Enorm verkeersinfarct verstopt de Donau

Oude Duitse oorlogsschepen, mijnen, en nu ook nog laag water: tientallen schepen lopen vast op de benedenloop van de Donau. ‘Dit is nu de grootste file van Europa.’

In het stroomgebied van de Donua, na de Wolga de langste Europese rivier, was de zomer niet nat, maar droog. Van Zuid-Duitsland tot aan de Zwarte Zee is sinds juni bijna geen druppel gevallen. De lage waterstand leidt op de laatste duizend kilometer, in Servië, Roemenië en Bulgarije, tot een enorm verkeersinfarct.

Problemen op de lange vaarweg komen letterlijk aan de oppervlakte. In Prahovo, een Donauhaven in Servië, steken door de lage waterstand de roestige boegen van een Duitse oorlogsvloot uit de Tweede Wereldoorlog boven het water uit.

De Duitsers bracht daar in de zomer van 1944 zelf een vloot tot zinken om te voorkomen dat oorlogmaterieel in handen kwam van de oprukkende Russen en partizanen. Nog liggen 22 Duitse vaartuigen op Servische rivierbodem, en meer dan honderd aan Roemeense kant.

Het is een erfenis waar je meestal geen erg in hebt. Ervaren Donauschippers navigeren er al decennia omheen. Zoals ze ook langs de ondiepe delen slalommen, en ervoor waken hun anker uit te gooien op een van de acht Servische locaties waar mogelijk nog niet-geëxplodeerde bommen van de NAVO-luchtaanvallen in 1999 in de rivier liggen.

De vaarweg is goed aangegeven, verzekert kapitein Srecko Nikolic die in Prahovo voor het ministerie van Infrastructuur werkt. Voorwaarde om verder te varen is wel dat er genoeg water in de rivier staat.

Tot aan Prahovo gaat het goed, dankzij twee stuwdammen uit de jaren zestig. Daarna begint, in de woorden van Nikolic, „de grootste verkeersopstopping in Europa van dit moment.”

Door de lage waterstand komen vrachtschepen met een diepgang van meer dan 1,70 meter nauwelijks verder. Hink-stap-sprong tot aan de Zwarte Zee, zevenhonderd kilometer lang langs droge gele uiterwaarden. Tientallen zijn de afgelopen weken vast komen te zitten in zandbanken, honderden vrachten zijn vertraagd of overgeladen in treinen en trucks.

Veel schippers blijven thuis, om te voorkomen dat het ze vergaat zoals de Anton, een binnenvaartschip met duwbak onder Duitse vlag, dat al een maand aan de kade in Drobeta Turnu Severin ligt, een relatief grote Donauhaven in Roemenië. De Roemeense bemanning, een handvol mannen op badslippers en in shorts, houdt zich onledig met kleine reparaties aan boord en wachten op regen, vertelt kapitein Ion Ionescu. In het voorjaar stroomt in Dobreta Turnu Severin tienduizend kubieke meter water per seconde langs. Nu maar tweeduizend, een vijfde.

Kwaad worden heeft geen zin. De omzet van zijn Duitse werkgever is er dit jaar al dertig tot veertig procent lager door, vertelt hij. En de voorspelling is dat de problemen nog even aanhouden.

De droogte is uitzonderlijk, maar het zou veel verschil hebben gemaakt als de vaargeul tussen Roemenië en Bulgarije was uitgebaggerd, geeft Ovidiu Isaila van de haven in Drobeta Turnu Severin schoorvoetend toe in de controletoren.

Waarom dat niet gebeurt? Na aandringen: „Geen geld.” Zoals voor wel meer in Roemenie. De zandkorrels zijn fijner dan elders in Europese rivieren. Dat maakt uitdiepen duurder. Voor de diepe vrachtschepen die bijvoorbeeld op de Rijn varen, is de Donau nooit goed begaanbaar.

In Europese vergezichten en beleidsplannen is de Donau een van de pan-Europese corridors. Logistiekexperts verwachten dat de Roemeense haven bij Constanta uitgroeit tot een belangrijke toegangspoort voor Zuid- en Oost-Europese markten. Onder Hongaars voorzitterschap nam de Europese Commissie dit jaar een heuse Donau-Strategie aan – zonder extra geld, wat de plannen meteen al weer een beetje deed verdampen. De droogte doet nu de rest.

De rivier heeft een groot verval. In de meeste delen van Duitsland en Oostenrijk is ze met sluizen en baggeren bevaarbaar gemaakt. Hoe verder stroomafwaarts, des te groter de kans op droogte en overstromingen. Des te minder geschikte havens ook, en des te slechter de aansluitingen op wegen en spoor. Roemenië en Bulgarije blijven de EU-landen met de minste kilometers snelweg.

Decennialang was de rivier hier boven alles een grens, bedoeld als obstakel. Ten tijde van Ceausescu probeerden mensen er met gevaar voor eigen leven overheen te zwemmen, naar de relatieve vrijheid van Joegoslavië.

Het verhaal van de Donau kun je ook vertellen door bruggen te tellen. In en om de Hongaarse hoofdstad Boedapest, waar de Donau dwars doorheen gaat, zijn er alleen al zeven.

Tussen de twee EU-landen Roemenië en Bulgarije, een grens van 700 kilometer, is tot nu toe één brug. Het duurde jaren voor Bulgarije en Roemenië het eens werden over een tweede. Roemenië wilde die zo plaatsen dat verkeer een groot stuk door Roemenië zou moeten. De Bulgaren wilden een route die zo snel mogelijk van hoofdstad Sofia naar West-Europa voert.

Bulgarije won. Volgend jaar moet de tweede Donaubrug, tussen de Bulgaarse stad Vidin en Calafat in Roemenie, worden geopend.