Bankbalansen mogen niet te veel afslanken

De Europese banken mogen zich niet onder de aanstaande herkapitaliseringsronde uitwurmen door hun balansen af te slanken. Sommige banken kunnen betogen dat ze hun kernkapitaal kunnen versterken door de kredietverlening in te krimpen of bezittingen te verkopen, en dat ze dus geen behoefte hebben aan overheidsgeld. Maar dit zou kunnen leiden tot een nog ernstiger economische crisis.

Vanuit het perspectief van een individuele bank gezien zou het in een noodtempo terugdringen van de schuldenlast zin kunnen hebben, vooral als het alternatief waarschijnlijk een (gedeeltelijke) nationalisering is. Niet alleen zouden de banken waarschijnlijk aandelenkapitaal tegen korting moeten verkopen, zij zouden de uitkeringen van bonussen en dividenden misschien ook moeten opschorten. Dat is althans wat José Manuel Barroso, president van de Europese Commissie, heeft gesuggereerd.

Maar wat op een individueel niveau rationeel zou kunnen zijn, is op een collectief niveau waanzin. De banksector dringt zijn schuldenlast terug – en moet dat ook wel doen, gezien de braspartijen van de afgelopen jaren. Maar dit gebeurt nu al zó snel, dat sommige landen aantoonbaar met een nieuwe kredietcrisis worden geconfronteerd. Het opvoeren van het tempo van deze krimp is wel het laatste dat de Europese economie nodig heeft.

Politici moeten geen sympathie hebben voor instrumenten die zijn bedoeld om de bonussen of dividenden op peil te houden. Dit is een sector die in de eerste jaren van deze eeuw over de schreef is gegaan en sindsdien massale steun heeft ontvangen. Het is terecht dat kapitaal achter de hand wordt gehouden door de uitkeringen aan de aandeelhouders en het personeel te korten.

Maar hoe kunnen de banken ervan worden weerhouden te ver te gaan met het terugdringen van de schuldenlast? Eén optie is het instellen van een strikte deadline, waarbinnen de banken hun nieuwe kapitaaldoelstelling moeten halen, zodat ze worden gedwongen op zoek te gaan naar nieuw aandelenkapitaal in plaats van hun bezittingen in te krimpen. Het alternatief zou zijn dat beleidsmakers een absoluut cijfer zouden verbinden aan de hoeveelheid kapitaal die iedere bank moet binnenhalen, in plaats van een bepaald percentage kernkapitaal te eisen.

Stel dat tegen bank A zou worden gezegd dat zij 3 miljard euro zou moeten binnenhalen, ongeacht de maatregelen die deze bank zou nemen om haar schuldenlast terug te dringen. De bank zou nog steeds haar balans kunnen afslanken, maar met het extra kapitaal achter de hand zou de prikkel veel minder groot zijn om dit te doen.

Hugo Dixon

Vertaling Menno Grootveld