Hoe sterk is de zaak van de VS tegen de Iraanse aanslagpleger eigenlijk?

Manssor Arbabsiar is shown in this courtroom sketch during an appearance in a Manhattan courtroom in New York, New York on October 11, 2011. Arbabsiar, 56, who is a naturalized U.S. citizen and holds an Iranian passport, was arrested at John F. Kennedy International Airport in New York on Sept. 29. U.S. authorities broke up a plot by two men linked to the Iranian government to assassinate the Saudi ambassador in the United States, U.S. officials said on Tuesday, escalating tensions between Tehran and Washington. Arbabsiar was ordered detained and assigned a public defender. REUTERS/Jane Rosenberg (UNITED STATES - Tags: CRIME LAW POLITICS) Tekening van Manssor Arbabsiar, een van de verdachten in het 'Iraanse' complot om onder andere de Saoedische ambassadeur te vermoorden. Foto Reuters / Jane Rosenberg

Het verhaal van een slechte film. Zo worden de, door de Amerikaanse autoriteiten verijdelde, aanslagen op Saoedische en Israëlische doelwitten in de Verenigde Staten door critici genoemd. Maar is de zaak tegen een van de verdachten, de Iraniër Manssor Arbabsiar, eigenlijk wel stevig genoeg? Dat vraagt juridisch expert Jeffrey Toobin van CNN zich hardop af in een opiniestuk.

Vorige maand werd Arbabsiar gearresteerd nadat hij contact had gezocht met een lid van een Mexicaanse drugskartel om een aanslag op de Saoedische ambassadeur in Washington te plegen. De man bleek echter een betaalde informant te zijn van de Amerikaanse overheidsorganisatie Drug Enforcement Administration (DEA).

‘Was de DEA-informant wel betrouwbaar?’

Het is een verhaal vol drama, slechte humor en hoog spel, vindt Toobin. En genoeg gaten die in de zaak tegen Arbabsiar geschoten kunnen worden. Allereerst is er de betaalde informant. Die kwam in dienst van de DEA nadat hij of zij een drugs-gerelateerde misdaad ten laste werd gelegd en in ruil voor strafvermindering zijn of haar medewerking verleende aan onderzoeken van de overheidsorganisatie. De verdediging van Arbabsiar kan gemakkelijk deze getuige als “onbetrouwbaar” afschilderen. Toobin:

It’s the kind of description that sets a defense attorney to salivating. The argument for the defense might go like this: “CS-1 -- a crafty and duplicitous drug dealer -- knew he had to land a big fish to work off his beef. So CS-1, not Arbabsiar, concocted this ludicrous scheme to enlist Mexican drug cartels in an assassination on American soil. Jurors should be outraged that the American government is lining up with, and paying American taxpayer dollars to, a crook like him.” And even according to the complaint, it was CS-1 (not Arbabsiar) who came up with the much-ballyhooed figure of $1.5 million as the price to the Iranians for the killing.

Hadden Mexicaanse agenten losse handjes?

Daarnaast zal de ondervraging van Arbabsiar een dankbaar onderwerp zijn voor zijn verdediging. De Iraniër zou wel twaalf dagen lang verhoord zijn door zowel Amerikaanse en Mexicaanse autoriteiten. Volgens Toobin bestaat de kans dat Arbabsiar hierdoor, maar ook door de dreiging van aanstaande aanslagen, niet volledig op zijn rechten als verdachte is gewezen (de zogenoemde Miranda warning - wiki). Toobin:

Recent reports suggest that Arbabsiar may have been questioned for as long as 12 days, and by Mexican as well as American officials. Investigations of this kind present dicey challenges for the American authorities. Above all, U.S. officials want to protect our national security and identify and prevent possible terrorist attacks. The point here is to get information from the suspect and not worry about such niceties as Miranda warnings. National security will always trump law enforcement. But a criminal prosecution operates by very different rules. Miranda warnings are required for suspects in custody, and their statements can be suppressed if there was no Miranda, or some kind of coercion. The potential involvement of Mexican officials (not known for their delicate treatment of suspects) raises other questions. Again, it’s possible, even likely, that these issues will be resolved in the government’s favor, but the pretrial proceedings are likely to be complicated and lengthy.

Zijn veiligheidsdiensten bereid informatie uit spionage-activiteiten openbaar te maken?

Het laatste obstakel in de rechtszaak tegen Arbabsiar zijn de bewijzen tegen hem. Waarom? Omdat naast de DEA ook de National Security Agency (NSA) betrokken was bij het onderzoek naar het moordcomplot. De NSA staat bekend om zijn geheimzinnigheid en het weigeren om bewijzen openbaar te maken met het oog op de nationale veiligheid. En de verdediging van de Iraniër zal alle bewijzen willen inzien, dus ook die verkregen uit mogelijke spionageactiviteiten in Iran. Toobin:

Arbabsiar will likely ask for extensive discovery from prosecutors, including all wiretaps and intercepts where he was recorded or mentioned. It’s common knowledge that the National Security Agency engages in extensive surveillance of Iran, and Arbabsiar will seek all of NSA’s files on him and everyone mentioned in the case. But NSA (nickname: No Such Agency) is famously protective of its secrets and will want to disclose as few as possible to a criminal defendant, much less a suspected terrorist. A law called the Classified Information Procedures Act (CIPA) is designed to allow federal judges to sort out these kinds of issues in advance of trial, but again, these hearings tend to be complicated and time-consuming.

Hoe de zaak afloopt, daarover kan de juridisch expert van CNN alleen maar gissen. Maar volgens Toobin zou een uitspraak nog heel lang op zich kunnen laten wachten.