Europeanen vrezen klimaatverandering

A thermoelectric plant's cooling tower is seen at the building site of the new 600 MW Unit 6 in Sostanj August 24, 2011. The Sostanj plant is the country's largest power producer and supplies approximately one third of Slovenia's electricity, according to the plant's official website. The new Unit 6 will replace the entire production of electricity from all five old units and its construction will run until 2014. REUTERS/Srdjan Zivulovic (SLOVENIA - Tags: BUSINESS CONSTRUCTION ENERGY) Thermische centrale in aanbouw in Slovenië (foto Reuters)

De eurobarometer peilt niet alleen de mening van de Europeanen, maar impliciet ook het succes van overheden om hun burgers voor te lichten over een onderwerp. Neem nou de nieuwe barometer over klimaatverandering. Een van de stellingen luidt: de strijd tegen klimaatverandering en het duurzame gebruik van energie kan de economie stimuleren en is goed voor de werkgelegenheid.

In Nederland zijn relatief weinig mensen het daarmee eens (71 procent), tegen bijvoorbeeld 92 procent in Zweden en Cyprus en 78 procent in de EU als geheel. Maar liefst 22 procent van de Nederlanders is het zelfs nadrukkelijk oneens met de stelling, alleen in Letland zijn dat er iets meer.

 

Grafiek uit de eurobarometer over klimaatveranderingGrafiek uit de eurobarometer over klimaatverandering

De Nederlandse overheid is er kennelijk niet goed in geslaagd om de ‘vergroening’ van de economie aan haar burgers te verkopen. Hebben ze misschien onvoldoende kunnen laten zien wat de winstmogelijkheden van een duurzame economie zijn?

Verder is de meest opmerkelijke conclusie van de klimaatbarometer (onderzoeksperiode in juni van dit jaar) dat Europeanen zich meer zorgen maken over klimaatverandering dan over de economische crisis. Alleen armoede, honger en tekort aan drinkwater worden als een groter probleem gezien.

Eurocommissaris Connie Hedegaard zei in een reactie op de cijfers:

‘Dit stemt me hoopvol! Dit onderzoek bewijst dat de Europese burgers beseffen dat we niet alleen aan de economische problemen moeten werken. Een grote meerderheid van de Europeanen wil dat de politici en bedrijfsleiders de grote klimaatproblemen nu aanpakken. Het is opvallend dat de bezorgdheid over de klimaatverandering nu zelfs groter is dan in de aanloop naar de klimaatconferentie van Kopenhagen. Dat meer dan drie vierden van de Europeanen een betere energie-efficiëntie beschouwen als een manier om nieuwe banen te creëren is een sterk signaal voor de Europese beleidsmakers. Deze enquête is voor mij een sterke aanmoediging om als Commissie te blijven ijveren voor ambitieuze en concrete klimaatmaatregelen in Europa.’

De meeste ondervraagden vinden dat overheid en bedrijfsleven verantwoordelijk zijn voor de oplossing van het probleem. Slechts een op de vijf noemt de eigen verantwoordelijkheid (Nederland zit zo’n beetje op het Europese gemiddelde).

Toch heeft 60 procent van de Europeanen zelf wel actie ondernomen, al beperkt zich dat voornamelijk tot het scheiden van afval en het proberen zo min mogelijk afval te produceren. Maar vermijden van een vliegtuig gebruik te maken bij reizen over korte afstand gebeurt zelden (9 procent) en ook bij de keuze voor een nieuwe auto laat slechts 10 procent van de Europeanen zich leiden door de vraag of die energiezuinig is.

Nederland valt op doordat relatief veel mensen (19 procent) overstappen naar een energieproducent die meer gebruik maakt van duurzame energie. Zo blijkt dat voor energieproducenten duurzaamheid in ieder geval economisch juist wel rendabel kan zijn.