Roma

Hun aankomst op het centrum, een paar dagen geleden, was niet onopgemerkt gebleven. Een luidruchtige en assertieve groep van ongeveer twintig mannen, vrouwen en kinderen. Roma uit Macedonië. Nu stond een van hen aan de balie: imposante snor, dikke buik en ogen die vuur schoten.

„Wat kan ik voor U doen?”

„Ich will Anna sprechen.” Anna, een collega, was bezig. „Maar misschien kan ik U helpen.” „Ich habe Herzprobleme und ich will Anna sprechen”, herhaalde hij op luide toon. Om zijn verzoek kracht bij te zetten, plaatste hij zijn handen, formaat kolenschop, op de balie. „Het spijt me, maar zo werkt het hier niet.” Er was inmiddels wat onrust onder de wachtenden aan de balie ontstaan en ik vroeg hem mee naar achteren te komen.

Hij bleek een hartkwaal te hebben waarvoor hij in Macedonië medicatie had gekregen. Hier in Nederland wilde hij direct een cardioloog zien. De medische dienst op het centrum had geoordeeld dat het zo’n vaart niet liep en dat er geen bezwaren waren tegen het volgen van de asielprocedure van acht dagen. Daar was hij het niet mee eens. Of Vluchtelingenwerk maar een afspraak met een cardioloog wilde maken. Helaas, dat ging niet.

Daags na het gesprek besloot de minister van Justitie met onmiddellijke ingang de terugkeerpremie voor Roma van ruim 2.000 euro te schrappen. Niet veel later waren alle Roma uit het centrum verdwenen.