Pools is altijd emotioneel

Het Pools is een taal die mij nieuwsgierig maakt. Ik spreek geen Pools, geen woord, maar ik kan doen alsof, door de achternamen van Poolse dichters op te sommen als een raadsel: „Szymborska milosz rozewicz, krynicki zagajewski lipska baranczak?” en dan, lachend, een voornaam als antwoord: „Zbigniew!” Mogelijk zijn sommige van die namen niet oorspronkelijk Pools en ik vind hun juiste accenten niet op het klavier. Ik ben de vertalers van Poolse dichters dankbaar.

Sinds 1980 ging de Nobelprijs voor de Literatuur naar twee Poolse dichters en voordien naar twee Poolse eposschrijvers.

Als Belgen het over ‘Polen’ hebben bedoelen ze meestal bouwvakkers. ‘Een Poolse’ is een schoonmaakster.

Er woont een Poolse in België die schrijft en directrice is van het Nationaal Visserijmuseum in Oostduinkerke. Wij zijn bevriend en zij vertelde mij dat het onmogelijk is om in haar taal met de afstand te schrijven waarmee ze dat in het Nederlands kan. Pools is altijd emotioneel.

Daar blijf ik over nadenken. Czeslaw Milosz noemde de naoorlogse Poolse poëzie „ironisch en sarcastisch, met flink wat nihilistisch gegrijns”. Dat soort emoties dan? Het Pools is altijd emotioneel. Mocht ik geen Poolse dichters lezen, zou alles wat ik me bij die uitspraak zou voorstellen, grappig of vermoeiend zijn. Van mijn afstand.

Toen ik vorige week in Wroclaw te gast was, bevestigde een Poolse neerlandica: Pools is altijd emotioneel. Polen houden op een passionele manier van hun taal, van hun literatuur. (Ik telde inderdaad meer boekhandels dan afbeeldingen van de paus.) De Neerlandica verzuchtte dat ze liever meer Poolse en minder Nederlandstalige auteurs zou lezen, want Poolse zijn beter. De afstand is wel even leuk, maar de emotie is sterker. (Ik zweeg afstandelijk.)

De Russen en de Duitsers wilden Polen en het Pools vernietigen, maar volk en taal hielden stand. Het volk klampte zich vast aan zijn taal. De taal was een onderdeel van het verzet en het herstel. Van het overleven.

Wat zich wel makkelijker in een andere taal laat verwoorden is dat de Polen niet tot zelfkritiek in staat zijn, vaak arrogant overkomen en uitblinken in compromisloosheid. Je krijgt in het Pools niet over je lippen dat de Poolse inbreng in een aantal oorlogen uit het verleden misschien eerder tot mislukken gedoemd dan heroïsch was. Daarvoor komt het Nederlands dan wel goed van pas, vond de Poolse neerlandica.