Zijn we nou echt zo eenzaam, of denken we dat alleen maar?

Elke woensdag een filosofisch dilemma naar aanleiding van de actualiteit.

Vandaag: is eenzaamheid een kwaal van de mens of is het de schuld van het kapitaal?

In het tweede jaar van mijn studie filosofie merkte ik dat mijn nieuw verworven zelfstandigheid, als student op kamers, niet altijd als vrijheid maar ook wel als eenzaamheid kon voelen. Ik studeerde in Amsterdam, en woonde in Utrecht. Iedere dag nam ik de trein naar het Amstelstation en daarna de metro richting Waterlooplein. Bij de Stopera kwam ik bovengronds in de stad van mijn dromen en stak de Amstel over richting de faculteit. En daar, midden op de brug, zat dan steevast dezelfde man met zijn gitaar liedjes van Bob Dylan te zingen. Hij had een vaste hand en een doorrookte stem. Omdat ik op mijn Utrechtse studentenkamer dezelfde liedjes tokkelde identificeerde ik mij met deze dagelijkse verschijning, maar ik zag ook tegen hem op. Hij durfde dat toch maar: zingen voor een wildvreemd publiek in de grote stad. En leefde daar zelfs van. Dát was vrijheid.

Maar op een dag begonnen het dagelijkse ritueel, zijn stem en het eenzijdige repertoire me tegen te staan. De stille bewondering sloeg om in afschuw, eerst voor hem met zijn lange ongewassen baard en altijd diezelfde kleren, en toen voor zijn vermoedelijk eenzame en onvrije lot. Was hij aanvankelijk de spiegel van mijn gedroomde leven geweest, nu weerspiegelde hij de eentonigheid van mijn bestaan: iedere dag boven de boeken, iedere dag alleen in de drukte tussen Amsterdam en Utrecht, iedere dag hetzelfde liedje.

In 2007 werd op basis van vijfentwintig jaar sociologisch onderzoek een schatting gedaan naar het aantal eenzamen in Nederland. Daaruit bleek dat dertig procent van alle volwassen Nederlanders eenzaam is, en tien procent zeer eenzaam. Dat zijn maar liefst drie en een half miljoen eenzamen, van wie ruim een miljoen ernstige gevallen. Wie met het idee speelt een politieke partij te beginnen, raad ik aan deze groep eens wat beter te onderzoeken.

En zo’n onderzoek is niet eenvoudig, schrijven de sociaal wetenschappers Theo van Tilburg en Jenny de Jong Gierveld in Zicht op eenzaamheid (2007), want „eenzaamheid is een subjectief verschijnsel. Het gaat om een persoonlijke beleving”. Het komt voor „onder jonge en oudere mensen, onder zieke en gezonde mensen, onder mannen en onder vrouwen. Eenzaamheid kun je niet zomaar aan iemands gezicht aflezen”. Bovendien zullen mensen door het taboe op eenzaamheid „niet snel toegeven dat zij eenzaam zijn”.

De Nederlandse actrice Georgina Verbaan brak onlangs met dit taboe. Aan persbureau Novum liet ze weten al vaak in haar leven eenzaam te zijn geweest. „Mensen gingen ervan uit dat het goed met me ging, maar dan dacht ik: nee het gaat helemaal niet goed. (...) Die discrepantie tussen de buitenwereld en wat je voelt is dan best wel pijnlijk.” Verbaan deed de confessie op het Nederlands Filmfestival bij de promotie van de Nederlandse film Lotus die vanaf morgen in de bioscoop is te zien. De film verhaalt over de levens van enkele personages die allemaal op hun eigen wijze in eenzaamheid in de grote stad verkeren. „Het is iets wat heel erg breed leeft”, verklaart de scenarioschrijver Philip Delmaar in een interview met de omroep RKK. En juist in onze tijd vindt hij het taboe erop schrijnend, „want er zijn onwijs veel manieren om met elkaar te praten. We communiceren heel veel, en toch...”

