Papa eindelijk uit de kast

scene uit de film Beginners (2010) FOTO: Wild Bunch

Beginners. Regie: Mike Mills. Met: Ewan McGregor, Christopher Plummer, Mélanie Laurent. In: 16 bioscopen. ****

In de liefde zijn we allemaal beginners natuurlijk. Elke keer weer. Daarom kijken we ook zo graag naar romantische films. Of ze nu komisch zijn, of tragisch, of een beetje ongewoon, zoals het semi-autobiografische Beginners van Mike Mills (1966), die een vader en een zoon ten tonele voert die er allebei zo’n beetje hun hele leven op hebben moeten wachten om voor de eerste keer verliefd te worden. Maar nu echt dus.

Zoon Oliver (Ewan McGregor) hoeft daar niet zo lang over te doen als zijn vader (een lekker geaffecteerde Christopher Plummer). Maar daarvoor moest zijn vader wel eerst op hoge leeftijd totaal onverwacht uit de kast komen, vervolgens sterven, Oliver in een depressie achterlaten, waardoor die in zijn wanhoop zelfs met zijn jack russell gaat praten, om dan alsnog, verkleed als een mislukte Sigmund Freud, het meisje van zijn dromen tegen te komen.

Voor wie de vorige film van Mills zag – Thumbsucker (2005) over een adolescente duimzuiger – klinkt de plot van Beginners nog tamelijk normaal. Maar Mills, die net als zijn hoofdpersoon platenhoezen ontwerpt voor progressieve bandjes (en een aantal videoclips regisseerde voor Air, Beck en Moby) behoort samen met zijn echtgenote Miranda July (van wie The Future nog hier en daar in de bioscopen draait) tot de nieuwe generatie ‘quirky’ (zeg maar: buitenissige) regisseurs. Zij kunnen zelfs het meest saaie en alledaagse toch nog een beetje maf en raar laten lijken.

Goed. De liefde dus. En het getob. Dat zijn de vertrouwde elementen van deze charmante en tegelijk wrange kijk op het leven en relaties, rouw, vaders en zonen, en hoeveel er anno nu alweer anders is dan in 1953 (toen de ouders van de hoofdpersoon elkaar ontmoetten) of 2003 (toen zijn vader stierf).

Tijd heelt alle wonden, wil Beginners zo ook maar zeggen. Het zijn zo van die lompe conclusies die weer helemaal subtiel en nieuw kunnen klinken in de handen van filmmakers die zichzelf met de eerlijke zelfspot van Mills en zijn companen onder handen durven nemen. Dat maakt Beginners vooral zo fijn om naar te kijken: de film daagt je nergens echt uit, hij is naïef en liefdevol. Ja, dat kun je ook verwend en ergerlijk vinden. De wereld is niet heel erg groot voor Mike Mills. Maar dat maakt zijn geraffineerde werk met acteurs en zijn zachtaardige humoristische kijk op die alledaagsheid er niet minder aanzienlijk op.

Dana Linssen