Rutte: aanwezigheid Zorreguieta bij inhuldiging nu niet aan de orde

Rutte in de Tweede Kamer. Foto NRC / Roel Rozenburg

Rutte wenste vandaag in de Tweede Kamer niet diep in te gaan op de kwestie die gisteren in Nieuwsuur door Jeroen Recourt werd aangehaald. Diens partij, de PvdA, vindt dat Jorge Zorreguieta, de vader van prinses Máxima, niet aanwezig mag zijn bij de inhuldiging van prins Willem-Alexander.

“Dat is nu niet aan de orde”, zei Rutte. Hij voegde eraan toe dat er zorgvuldig omgegaan moet worden met de kwestie, maar wilde het daarbij laten.

Verzet kwam er in de persoon van Ronald van Raak (SP), die eiste dat Rutte nu helderheid verschafte over het standpunt. Volgens hem zijn privé-aangelegenheden geen probleem, maar een publiek optreden door Zorreguieta is “onbestaanbaar”. Hij wenste daarom nu een duidelijk standpunt: “Gedoe daarover moeten we nu voorkomen.”

Een inhoudelijke reactie van Rutte bleef echter uit. Hij haalde de angel uit het debatonderwerp door te stellen dat hij “gezegd had wat erover te zeggen is”. Pechtold (D66) en Recourt (PvdA) drukten daarop de minister-president nogmaals op het hart een zorgvuldige, wijze beslissing te nemen.

PvdA: tijd is er nog niet rijp voor

Volgens de woorden van Recourt van gisteren is “de tijd nog niet rijp” voor de aanwezigheid van Zorreguieta bij de inhuldiging van Willem-Alexander als koning. “Het regime was omstreden en is dat nog steeds.” Volgens hem ligt de kwestie nog steeds heel gevoelig. PvdA-leider Job Cohen zei vorig jaar nog dat wat hem betreft Zorreguieta wel aanwezig zou mogen zijn.

Gisteren liet Pechtold, net als Andre Elissen (PVV), weten net als Rutte te vinden dat het vraagstuk nog niet aan de orde is.

Vader Máxima was onderdeel van het gewelddadige Videla-regime

De 83-jarige Zorreguieta was in 2002 ook al niet welkom bij het huwelijk van zijn dochter met Willem-Alexander, vanwege zijn achtergrond in het militaire regime van de Argentijnse dictator, de generaal Jorge Videla.

Zorreguieta werd in maart 1976 na de staatsgreep in het land onderminister en in maart 1979 minister van landbouw in Argentinië. Deze functie bekleedde hij tot maart 1981, toen hij een andere baan kreeg.