Sinds het genoemde onderzoeksrapport uit 2007 zijn er verschillende initiatieven ontstaan om eenzaamheid terug te dringen of in elk geval zichtbaar te maken. Het rapport doet daarvoor zelf ook suggesties: van de ‘Campagne Stop Eenzaamheid’ tot ‘groepsactiviteiten in woonzorgcentra’, ‘lotgenotencontact’ en cursussen ‘zin in vriendschap’. En twee weken geleden werd de landelijke ‘Week tegen de eenzaamheid’ georganiseerd door Coalitie Erbij, een stichting bestaande uit organisaties van KPMG tot het Leger des Heils. Delmaar schreef het script voor Lotus in de hoop dat de bioscoopbezoeker na het zien van de film „iets beter kijkt en ook iets beter op andere mensen let”. Het zijn stuk voor stuk nobele activiteiten, maar zijn het oplossingen voor het probleem?

En wat is eigenlijk het probleem? Dat de sociologen dat antwoord schuldig moeten blijven, wordt duidelijk als je hun definitie van eenzaamheid bekijkt. „Eenzaamheid is de uitkomst van de persoonlijke waardering van een situatie, waarin bestaande relaties worden afgewogen tegen de wensen of standaards die men ten aanzien van relaties heeft.”

Pfff.

U mag hem gerust nog eens lezen, maar feitelijk staat er: we zijn eenzaam omdat ons leven niet voldoet aan onze verwachtingen. Wat hebben we aan zulke conclusies waarin de ervaring van eenzaamheid zelf achterwege blijft en waarin een diagnose wordt gegeven zonder enig zicht op een behandeling van de eenzame patiënt? Moeten we nu onze individuele verwachtingen bijstellen? De algemene standaard aanpassen? Of moeten we gewoon meer contact maken met mensen die de relatiestandaard niet halen? Birgit Schuurman, de actrice die ook een rol heeft in Lotus, probeert het laatste in elk geval. „Ik merk dat ik na de film meer stilsta bij eenzame mensen op straat en dat ik ze ook aanspreek.”

Volgens Jürgen Habermas (1929), de meest invloedrijke Duitse filosoof van dit moment, zijn zulke sociaal-wetenschappelijke onderzoeken de pathologische bijwerking van een maatschappij waarin de alledaagse leefwereld te veel onder druk is komen te staan van een ‘systeem’. In dat systeem bepalen bureaucratie en economie hoe onze wereld eruit ziet, terwijl de alledaagse leefwereld ontstaat door direct contact tussen mensen. We weten allemaal dat het systeem de moderne burger een gevoel van onherbergzaamheid kan geven, bijvoorbeeld wanneer hij op de radio hoort dat een hoogbejaarde man vanwege een administratieve fout twee dagen dood op een toilet blijft liggen van een hoog aangeschreven ziekenhuis.

Maar wat minder in het oog springt, is dat een immens sociaal-wetenschappelijk apparaat gevoelens en normen produceert die eigenlijk in het gesprek tussen mensen onderling tot stand zouden moeten komen. Het neemt alleen de temperatuur van de patiënt (‘In Nederland zijn 3,5 miljoen mensen eenzaam’, of ‘We scoren een 7,6 voor geluk’, et cetera), zonder te kunnen weten aan welke kwaal de maatschappij lijdt. De uitkomst bepaalt niet alleen hoe we denken over ons eigen geluk en onze eigen eenzaamheid, maar het bepaalt ook hoe onze leefwereld eruit moet gaan zien.

Afgelopen zomer dacht D66-gemeenteraadslid Erik Akkermans in Groningen de leefwereld van zijn stad wat op te kalefateren met het voorstel om straatmuzikanten auditie te laten doen. Hij komt hiermee tegemoet aan de ergernis van winkelpersoneel en bewoners uit het centrum die klagen over de geluidsoverlast van dit ‘veredeld bedelen’. Akkermans, die vóór zijn politieke loopbaan directeur was van het Utrechts Conservatorium, zou, zo meldt de Groninger Gezinsbode, „graag zien dat muzikanten en studenten van het Prins Claus Conservatorium actief worden opgeroepen voor deelname” aan de audities. „Ook studentenensembles zouden een sfeerverhogende toevoeging kunnen vormen voor de Groningse straatmuziek.”

Nu heb ik toch weer te doen met die gitarist aan de Amstel, die bureaucratisch zal worden weggeregeld ten behoeve van hoogstaand vermaak voor de eenzame consument, die niet tegen ‘veredeld bedelen’ kan.

De film ‘Lotus’ draait vanaf morgen in verschillende bioscopen.