Tropenmuseum raakt subsidie kwijt

Het kabinet stopt eind volgend jaar de subsidie van 20 miljoen euro aan het Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT) in Amsterdam, waarvan het Tropenmuseum onderdeel is.

Dat heeft staatssecretaris Ben Knapen (Ontwikkelingssamenwerking, CDA) de directie van het KIT vrijdag laten weten.

Het stopzetten van de subsidie is een direct gevolg van de bezuinigingen van Knapen op ontwikkelingshulp. Het Tropenmuseum wordt betaald uit gelden die bestemd zijn voor ontwikkelingshulp, omdat het museum onder andere advieswerk in tientallen landen verricht. Het kabinet heeft zich vorig gecommitteerd aan een afname van het ontwikkelingsbudget van 0,8 naar 0,7 procent van het bruto nationaal product. Knapen moet deze kabinetsperiode derhalve 1,9 miljard euro bezuinigen.

Knapen maakte begin dit jaar al bekend dat structurele subsidies voor instellingen gestopt zouden worden. Voortaan zou hij alleen nog maar subsidies op projectbasis geven. Hij zegt dat de subsidie voor het Tropeninstituut aanvankelijk eind 2011 zou stoppen, maar dat hij die in juli toch nog met één jaar heeft verlengd. Hij dacht, zo zegt hij in een interview in deze krant, dat directe stopzetting tot „problemen zou kunnen leiden”.

De voorzitter van de raad van bestuur van het Koninklijk Instituut voor de Tropen, Jan Donner, zegt dat zijn instituut de bezuiniging niet zag aankomen, omdat het instituut volgend jaar zelfs iets meer geld krijgt dan dit jaar. Van een afbouw van de subsidie is geen sprake. Hij sluit niet uit dat hij juridische stappen gaat zetten tegen de abrupte beëindiging van de subsidies, maar wil eerst praten met het ministerie. Vandaag overlegt hij met ambtenaren over de toekomst van zijn instituut.

Vorige week liet Knapen het Tropenmuseum weten dat de subsidie eind 2012 zou stoppen. Knapen: „We willen niet tot in lengte van dagen ontwikkelingsgeld aan een museum in Nederland blijven geven.” Een woordvoerder van de staatssecretaris wijst erop dat een vergelijkbaar museum als het Afrika Museum in Berg en Dal, nabij Nijmegen, ook geen subsidie ontvangt.

Het stopzetten van de subsidie is een flinke aderlating voor het instituut, dat voor ongeveer de helft afhankelijk is van overheidssubsidie. „De staatssecretaris miskent het belang van het Tropenmuseum voor ontwikkelingssamenwerking”, zegt Lejo Schenk, directeur van het Tropenmuseum. „Wij hebben een internationale adviespraktijk opgebouwd en werken samen met tientallen collega-instellingen in het buitenland.”

Door andere musea wordt met verbijstering op het nieuws gereageerd. „Ontluisterend”, zegt Siebe Weide, directeur van de Nederlandse Museumvereniging. „Het kabinet heeft in het regeerakkoord afgesproken om bij de bezuinigingen op cultuur erfgoedinstellingen zoveel mogelijk te ontzien. De staatssecretaris van Cultuur heeft daaraan gehoor gegeven, maar Buitenlandse Zaken doet dat kennelijk niet. Het kabinet spreekt niet met één mond. Dit is een zaak waar premier Rutte zich persoonlijk mee moet bemoeien.”

Staatssecretaris Knapen zegt twee van de vijf activiteiten van het museum, het medisch lab en het advieswerk voor ontwikkelingshulp, graag te willen blijven subsidiëren.

Vorig jaar liet Knapen al zien waar zijn prioriteiten liggen. De bezuinigingen op ontwikkelingshulp werden verdeeld over drie bestaande uitgavencategorieën: subsidies aan particuliere hulporganisaties, donaties aan internationale organisaties en de hulpprogramma’s tussen Nederland en de zogeheten partnerlanden. Knapen bracht het aantal landen waaraan Nederland direct hulp gaf terug van 33 naar 15. Daarnaast maakte hij bekend dat de belangen van Nederland een grotere rol gaan spelen bij het verstrekken van ontwikkelingshulp.

Tropenmuseum: pagina 4 en 5