Zorgen om schildklier kinderen in Fukushima

Japanse artsen onderzoeken of radioactieve straling die vrijkwam na de ramp met de kerncentrale van Fukushima Dai’ichi in maart van dit jaar heeft geleid tot schildklierafwijkingen bij kinderen.

De artsen zullen zo’n 360.000 kinderen in de regio van de centrale onderzoeken. Kinderen zijn kwetsbaarder voor de straling dan volwassenen. Een niet officieel onderzoek onder 130 geëvacueerde kinderen wees eerder uit dat tien van hen lijden aan hormonale afwijkingen in de schildklier. Het staat echter niet vast dat dit valt te wijten aan de straling.

Veel ouders in de districten in de nabijheid van de centrale, die zwaar beschadigd raakte na de aardbeving en de tsunami van maart, maken zich zorgen. Ze wijzen erop dat na het ongeluk in 1986 met de kerncentrale bij Tsjernobyl 6.000 gevallen van schildklierkanker werden vastgesteld bij mensen die kinderen of adolescenten waren ten tijde van dat ongeval.

De vrees is dat veel Japanse kinderen vooral kort na de ramp in Fukushima aan een te hoge stralingsdosis zijn blootgesteld, ook buiten de evacuatiezone van twintig kilometer rond de centrale. Naderhand bleek dat ook buiten die zone zogeheten ‘hot spots’ bestaan met een beduidend hogere straling.

De bevolking heeft weinig vertrouwen in de overheid. Dat komt onder meer doordat de regering na de ramp de maximaal toelaatbare dosis waaraan mensen per jaar mochten worden blootgesteld, plotseling verhoogde van 1 millisievert tot 20 millisievert. Na veel protesten herstelde de regering de grens voor kinderen tot het oude maximum van 1 millisievert.