alles, in tachtig minuten op een Franse zaterdagochtend. Tegen Engeland stond er plots weer een team, dat frivool aanvalsspel koppelde aan een strakke verdediging. Dat het daarbij ook werd geholpen door het weinig inspirerende spel van de Engelsen werd slechts door een enkeling opgemerkt. Analisten haalden de grote woorden uit de kast: renaissance, wederopstanding, metamorfose. Iedereen blij, niet in het minst coach Lièvremont, die voor het eerst sinds de aankomst in Nieuw-Zeeland een glimlach op de lippen toverde. Hoe had hij dit voor elkaar gekregen? Niet, antwoordde hij tactisch, dit was volledig de verdienste van de spelers.

Voor de wedstrijd tegen Wales, dat in een sterke kwartfinale Ierland uitschakelde, handhaaft Lièvremont morgen zijn winnende team, terwijl hij bekendstaat als een coach die graag veel wisselt. Maar het spel tegen Engeland bekoorde de Fransen zo, dat Lièvremont deze keer geen veranderingen doorvoert. En toch waagt hij ook deze keer een gokje, met opnieuw het jonge lichtgewicht Morgan Parra (22 jaar, 80 kilo) als fly half, volgens Nieuw-Zeelandse spelers nou net een van de redenen waarom het voor hen tegen Frankrijk zo gemakkelijk ging.

Lièvremont trekt zich van die kritiek niets aan, hij vond de opmerkingen van de All Blacks zelfs een beetje lachwekkend. „Morgan is slim, en verdedigend sterk. Hij leest het spel fantastisch goed”, aldus Lièvremont. Hij hoopt alleen dat hij ook als fly half weer gaat scoren, en dan zit er voor Frankrijk misschien zelfs een finale in. Maar de Tricolores staan toch maar mooi in de halve finale van het WK. En dat is meer dan ze vorige week rond deze tijd hadden durven hopen. Frankrijk vond net op tijd zijn rugby terug, zien of het dat nu kan vasthouden.